Stichting Redt een kind

1983-04-01
  • Jaargang 27
  • nummer 13
"Als het zo doorgaat als deze laatste 14 dagen dan verdubbelen we het aantal kinderen en ik weet best dat u hebt gezegd voorlopig geen nieuwe kinderen op te nemen." Dit schreef Herma Oostenbrink, onze medewerkster in Oeganda, en zij vervolgt: "Maar er zijn weer kinderen gebracht, waarbij ik niet anders kon dan ze opnemen. Zes in totaal: drie babies en drie heel jonge kinderen. Geen ouders, grootmoeder die al voor een heel aantal kleinkinderen zorgt en het allemaal niet aankan, Het ergst was een baby van plm. 1 jaar. Moeder prostitué ergens in Jinja, zij had het kind bij de vader gedumpt; vader uitte zijn wanhoop? waanzin?
agressie? op het kind en probeerde het dood te knuppelen. Het schreeuwen van het kind deed een buurvrouw ingrijpen en het zwaargewonde klnd werd bij ons gebracht. Een verpleegster had de wonden behandeld, het was gewassen toen het de volgende morgen hier werd gebracht.
Maar nog zag het er vreselijk uit: diepe vleeswonden, striemen, een gebroken beentje doordat de vader er een zwaar voorwerp op had gegooid.
Het is ongelooflijk. De baby ligt nu in het ziekenhuis."
Inderdaad ongelooflijk. Gelukkig zijn niet alle kinderen lichamelijk zo zwaar beschadigd als ze komen. Maar een uitzondering is dit nu ook weer niet.
Waarom, vraagt u zich misschien af, hebben wij dan gezegd in Oeganda geen nieuwe kinderen meer op te nemen?
Want deze regel geldt niet voor de andere landen waar wij helpen.
In Oeganda worden wij altijd tussen twee polen heen en weer geslingerd.
Aan de ene kant zijn er de kinderen, die vaak in grote nood zijn, aan de andere kant de moeilijke situatie waarin dit land verkeert. Kinderen hebben verzorging nodig en wat moet je als er te weinig betrouwbare mensen gevonden worden, die dit . kunnen doen. Steeds weer stuit je hier op hetzelfde probleem.
Henna Oostenbrink werkt nu voor ons in Oeganda. Zij heeft de leiding op zich genomen van de zes kleine kindertehuizen die wij daar steunen.
Verder moet ze toezien op de financiën en de administratie. Een te omvangrijke taak. Toch wordt er nog vaak op haar een beroep gedaan om bij andere zaken te helpen. In andere landen waar wij helpen zijn het de mensen uit het land zelf, die de kinderen verzorgen en dat werkt heel goed. Maar in Oeganda bleek dat niet mogelijk.
In de tijd van Amin is de moraal van de Oegandezen volkomen ontwricht.
Zij dachten alleen maar aan overleven.
De middenklasse met de "knowhow" vluchtte of werd door Amin uitgemoord. Dat waren de mensen die leiding konden geven. Zij, die overleefden omdat zij konden vluchten, zijn voor het merendeel niet teruggekeerd naar hun land. Er zal heel wat tijd overheen gaan voor er weer een leidinggevende, eerlijke middenklasse is. Van een volk dat zo veel heeft meegemaakt kan niet verwacht worden dat het zijn houding onmiddellijk verandert. Temeer niet omdat de economische situatie van het land zeer slecht is. Hulp komt er niet in voldoende mate. Er is grote armoede.
De prijzen zijn hoog. Van een maandloon kan men niet langer leven dan een week. Ook nu moet men alles op alles zetten om te overleven.
Aan de ene kant is er het probleem van de kinderen, die verwaarloosd .
worden, aan de andere kant het gemis aan voldoende betrouwbare hulp.
En dat is voor christenen en nietchristenen gelijk. Echter, een negatief oordeel is door ons gemakkelijk te geven. Maar ook al begrijpen wij de situatie, wij willen toch dat de kinderen christelijk worden opgevoed en daar hoort oneerlijkheid niet bij.
Kees Rookmaaker hoopt over enige maanden naar Oeganda terug te gaan om een deel van het werk van Henna Oostenbrink over te nemen en om een kindertehuis te gaan leiden. Verder gaan wij zelf, zo de HERE wil, binnenkort. Oeganda en Kenia bezoeken.
Wij denken ter plaatse een beter beeld van de situatie te krijgen.
Wij zullen er alles aan doen om de opvang van deze kinderen op een verantwoorde manier voort te zetten en uit te breiden.
Wij hopen dat u ons wilt helpen. Er zijn nogal wat oudere kinderen tussen 14 en 18 jaar die om hulp kwamen vragen. Het is moeilijk hiervoor "adoptieouders" te vinden.
Wij hebben onze zorgen ten opzichte van deze kinderen met u gedeeld.
Veel gebed om Gods leiding en bescherming is nodig. Ook nieuwe "adopties' of giften zijn heel welkom.
Wie zich immers over de arme ontfermt, eert diens Maker, zegt Spreuken 14: 31.

Alle verdere inlichtingen: secretariaat St. Redt een Kind, mevr. A. M. Rookmaaker-Huitker, dr. Guépinlaan 23, 4032 NH Ommeren. Tel. 03443-2079.
Giro 1599333 t.n.v. St. Redt een Kind, Hattem. Bank: ABN-Doorn, rek.nr. 37.73.32.860.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief