Leegloop van de kerken (1)
1982-10-22
Deze zomer gaf "Trouw" het bericht door, dat in Hilversum twee kerkgebouwen van de Geref. Kerk aldaar zouden worden gesloten. Het betreft hier de Noorderkerk en de Weeterkerk.- Jaargang 26
- nummer 39
Geen opvallend nieuws in een krant vol wereldnieuws. Maar wel schokkend nieuws voor Wie de kerk van de Heer in ons land ter harte gaat.
En met name voor wie zich nog altijd gebonden weet aan de Geref. Kerken, dwars door de Vrijmaking heen. Ook schrijver dezes behoort tot die generatie, die in de Geref.
Kerken van. voor de Vrijmaking geboren en getogen is, catechetisch onderwijs genoot, het Evangelie hoorde verkondigen en belijdenis deed. En als ik er dan bijzeg: en dat alles in de Geref. Kerk in Hilversum, dan zult u kunnen begrijpen, hoe dat kleine berichtje in "Trouw'" mij niet onberoerd gelaten heeft. In de dertiger jaren was de Geref. Kerk van Hilversum een bloeiende gemeente, althans kwantitatief. Ik zet dat laatste er niet voor niets bij, want toen al deed zich de situatie voor van overvolle morgendiensten en slecht bezochte middagdiensten.
Dat is ons bizon der opgevallen, toen er een. heel kleine vrijgemaakte gemeente kwam in Hilversum, waar wegens afhankelijkheid van voorgangers van ·elders de tweede dienst vaak niet meer op het toen nog gebruikelijke vijf uur in de middag viel. Zodoende togen we op dat middaguur aan de zondagswandeling en ontdekten we hoeveel gereformeerde kerkmensen op datzelfde uur, dat zij in de kerk verwacht werden, eveneens aan het wandelen waren.
Maar goed: kwantitatief dan toch een groeiende gemeente. Met de Torenlaankerk, doleantie stijl, toch een fijne, gezellige kerk; als daar ds. Verkuyl uit Laren eens voorging zaten de paden en het podium vol en de kinderen zaten op de trappen .
van de preekstoel! Kom daar nu eens om? Met de Zuiderkerk, ik denk uit de twintiger jaren, herkenbaar aan de stijl van die jaren; ruimer dan die oude Torenlaankerk, maar niet zo gezellig. Daar kerkte in die tijd de jongen Joop den Uyl met zijn ouders. In het Westen stond al jaar en dag een houten noodkerk van flink formaat en daar kreeg ik catechisatie van P. N. Kruyswijk, die beter kon preken dan catechiseren, maar dat komt meer voor. Hij had zondags de naloop en dat was geen wonder. Hij had niets van de traditionele manier van preken, had altijd wat te zeggen, niet alleen op een originele manier, maar ook diep ernstig, Ondanks het feit, dat hij mij later de gang naar "Kampen" sterk ontried en nog later, bij de Vrijmaking, de toegang tot de Tafel des Heren ontzegde, bleef ik sterk aan hem verbonden. En dat zal ook de reden zijn geweest, dat in een oude jaargang van "Opbouw" nog een uitvoerige gedachtewisseling tussen ons beiden is te vinden over aanleiding toten noodzaak van de Vrijmaking.
Maar terug naar de kerkgebouwen van Geref. Hilversurn. Nog voor de oorlog werd de "noodkerk" vervangen door de prachtige Noorderkerk, terwijl het houten gebouw weer opgebouwd werd in het Westen, vanwege de uitbreiding daar.
Ja, die Noorderkerk... daar was iets bijzonders mee. De Hilversumse architect Trappenburg ontwierp een kerk naar het ideaal van dr Abraham Kuyper, geschetst in zijn "Onze Eredienst", een van de beste boeken van Kuyper, antiquarisch nog slecht te krijgen en duur te betalen, wat je bepaald niet van alle boeken f van Kuyper kunt zeggen. In dat boek verdedigt Kuyper sterk de gedachte, dat een gereformeerd kerkgebouw in zijn vormgeving een uitdrukking moet zijn van net gereformeerd belijden, n.i. Gods Woord en de verkondiging daarvan centráál!
En de gemeente daarom heen. Vandaar zijn ontwerp vaneen kerkgebouw in de vorm van een cirkelsegment.
In de punt moest dan de preekstoel staan en de zitplaatsen moesten daar in een waaiervormige ruimte omheen komen, zodat van alle kanten de aandacht naar dat centrale punt ging. De lijnen van het gebouw liepen op dat punt, waar de verkondiging plaats vond, samen.
Nu, dat heeft Trappenburg in zijn Noorderkerk gerealiseerd. Ook de lichtval in het hoog opgetrokken gebouw versterkte decentraal gerichte aandacht op de prediking.
En nu ...een halve eeuw later...buiten gebruik!
Na de oorlog, wanneer weet. ik niet precies, want toen had ,ik Hilversum al enige tijd verlaten, maakte het houten noodgebouw in het Westen plaats voor de zeer moderne Westerkerk: modern vooral omdat het interieur was ingericht vanuit principes, die totaal tegengesteld waren aan die van de Noorderkerk. Hier stond niet langer de plaats van de verkondiging in het middelpunt, maar was een compleet liturgisch centrum ingericht, met een soort "altaartafel" in het midden en de kansel ergens terzijde. We zijn daar in onze tijd al zo "aan gewend, vooral omdat wij, Nederl, gereformeerden, vaak gebruik maken van gehuurde kerken, dat we ons bijna niet meer kunnen voorstellen, dat over dit verse van kerkinterieur voor de oorlog zoveel te doen is geweest. Toen ik van 1938-'42 in Kampen college liep in de Theologische Hogeschool van de nog ongescheurde Geref. Kerken gaf prof. dr K. Dijk ons hierover uitvoerig college bij Liturgiek.
En hij bestreed daarin heel principieel de opvattingen van prof. dr G. v. d. Leeuw, met zijn sacramentstheologie en zijn romantiserende ideeën over de eredienst. Het was de tijd van enkele opvallende overgangen van hervormde predikanten en theologen naar Rome. Ook een van de Hilversumse hervormde dominees maakte deze overgang. Ondanks het verweer van prof. Dijk en anderen, o.m. ook van dr O. Noordmans, wonnen de opvattingen van Van der Leeuw, tot nu toe nog altijd gepropageerd door de Van der Leeuw-stichting, meer en meer veld in gereformeerde kring. En bij kerkbouw- en renovatie van oude gebouwen werden ze steeds meer in praktijk gebracht. Tijdens mijn Heemsteedse ambtsperiode was in de Geref. Kerk ds Lammens mijn collega, en vooral hij, later professor aan' de VU geworden, heeft zich voor deze ontwikkeling sterk ingespannen. De “Koediefslaankerk" werd in zijn tijd van binnen in deze geest veranderd. Kaarsen en kleden van allerlei wisselende kleuren, overeenkomstig de gang van het kerkelijke jaar werden ingevoerd. En ik herinner me nog een bijeenkomst van de "geestelijkheid" van Heemstede.
die we zo om de twee maanden hadden, waar een paar kapelaans tegen de aanwezige geref. dominees gekscherend zeiden: terwijl wij langzamerhand gaan versoberen, gaan jullie de zaak hoe langer hoe meer versieren; kunnen we jullie misschien dienen met het oude spul van ons dat op zolder ligt?
Maar terug naar Hilversum. Daar verrees dan de nieuwste kerk, de Westerkerk, ingericht naar liturgische principes, die totaal anders waren dan die gevolgd waren bij de bouw van de Noorderkerk. die nog een duidelijke, publieke afwijzing was geweest van de. "liturgische beweging" van Van der Leeuw. De Gereformeerde kerk een kamp tegen zichzelf verdeeld? Een vat vol tegenstrijdigheden? Of langzaam maar zeker toch opschuivend naar...Rome? Wel te verstaan: modern gereformeerd naar modern rooms? Of is dat moderne roomse toch niet zo modern als we vaak denken, omdat bij Rome het Woord nooit uniek centraal gestaan heeft en heit hoogste en laatste woord gehad heeft? Bij alle versobering van moderne roomse kerkgebouwen (heel mooie soms!) blijft toch nog altijd de plaats waar verkondigd wordt terzijde staan. En bij alle modernisering van de roomse theologie gaan wel veel heilige huisjes tegen de grond, maar blijft tegelijk ook het goddelijk gezag van de Bijbel niet ongerept. En zien we juist op dit punt niet gereformeerde theologen opschuiven naar Rome?
Maar nu ook die prachtige moderne Westerkerk in Hilversum ... gesloten!
Twee nieuwe kerken, allebei in uitbreidingswijken, leeggelopen! Dacht u, lezer, dat je dat als Hilversumse gereformeerde jongen uit de dertiger jaren, niets deed? En als dit nu een unicum was in ons land, dan ZOU ik u nog niet mogen lastig vallen met een beetje persoonlijk emotioneel geschrijf. Maar helaas...het gaat hier om een symptoom van een veelvoorkomende situatie. In mijn huidige woonplaats overweegt men ook alom een van de geref. kerken van de hand te doen. Elders treft men andere maatregelen. Zoals in die protestantse kerk in Engeland, waar we in de vakantie een dienst bijwoonden. Het oude gebouw maakte van buiten een forse indruk, maar toen we binnen kwamen zagen we een kleine schare bijeen in een kerkzaal in de kerk, Door het afsluiten van "overtollige" ruimte had men zich een kerkje in de kerk gefabriceerd. Zo kan het natuurlijk ook. Maar het blijft wel bedroevend. Of zoals in Hongeriie, waar de dominee van een kerk in Boedapest ons rondleidde in het grote, mooie gebouw. Hij toonde ons een foto die in de consistorie hing van de helemaal gevulde kerk kort na de ingebruikname, en vertelde er toen hij, dat er nu nog maar ongeveer honderd mensen zondags in de kerk kwamen. U ziet dus: het gaat niet alleen om Nederlandse toestanden van leegloop van kerken; maar wat het dichtste bij je bed is doet wel het meest pijn.
De volgende keer zou ik met u willen denken over de oorzaken van deze leegloop.