Verantwoorde hoop
2011-09-16
Verantwoorde hoop is het vierde deel, een opstellenbundel over apologetische thema’s, van een reeks die wordt uitgegeven door de Theologische Hogeschool van de Gereformeerde Bond.- Jaargang 55
- nummer 18
De redactie is in de handen dr. J. Hoek.
Apologetiek
Op heldere wijze geeft Robert Doornenbal een inleiding in wat de Bijbel leert over apologetiek. Het woord komt voor in 1 Petrus 3:14, waar staat dat we altijd bereid moeten zijn om verantwoording (apologia) af te leggen van de hoop die in ons is. Doornenbal beschrijft vier manieren waarop dat gebeurt in onze tijd. Daarna komen er hoofdstukken waarin echt ‘apologetische’ vragen worden besproken. Kan je God bewijzen? (door Gijsbert van den Brink), God en het lijden (Arjan Markus), Is Christus ‘waarlijk’ opgestaan?
(Benno van der Toorn), Bestaan er wonderen? (Hoek), Wat is er mis met de ‘andere’ religies? (Paul Visser) en Is God een rem op zelfverwerkelijking?
(Arjan Plaisier).
Terugblik
Ik betrap mij erop dat ik bij de beoordeling en bespreking van dit boek ook mijzelf tegenkom. Dit boek geeft ‘eerlijke antwoorden op eerlijke vragen’, heel terdege en soms verrassend. De term komt van Schaeffer, en l’Abri staat erom bekend, maar tegelijk vroeg ik mij af wat er nu vandaag anders is dan veertig jaar geleden toen l’Abri begon. Die verandering beïnvloedt ook de beoordeling van dit boek. Veertig jaar geleden heb ik het als een soort van bevrijding ervaren dat je in Huemoz in l’Abri een sfeer aantrof van openheid, waarin je je veilig genoeg voelde om al de vragen die je bij het opgroeien kreeg, te stellen. Het waren vragen die bij het openbreken van een gesloten sociale samenleving de eigen zekerheden ondermijnden, maar ook de basispunten van het christelijk geloof zelf, met als meest schokkende vraag: bestaat God wel? In de begintijd van het l’Abri-werk in de zeventiger jaren draaiden veel gesprekken rondom deze basisvragen, met gangmakers als Sartre en Camus, Picasso en popmuziek. In de tachtiger en negentiger jaren werden de vragen veel praktischer. Het ik-tijdperk deed zijn intrede, gericht op welvaart, keuzevrijheid en persoonlijkheidsgroei.
Waarheid
Nu in het eerste decennium van deze eeuw heeft het postmodernisme definitief toegeslagen. Waarheid is relatief.
Er is geen probleem echt opgelost en wereldwijd volgt de ene crisis op de andere. Ik moet denken aan de drie vragen die de grote filosoof Kant aan het begin van de moderne tijd bezighielden: ‘ wat kan ik weten?’, ‘wat moet ik doen?’ en ‘wat mag ik hopen?’ Sinds de zestiger jaren zijn wij door die drie fasen heen gegaan. Iemand drijven in de consequenties van zijn/haar eigen denken, ik maak het nog maar zelden mee. Ook het meer praktische van het ik-tijdperk: wat voel ik, wat doe ik? is nu meer geïntegreerd in een houding van: wie dien ik ermee, wat draagt het bij aan de toekomst? Welke toekomst? Wat mag ik hopen?
Tinteling
Nu zult u misschien zeggen: dan is dit boek precies in de roos. Wie dat denkt, moet ik teleurstellen. Het gaat in dit boek meer over ‘wat kan ik weten?’ dan ‘wat mag ik hopen?’ Toch ben ik erg blij met dit boek. Het geeft duidelijke en zeker ook ‘eerlijke’ antwoorden op die vragen die blijvend de kop opsteken.
Tegelijk: de tinteling die de vragen bij mij hadden veertig jaar geleden is er nu een beetje af. Of geldt dat alleen voor mij persoonlijk? Ik denk het, want tegelijk besef ik dat dit soort vragen altijd weer zullen bovenkomen. Ze horen bij de vorming van iedere christen tot volwassenheid een plek te krijgen.
Wie zich door dit boek laat leiden is zeker goed af, want zoals ik al schreef naast klassieke antwoorden zijn er ook verrassende vondsten.
Zoals de typering teerpop-argument.
Een teerpopargument speel je een ander toe, maar ze blijft ook aan je eigen handen kleven. Neem de stelling: ‘Er is geen absolute waarheid’. Als die stelling universeel waar is, is de stelling zelf dus ook relatief. Dat noem je een teerpopargument. Het kleeft jezelf aan.
Geloven is projectie, is ook een teerpopargument.
Wat mag ik hopen?
Ik heb de indruk dat de nieuwe generatie christenen, inderdaad het meest geïnteresseerd is in de vraag: wat mag ik hopen? Zij zijn vrij ontspannen onder het feit dat zij een minderheid zijn in een niet christelijke samenleving, zij denken niet dat rationele argumenten het tij zullen keren, maar zij willen wel verschil maken en laten zien hoe de hoop op het koninkrijk hen inspireert.
Die hoop wordt ijdel als zij de vragen die in dit boek aan de orde komen niet aandurven. Dus lees dit boek eerst, maar ga dan verder met de vraag: wat mogen wij hopen voor een wereld in nood? Oog in oog met een wereldwijde financiële crisis, met een opkomende islam, met de dreiging rond Jeruzalem, aardbevingen en global warming.
Het boek Verantwoorde Hoop vraagt om een vervolg. Het is onderdeel van een serie. Dus waarom geen tweede deel over deze problemen uitgegeven met daarin de nadruk niet op het eerste woordje Verantwoord, maar op het tweede: Hoop!?
Hoek, J. (red.) (2011), Verantwoorde hoop. Apologetische thema’s. Jongbloed Heerenveen. 275p. €14,95.
Drs. Wim Rietkerk is verbonden aan l’Abri Nederland en is emerituspredikant van de NGK Utrecht.