Potsierlijk aanstellen
1982-08-20
Tegen de bevestiging van een predikant werd openlijk een bezwaar ingebracht, dat een novum betekent. Het bezwaar betreft namelijk de levenshouding, die deze predikant op de grens van het wereldlijke strafrecht brengt, welke levenshouding in de kerkelijke sfeer als aanstootgevend en onaanvaardbaar wordt vertaald. De zaak is bewust in de publiciteit gebracht; we zullen er dus geen doekjes om winden. Morgen kan het onder ons spelen. - Jaargang 26
- nummer 30
De dichter Hans Bouma, voorheen predikant bij een Gereformeerde Kerk, later "tot een andere staat des levens overgegaan", maar thans weer tot het ambt geneigd, werd door de Gereformeerde Kerk van Noordeloos beroepen. De betreffende classis ging met deze zaak akkoord. Niet echter de heer Nic. Kerssies te Nunspeet, die als lid der Gereformeerde Kerk aldaar bezwaar aantekende tegen de bevestiging van dichter Hans Bouma tot predikant bij een Gereformeerde Kerk.
Wat is, volgens de publicaties, nu de aard van het bezwaar? Hans Bouma is bekend geworden om zijn publicaties en dichtbundels ten behoeve van het misdeelde dier. Wij hebben in deze rubriek enige malen aandacht aan hem besteed. Hij is een dierenvriend en meer dan dat: hij stelt het dier niet beneden de mens. Zo is Hans Bouma geestelijk verbonden en vereenzelvigd met het “Dierenbevriidingsfront", Dat D.B.F. houdt zich in zijn activiteiten onvoldoende aan de Nederlandse wetten, met name aan de strafwet. Er zijn de laatste jaren weidehekken en stallen opengezet; er is schade aangericht. Duidelijk werd alles, toen het D.B.F. in de nacht van 21 op 22 mei een inbraak pleegde bij een expositie van de vereniging "Het Reewild", te Vorden gehouden. Tal van waardevolle voorwerpen werden daar gestolen, voor goed vernield of weggemaakt; dit alles onder de lampen van de V.P.R.O., die de zaak ongegeneerd en zonder uitstel uitzond.
En aangezien Hans Bouma als woordvoerder voor dit D.B.F. verantwoordelijk voor deze en soortgelijke dingen gesteld wordt, heeft Nic. Kerssies de kerkenraad van Noordeloos en de classis Utrecht der Gereformeerde Kerken van zijn bezwaren op de hoogte gesteld. Hij is geen querulant, zegt hij in een interview, en wanneer de kerkelijke autoriteiten menen dat zijn bezwaren het predikantschap niet in de weg staan, zal hij zich verder stilhouden. Dat laatste lijkt ook wel het beste, want de levenshouding van Hans Bouma is duidelijk onder de focus gelegd. Dat is genoeg en alternatieven bestaan bij ons weten niet.
Deze summiere tekening vraagt toch iets meer perspectief. "Het Reewild" doet als vereniging natuurlijk meer dan wild voederen, beschermen en bemoedigend toespreken. Deze vereniging bestaat hoofdzakelijk uit jagers. Dat is het, wat de toorn van het D.B.F. oproept. En de expositie, waarop zich de toorn ontlastte, was de jaarlijkse trofeeënshow: bestaande uit geoogste geweien van hoofdzakelijk reewild van het vorig jaar. Dieren moeten bevrijd worden van menselijke overheersing - zegt het D.B.F. en zegt Hans Bouma - en mensen behoren niet elkaar met de mooiste geweien van geschoten dieren de loef af te steken. Doen zij dat toch, dan moeten wij met harde maatregelen die jagers hun onmenselijke pretjes afleren.
Nu het geweld via de kijkbuis en raktijken in het Nederlandse levenspatroon is opgenomen, durft ook een V.P.R-er zich ten tijde van ds Spelberg nog christelijk noemende, een strafbare actie in onze huiskamers te brengen: ons medeplichtig te maken. Het ideaal van dierenbescherming is verworden tot een idool van dierenbevrijding. Het doel heiligt de middelen?
Wel, een goed deel van Nederland blijft er voor uit bed. Dat de strafwet zaken als inbraak, diefstal en vernieling verbiedt en strafbaar stelt mag de rechter een zorg zijn; de V.P.R.O.-kijker betaalt en krijgt waar voor zijn geld. En de rechtercommissaris - die van Zutphen - mag de nazorg dragen.
Maar - waarom houden onze reewildjagers hun jaarlijkse show? Om elkaar de loef af te steken met aantallen, grootten en gewichten? Gedeeltelijk ja; inderdaad worden nog altijd (bij ons weten) de mooiste geweien beloond met goud, zilver of brons - hoewel daartegen keer op keer bezwaar werd aangetekend en het verzet groeit. Maar de show heeft hoofdzakelijk ten doel: achteraf na te gaan, of het geschoten stuk verantwoord gekozen is.
En verantwoord betekent hier: in het belang van een gezonde reewildstand.
Waar de wetgever de afschotvergunningen voor bokken, geiten en kalveren voorwaardelijk afgeeft, namen jagers vrijwillig de verplichting op zich om elkaar de geschoten stukken van het jaar te tonen: onder gezamenlijke kritiek te brengen. Zonder dus alle jagers tot lieverdjes te promoveren mogen we toch zeggen, dat mensen, die over dierlijk leven en sterven beschikken, hun verantwoordelijkheid blijken te beseffen. Althans meer dan genoegzaam ten aanzien van de wetgeving. En zeker de bescherming van Z.K.H. Prins Bernhard waardig.
Het novum in de geschiedenis van het kerkrecht is nu: dat een levenshouding, die uit ideologische motieven strafbare zaken goedkeurt en meedraagt, als bezwaarlijk voor een ambtsaanvaarding bij de Gereformeerde Kerken wordt voorgedragen. Weliswaar zegt de Dordtse Kerkorde dat een predikant schorsenswaardig is als hij de kerk in opspraak brengt of ook voor de wereldlijke overheid strafbaar is - maar de D.K.O. is van 1618 en het brutale geweld als machtsmiddel van een ideologie is van vandaag. Ook heeft de rechterlijke macht - toen tientallen benzinepomphouders in 1974 zich niet aan de voorgeschreven benzinedistributie hielden - uitgesproken: dat de wet slechts uitzonderingen wil treffen en dat zij door massale overtreding buiten werking is gesteld. (Een hachelijk standpunt, dat het recht op onze straten doet struikelen.)
Die strafbaarheid van het D.R.P. - laat staan van zijn woordvoerders en steunpilaren - is dus voor de wereldlijke rechter al dubieus, mits genoegzame bijval blijkt. Daarom is het bezwaar tegen de bevestiging van Hans Bouma als predikant op zijn minst genomen zwak te noemen; ook formeel, aangezien dhr Kerssies geen lid is te Noordeloos maar te Nunspeet.
Iets anders is dat de classis Utrecht en de Gereformeerde Kerk. van Noordeloos smet de neus op het feit zijn gedrukt: dat ds H. Bouma zich vermoedelijk met woord en daad tegen iedere heerschappij van de mens over het dier opstelt; zo zijn gemeente zal dienen; dit voorbeeld zal geven en de jeugd in dezer voege zal voorgaan. Konsekwent betekent dit - en konsekwent is Hans Bouma - dat hij zijn boeren met mestkalveren en legkippen zal vermanen, zich van deze dingen te onthouden; dat hij 'de jagers in zijn gemeente kerkelijk op de korrel zal nemen; en dat hij op zich neemt deze levensinstelling met kracht van het Woord aan anderen op te leggen als een Dieu le veut, God wil het!
Het is natuurlijk de vraag, of Noordeloos het zo ver laat komen. Wil men daar graag moeilijkheden hebben, dan moet men maar doen of zijn neus bloedt. Men is terdege gewaarschuwd; Nic. Kerssies is als ambtenaar voor honderd procent bij jacht en faunabeheer betrokken en weet, waar hij over spreekt. Dat hij het argument van de wereldlijke rechtssfeer in de kerkrechtelijke orde introduceert is hem als gereformeerd mens toevertrouwd en blijft voor zijn rekening en risico. Dat hij de zaak alleen signaleert en niet ten bloede toe vervolgt tekent hem als een verstandig man.
De houding van Hans Bouma doet hier minder sympathiek aan. Die verschool zich bij een interview achter een procedurefout van Kerssies inzake Handelingen 18; distancieerde zich bangelijk min of meer van de acties van het Dierenbevrijdingsfront - zeggende dat hij geen voorloper maar meeloper is - en noemde het optreden van Nic. Kerssies "Potsierlijk aanstellen".
Dat gaat ons te ver. Zo lang het Bijbelwoord geldt, dat alle gedierte des velds ons tot voedsel is gegeven en dat geen voedsel verwerpelijk is mits met dankzegging genomen, achten wij de houding van Hans Bouma - die uit welken hoofde dan ook het dier wil bevrijden van het menselijk gezag - potsierlijk en aanstellerig.