Een week in Lausanne
1983-01-14
Van 28 december tot 2 januari j.l. werd in Lausanne een grote christelijke konferentie gehouden.- Jaargang 27
- nummer 2
Palais de Beaulieu, een gigantisch "jaarbeurscomplex", werd gevuld door zevenduizend jongeren uit bijna alle landen van Europa. Pieter van Kampen was er ook. Van hem dit verslag.
Een paar honderd mensen vormen een lange keten die door de zaal slingert. Buiten zeker zo'n groot aantal; mensen uit zo'n twintig verschillende landen hebben elkaar bij de hand genomen en vieren de komst van het nieuwe jaar.
Zegge en schrijve één vuurpijl wordt gelanceerd, maar vooral Noren en Portugezen laten wat van hun folklore zien. De Noren voeren, begrijp ik, een “houthakkersdans" uit; of de Portugese dans ook een naam heeft kan ik hoogstens vermoeden.
"Oud en Nieuw" in Lausanne wordt om half één 's nachts gevierd. Eerder was er geen gelegenheid toe; toen zaten we nog met elkaar in de grote zaal, nr. 54. Het werd een andere en (mag ik het zeggen?) wáárdiger jaarswisseling dan ik wel eens heb meegemaakt! Geen oliebollen (dat was wel een hard gelag), geen Wim Kan op de televisie, geen familiebezoek. Wèl: wat een bijeenkomst van mensen uit zo'n 20 Europese landen, die bijeen waren om over mogelijkheden, moeiten en uitdagingen van zendingswerk na te denken.
Hoe was het in Lausanne? Op het gevaar af dat de lezers me een “zwever" zullen noemen (wat ik, hoop ik, niet ben) toch maar dit antwoord: onvergételijk, indrukwekkend, "kostbaar". Want zo heb ik het ervaren, en met mij heel wat anderen, naar ik heb gemerkt. Daarom een poging u hiervan iets te vertellen én ook de hoop dat enigszins objectief te doen.
Wat was er dan zo bijzonder aan?
Daar kunnen meerdere antwoorden op worden gegeven. Laat ik wat redenen noemen, die mij - mogelijk zeer persoonlijk, waarschijnlijk zeer subjektief - wat hebben gedáán.
Kosmopolitisch
Allereerst het kosmopolitische van het geheel. Naar ik heb vernomen, waren er op een gegeven moment zo'n kleine veertig nationaliteiten vertegenwoordigd. Een kleine vierhonderd Nederlanders, een paar honderd Belgen, een groter contingent Britten. Alle Noord-Europeanen, de Finnen niet uitgezonderd, waren in behoorlijk groten getale aanwezig.
Naast een reusachtig aantal Duitsers, Fransen en Zwitsers, had je de vertegenwoordigers uit landen die je op zo'n "evangelisch" (protestants) congres nauwelijks zou verwachten.
Zo'n driehonderd Grieken; ze hadden ruim twee etmaal in de bus moeten zitten. Een kleine tweehonderd Joegoslaven; zij hadden, om überhaupt het land uit te mogen, per persoon tweehonderd gulden moeten betalen. (Zoals elk land van "socialistische" snit heeft men ook daar deviezen nodig.) Daarnaast dan nog de sprekers: een Zwitserse die in Angola had gewerkt, een Amerikaan die in communistisch China woonde, een Griek die op Nieuw-Guinea had gewerkt, op de video een Britse die in Zaïre had gezeten, een Griek uit Zweden - zelfs Indiërs uit India, Filippino's uit de Filippijnen! Maat ook een Nigeriaan, een Guatemalteek. Enzovoort.
Organisatie
Met dat alles de verwondering over de organisatie. Laten we hopen dat sommige christelijke organisaties beter weten te bidden dan ze blijk geven van organisatorisch talent... Ik heb wel eens wat meegemaakt!
Maar hier, alles nagenoeg feilloos. Een (erg kostbare) eidofoor boven het podium, waarop iedereen sprekers, vertalers, video-presentaties, zangers en musici prima kon zien. Een aantal hooggekwalificeerde cameramensen en geluidstechnici die voorbeeldig werk deden. Dan koks en "uitdelers", die steeds binnen een uur tijds zevenduizend mensen wisten te voederen. Een groep van zo'n 50 tolken, die dagelijks precies aangegeven kreeg wat te vertalen en waar te zitten; die de verhalen op schrift voor zich had liggen en via een gekompliceerd geluidssysteem de boodschap in de gewenste taal in het goede paar oren wist te krijgen. Als lid van dat tolkenteam (er waren er zes voor de Nederlandse equipe) heb ik ietwat achter de schermen mogen kijken: wat was alles optimaal geregeld!
De Kerk inde Wereld
Belangrijker nog: wat werden we uitvoerig - voor sommigen mogelijk wat vermoeiend - ingelicht over de situatie van "de Kerk in de wereld". We hoorden welke problemen èn uitdagingen er zijn, als men moslim-immigranten in Londen met het Evangelie van Christus wil bereiken.
Ook hoezéér het nodig is dat er nog steeds jonge Europeanen naar Oost-Azië gaan en waarom die noodzaak er nog steeds is. De invloed van goeroe-bewegingen werd uit de doeken gedaan, we hoorden van ontwikkelingen in Midden-Amerika, waar "evangelicals" soms tot invloedrijke posities zijn doorgedrongen. De kerk in China werd onder de aandacht gebracht, net als vragen betreffende de relatie Hindoeïsme-
Christendom. Op vele wijzen en via verschillende media is niet alleen onze "eigen parochie", maar vooral onze opdracht te gaan "tot de einden der aarde" beklemtoond. Een uitstekende serie Bijbelstudies over de persoon en het werk van Nehemia startten het programma iedere morgen. De opsomming is lang niet volledig.
Geen defaitisme
En in dit alles werd duidelijk dat defaitisme niet bij de Kerk van Christus past. Inderdaad, op heel wat manieren werd gesteld dat de taak om "de wereld te bereiken" uiterst zwaar is, maar - ook dat werd steeds gezegd - het is niet onmógelijk! Er is echter visie voor nodig, veel gebed, de bereidheid om als christenen samen te werken, het belang van de Zaak te stellen vóór allerlei belang van kerkgenootschap of zendingsorganisatie. "What have Southern Baptists (een grote kerk uit het zuiden van de Verenigde Staten, PvK) got to do in Northern Japan?", vroeg zendingsman Michaël Griffiths uitdagend aan zijn gehoor. Hij wees op de noodzaak om als christenen bijeen te brengen in plaats van te verdelen; een passage uit Nehemia illustreerde de urgentie om als volk van God de eenheid te zoeken.
Nabetrachting
Hoe was het dus gesteld met die konferentie in het sneeuwloze Lausanne? Een uitgelezen gelegenheid om mensen te ontmoe-ten: gewone mensen, bijzondere mensen, bijna steeds diepgelovige mensen! Sommigen met boeiende verhalen over ervaringen ver weg of dichtbij, anderen nog helemaal aan het begin van hun loopbaan.
Door de wol geverfde zendingswerkers, maar ook jonge mensen, die een soort “zendingsverkenningstocht" hadden ondernomen, om te zien of zendingswerk tot hun mogelijkheden zou behoren. Gewone gemeenteleden uit Lausanne, die hun auto een week lang ter beschikking van het congres hadden gesteld - als tolk kon je over een auto + chauffeur beschikken, als je dat echt nodig had; (kosten werden niet gemaakt!). Een koor en een orkest, dat werkelijk prachtige muziek produceerde. Een sfeer van betrokkenheid bij elkaar, bij het werk van de Kerk in de hele wereld. Waarachtige Iofprijzing. Vele kleine en soms ontroerende trekjes, in het verhaal dat de een vertelde of waarop een ander reageerde. Technische knappe prestaties, fraai gemixte beelden op het doek. Het meest indrukwekkend echter, zeg ik ook op basis van wat anderen me vertelden: het bijzondere dat te midden van zo'n grootschalig gebeuren de Here God werkelijk heel persóónlijk en heel índividueel mensenheeft aangesproken. Mensen zijn weggegaan met een visie op zending die ze tevoren niet hadden. Met tassen vol informatie, als ze dat wensten. Mensen ging terug naar huis met een hart dat is aangeraakt.
De sfeer was zuiver geloof ik. Niet zoetig, opzwepend, verdovend of overweldigend. Gewoon goed: nuchter soms, blij heel vaak, geroerd ook heel vaak.
Zo heb ik me zelf deze week ook gevoeld; om wel te verstaan, de week na het congres.
Het was goed daar te zijn. Het was goed er iets over te kunnen vertellen.