Een eerbewijs aan Professor C. Veenhóf
1983-06-24
Een stukje geschiedenis- Jaargang 27
- nummer 25
Tot tweehonderd jaar geleden nam de vader nog ontwijfelbaar de positie van gezinshoofd in. Romans spelend in die tijd en geromantiseerde documentaires over belangrijke gebeurtenissen uit die periode op uw televisiescherm Zaten duidelijk zien dat het oppergezag over de opvoeding bij hem berustte: Vaders wil was uiteindelijk wet. En dat laatste in veel grotere mate dan de wil van de moeder. Tussen haar en de kinderen was een gemeenzaamheid die juist door haar grootheid en tederheid minder geschikt was om dat gezag te belichamen. Temeer omdat dat gezag juist 'niet beredeneerd moest worden - vond men tot rond 1790. Dat was 3 jaar vóór de Franse Revolutie, waarin het gezag van koning, baas en kerk omvergeworpen werd.
Sindsdien ging de ontluistering van de vader als opvoeder steeds sneller.De rol van de moeder in de opvoeding werd steeds beter onderzocht. We weten nu - anno 1983 dat haar warmte wederwarmte bij het kind wekt. De vader is vreemd (?) genoeg een bijna vergeten figuur: in 1890, dat is dus 100 jaar later dan de Franse Revolutie, heet het eerste hoofdstuk van een pedagogisch boek over de vader in het gezinsvoedingsproces "een vergeten hoofdstuk". Er wordt door de beoefenaren van de wetenschappen die de mens bestuderen zelfs al gesproken van een "vaderloze cultuur", Ga je nu in de boeken duiken, dan merk je op dat dat vaderschap echt niet zomaar of per ongeluk is vergeten. Onder de wetenschappers bestaat een aanwijsbare agressie tegen de vader als opvoeder. Hij wordt gezien als een verwerpelijk vertegenwoordiger van alles wat riekt naar absolute, d.w.z. altijd geldende waarden en vooral traditionele normen.
"Stelen mag niet" is m'n norm me dan ook geldt voor rijken en armen, in plaats van tegenwoordig alleen voor de rijken te gelden.
Waarom?
Wel eenvoudig: dat staat GESCHREVEN in de Bijbel.
Onderscheid maken tussen verschillende SOORTEN kerkleden mag ook niet: in de kerk zijn er geen priesters en geen leken!
Waarom niet?
Wel er is iets GEBEURD in de geschiedenis dat :zoiets verbiedt: een voorhangsel tussen het Heilige.
en het Heiligende Heilige scheurde van boven naar beneden. Tegenwoordig mag geen discriminatie gemaakt worden op grond van ras, huidskleur enz., echter weer wel op grond van politieke overtuiging.
De vader wordt door de beoefenaars van de menswetenschappen gezien als vertegenwoordiger, als symbool van "Er staat geschreven" en "Er is geschied", en dat mag niet. Mensen die veelvuldig in hun redeneringen gebruik maken van wat niet mag of juist weer wel moet, omdat het zo staat in de Bijbel 'of blijkt uit de heilsgeschiedenis spelen een vaderrol of vervullen een vaderfunctie. Vooral na de laatste Wereldoorlog in Nederland - en zeg maar gerust na de kerkscheuring van 1944 wordt zoiets afschuwelijk verfoeid: weg met die veréénZELViging van de vaderfunctie met die absolute waarden en normen. Er valt letterlijk! goud te verdienen met boeken, films en toneelstukken waarin dat belachelijk gemaakt wordt. Duidelijke voorbeelden hiervan zijn uit de vorige eeuw al: Charles DarwIin (de "uitvinder" van de evolutie -hypothese), Karl Marx (juist ja: de uitvinder van' het gevleugelde woord: "Proletariërs aller landen, verenigt u!" en "Godsdienst is opium van het volk"), Freud en in onze eeuw de studenten aansprekende Marouse, '
Van Freud wilde ik een anecdote doorgeven die m.i, duidelijk laat men waarom hij en vele anderen zo negatief over de vaderfunctie of -figuur oordeelden. Tijdens een congres in München over psychische ziekten in 1912 (dus nog voor de Eerste Wereldoorlog) werd het gesprek op de in het oog vallende Farao Amenophis IV gebracht. Deze farao was zo bijzonder, omdat hij het veelgodendom van zijn tijd in Egypte wijzigde ineen monotheïseische godsd4enst en ,dat op eigen gezag en tegen de wil van de oppermachtige priesterkaste in, met alleen de zon als god (Aton). Rond 1375 voor Christus veranderde hij zijn naam in Echnaton (zoon van de zon). Tot nu toe nog niets bijzonders.
Anders wordt het als op dat congres ter sprake komt dat Echnaton op de koningszuilen van zijn voorgangers verspreid door het gehele land, maar vooral die van zijn vader Amenhotep, de namen van zijn' voorvaderen verwijdert en zijn eigen naam en in laat beitelen.
Zoals u misschien weet worden in het. Egyptische hiëroglypbenschrift koningsnamen omgeven door een rechthoek met afgeronde hoeken, een z.g. cartouche. Enkelen beweren nu op dat congres dat Echnaton dat deed ten gevolge van zijn negatieve Instelling' ten opzichte van zijn vader; anderen menen dat achter zijn schepping van een onotheïstisehe godsdienst een' vader- ' complex schuil gaat. Ook al niet zo positief dus. ' Cart Gustav Jung (1875 tot 1961), een zeer zelfstandig werkend psychiater, die veel contacten had met Freud 'en 'andere leidende personen van de INTERNATIONALE psycho-analytische beweging, hinderde dit en trachtte duidelijk te maken dat Echnaton in die tijd zonder onze bijrondere godsopenbaring - een scheppend en bijzonder religieus man was geweest wiens woorden en daden niet uit persoonlijke weerstand of zelfs haat tegen zijn "ader konden worden verklaard.
Zijn vernietigingsdrang richtte hij tegen de naam van de god' Amon van vóór zijn tijd als koning, waar hij geen aanhanger meer van was.
Die godsnaam liet hij overal, en dus ook uit de cartouches van zijn vader (die naar die god genoemd was) Amen-hotep verwijderen. Het belangrijkste argument vond Jung ' dat Echnaton wij pleitte van vaderhaat of vadermoord zelfs, was dat ook andere farao's de namen' van hun werkelijke of goddelijke voorvaderen op monumenten en beelden door hun eigen naam vervingen, omdat zij zich hiertoe als incarnaties (belichamingen) van, dezelfde god gerechtigd achtten.
Deze farao's hadden echter noch een nieuwe stijl in de kunst, noch een nieuwe godsdienst gesticht.
Conclusie? Echnaton deed wat hij doen mocht, als zoon van de godheid en had dus een positieve, in plaats van een negatieve verhouding tot zijn vader.
Op dit moment zinkt Freud bewusteloos van, zijn stoel. Hij kan het idee NIET verdragen dat er ook maar IETS positiefs zou zijn aan de vaderfiguur. Nog terwijl, Jung hem naar een divan in een aangrenzende kamer draagt, komt Freud gedeeltelijk bijen kijkt in hulpeloosheid naar Jung op alsof die zijn vader is!
Conclusie
Dit lijkt me een te duidelijke vingerwijzing te zijn die de agressie tegen de vader figuur of vaderfunctie kan verslaren. men wil niet hulpeloos of afhankelijk zijn en denkt dit te bereiken als men zich onafhankelijk van anderen kan opstellen. Die afhankelijkheid geeft een te groot gevoel-van eenzaamheid en dat is niet leuk. 1)
Is het onmogelijk om onafhankelijk te zijn, dan wordt gegrepen naar het zich onafhankelijk VOELEN op een negatieve, eerst de ander en daarna zichzelf vernietigende, manier.' Dat geldt niet alleen voor Freud, maai ook voor Kar! Marx. Van hem is in ieder geval bekend dat zijn verhouding tot zijn vader niet erg positief genoemd kon worden: Marx was met bereid het door zijn vader gegeven geld beter te besteden. Evenmin volgde hij zijn vader in diens raad zijn meisje op een met de christelijke naastenliefde overeenkomende manier te behandelen.
De breuk met Freud kwam voor Jung met veel later, toen C. G. Jung in zijn hoofdwerk zijn ideeën publiceerde die juist een positieve verhouding tot de vaderfiguur inhielden.
Voor Freud was zijn autoriteit op psycho-analytisch gebied van groter waarde dan de liefde tot de waarde, ondanks Jungs verering van Freud als vader.
Terug naar de vader en de moeder.
Zou nu werkelijk alleen de moeder een goede invloed hebben op het kind en de vader pas, als , hij in het voetspoor van zijn vrouw loopt? Als je 'soms om je heen, naar de t.v, of de film kijkt, .zou je dat wel denken!
Buitenaards
Een sprekend voorbeeld van zo'n film waar de vader m'n bijna vergeten figuur blijkt te zijn geworden is die onder titel "ET.
Extra- Terrestnal", juist deze weken in Nederland draaiend en onderwerp van bespreking, Fantastische, suggestieve beelden, mooi van kleur en goed door een sprekende cameratechniek, ontroerend vooral voor de jeugd, in het ' geheel niet anti - het vaderlijke en desondanks juist in zijp sfeertekening onthullend.
Vader is nog met vergeten, blijkt echter zijn gezinnetje door zijn weglopen met een andere vrouw
naar Mexico zo ogenschijnlijk met diepgaand te hebben beïnvloed.
Het dagelijks leven gaat door: de koelkast blijft goed voorzien, de kinderen vormen met elkaar een gemeenschap in Staat tot spel en wederdienst. Ben extra schrapje op het tere kinderzieltje is er bijgekomen, en wat dan nog denkt de naïeve toeschouwer. Als vader was gestorven, hetzij nu of op latere leeftijd, dan was hetzelfde beeld ontstaan als nu.
Dat' de hoofdpersoon ontstellend veel poppen heeft, is nog daaraantoe en behoeft niet persé negatief gezien te worden voor een jongen, Ook meisjes spelen wel eens met treintjes kan je denken, Het kan toch een uiting van fantasie zijn, nietwaar? Dat de moeder er met een oudste jongen van een jaar of veertien, vijftien erg 'jeugdig uitziet, zij haar gegund. Een sterke erfmassa is nooit weg en mooi zijn is geen zonde, wel? Een figuur hebben als een 25-jarige met zo'n oudste is' om jaloers op te zijn!!
Na vele wederwaardigheden, waarin de spontane, creatieve en goede eigenschappen van' de kinderen duidelijk getoond worden, blijken zelfs de volwassenen wel het buitenaardse wezen in hun macht te willen hebben, echter niet door moordlust bezield te zijn zoals in vele andere Science fiction-lectuur.
Die spontane, creatieve en goede eigenschappen blijken trouwens duidelijk versterkt te worden door "E.T.": onderling jouwen tussen leeftijdsgenoten neemt af, behulpzaamheid neemt toe, medegevoel, medelijden, het vermogen je zin door te drijven enz. Teveel om op te noemen.
De vaderfiguur die dan uiteindelijk de film weer binnenwandelt, sluit zich bij het streven van het groepje aan en blijft zelfs (letterlijk!) achter de moeder staan als hoofdpersoon en "E.T." afscheid nemen, beiden hun individualist bewarend en eigen leefwereld' aanvaardend.
In gedachten en herinneringen zullen zij voortleven bij elkaar. Een close-up van een warm kloppend hart sluit;t de film en een brok voelbare emotie in de zaal af: de tranen van de kinderen zijn gedroogd, het snikken opgehouden!
Of ik me als vader jaloers voel?
In het geheel niet, in rond twee uur wordt een stukje opvoedingsmogelijkheid geboden van een voor het kind onverdachte zijde, waar ik (èn andere vaders) een veelvoud van die twee uur voor moet beïnvloeden.
Als u die film ook al gezien hebt, zult u eveneens "E.T." vergelijken met Jezus Christus zoals mijn vrouw deed.
Waarom de vlucht van bet B.T.-ruimteschip naar .de aarde in' het begin van de film plaatsvond, 1:S niet te zeggen, behoedt volgens de makers van de film geen beantwoording: de belevenissen en gevoelens, daden en hulpzaamheid nu zijn het belangrijkst. Daarbij kunnen absolute normen en waarden gemist worden, net als hun vertegenwoordiger.
Autoriteit wordt alleen nog geaccepteerd als die dienstbaar is aan een grotere groep; tegen die groep in wordt ze verfoeid, is de conclusie die we kunnen trekken uit het verhaalde over Freud en het verfilmde over B.T. Tóch lijkt me hier de oplossing van het probleem te liggen: autoriteit mag niet in de plaats komen van de Liefde tot de waarheid.
Een groep heeft toch niet altijd gelijk? Komt autoriteit wel in de plaats van de liefde tot 'de waarheid (zoals bij Freud), dan is er sprake van jaloersheid, Waar dat toe kan leiden, is in de Paastijd toch wel bekend!
De kern van elke jaloezie is gebrek aan liefde, die de ander niet vrij kan laten. Die jaloezie was in E.T. niet te zien.
Jaloersheid
Als gebrek aan liefde zich inderdaad uit in jaloersheid, kan dan gezegd worden dat Liefde zich altijd uit in het afwezig zijn van jaloersheid? Ik dacht van wel en denk dan' vooral aan het grote voorbeeld dat de Here Jezus ons gegeven heeft en aan het navolgen waarvan wij nooit zullen toekomen, Ben veréénzelving tussen een Zoon en Zijn Vader die zijn weerga in de geschiedenis niet heeft en niet meer zal krijgen ook. Deze band heeft onze Here Zelf ook natuurlijk gevoeld, Hij lééfde er uit!
wat door Hem werd uilgedrukt in de bekende woorden: "Mijn spijze is te doen de wil van de Vader in de hemelen". Afhankelijkheid ten top! Zoiets behoort ook bij een Zoon me het zegel (als slaaf) van de Vader heeft opgedrukt gekregen: Joh. 6 : 27.
Dat DOEN was hem ernst, getuige de als eis geformuleerde woorden uit Matth. 5: 17-47, een eis waartoe Hij Zelf volkomen bereid was. De Heer maakte ook ernst met de erop volgende en ermee verbonden belofte: "Gij dan zult volmaakt zijn, gelijk uw Hemelse Vader volmaakt is". Geen zedelijke, als wel een religieuze volmaaktheid die in de Schrift altijd inhoudt een gericht-zijn op God en het Zijn geboden witten doen.
Zullen we in het vervolg i.v.m. de Here Jezus maar beter niet kunnen spreken van orthopraxie als zuiver in bet doen" (Lucas -23 : 46)? Want was (het aanhangen -van) de leer niet (het aanhangen van) de Heer? Zie hiervoor de Heidelbergse Catechismus Zondag 1 en ook antwoord 64.
Een volgende keer graag het schetsen van de konsekwenties hiervan voor opvoeding en onderwijs.