Leegloop van de kerken (4)

1982-11-12
  • Jaargang 26
  • nummer 42
"De Kerk kan leeglopen door eenzijdige en onvruchtbare naar binnengekeerde vroomheid, maar ook onder de vermoeiende zweepslagen van een neowetticisme vol sociale en politieke opdrachten".
Aldus ds J. Overduin in zijn onlangs op zijn tachtigste verjaardag verschenen boek. Ik zou de auteur, die op zo hoge leeftijd nog zo fris en actueel kan schrijven, van harte geluk willen wensen!
Ook dit boek van Overduin getuigt weer van zijn grote bezorgdheid over het kerkelijk leven. Hij gaf zijn boek de titel mee: "Hier beneden is het...". Het komt erop aan wat we nu invullen op de drie stippen.
"Hier beneden is het niet", of "Hier beneden is het wel".
De zeventiende eeuwse domineedichter Jodocus van Lodenstein zong van het eerste.

"Hoog, omhoog, het hart naar boven, hier beneden is het niet.
't Ware leven, lieven, loven is daar, waar men Jezus ziet.
Wat men hoort en ziet op aard' is des mensenziel niet waard.
Wil men leven, lieven, loven: hoog, omhoog, het hart naar boven".

Op deze hemelwaarts gerichte geloofsbeleving is een sterke reactie gekomen in onze tijd. De gestage verkondiging van de "medemenselijkheid" en de maatschappijkritische prediking hebben het er zondag aan zondag ingehamerd: "Hier beneden is het wèl!" Waarom vult ds Overduin hu in de titel van zijn boek het laatste woord niet in? Omdat hij beide invullingen eenzijdig acht. Heilloze polarisatie dwingt tot keuze uit een verkeerd gesteld dilemma. Alsof we één van tweeën zouden moeten kiezen: "hier beneden is het wel" of "hier beneden is het niet".
Zelfs Van Lodenstein kan het niet zo eenzijdig bedoeld hebben in zijn omstreden gedicht. Schreef hij, aldus Overduin, geen boek over "De heerlijkheid van een waar christelijk leven, uitblinkende in een godzalige wandel"? De bedoeling zal dan toch wel zijn: hier beneden godzalig wandelen.
Maar tegelijk hebben enige eeuwen lang vrome gelovigen in ons land geleefd bij de Staten-Vertaling van Filip. 3 : 20: vOnze wandel is in de hemelen". Moest dat niet verwarrend werken? Zong men dan toch terecht: "Hier beneden is het niet"? De nieuwe vertaling van Filip. 3: 20 geeft ons een meer omvattende visie op het geloofsleven: "Wij zijn burgers van een rijk in de hemelen, waaruit wij ook de Here Jezus Christus als Verlosser verwachten". Hier is geen sprake meer van elkaar uitsluitende gedachtenlijnen: alleen naar boven gericht, of alleen naar beneden gericht. Geen opgedrongen keus tussen "hiernamaals" of "hiernumaals" (wat een akelige woorden, allebei!). Maar waar gaat het om? Het gaat om het oriëntatiepunt van ons leven als christenen.

Ons oriëntatiepunt, aldus Paulus in Filip. 3 : 20, is in het Koninktrijk Gods, dat nu nog zijn hoofdkwartier in de hemel heeft, omdat Christus daar nu zetelt en regeert. Hem.
is gegeven alle macht, zowel in de hemel als op de aarde!
Vanwege dat "in hemel- én op aarde" kan er geen sprake zijn van kiezen tussen hemel' en aarde, boven en beneden, nu en straks. Er is voor het geloof een heel andere keuze: voor onze Grote Heer, Jezus Christus! Onze enige troost en laatste verwachting kan dan ook nooit zijn: eenmaal "ziel-ig" in de hemel aankomen, met achterlaten en prijsgeven van ons lichaam op aarde.
Zij, die hun wandel in de hemelen hebben, of beter: als burgers staan ingeschreven in het Rijk, dat nu nog in de hemel is, zien niet uit naar hun opname in de hemel, maar naar Christus' nederdaling op aarde! En wat komt Hij hier dan doen? Hij komt onze vernederde lichamen veranderen en gelijkmaken aan Zijn verheerlijkt lichaam! (Filip. 3 : 21). Zoveel is het lichamelijke Hem waard! Toch immers maaksel van Gods handen! Wonderlijk geweven eenmaal door Hem zelf in de moederschoot (Psalm 139 : 13, 14).

Tegen iedereen, die zijn oriëntatiepunt uitsluitend "hier beneden" heeft, zullen we moeten blijven zeggen: "Hier beneden is het niet". Sursum corda: de harten omhoog.
"Zoekt de dingen, die boven zijn, waar Christus nu nog is, gezeten aan de rechterhand Gods" (Col. 3: 1). Maar als ons hart op "boven" georiënteerd is, zullen onze voeten hier beneden de rechte wegen weten te vinden en zullen onze handen de juiste dingen weten aan te pakken - hier beneden, bij het licht van boven! Het eenzijdig kiezen voor horizontaal of voor vertikaal leven heeft de kerken geen goed gedaan. Het kerkvolk wordt dodelijk vermoeid door de, nu eens naar de ene kant en dan weer naar de andere kant doorslaande, pendelbeweging in de prediking.
De ene tijd moesten ze zingen "hier beneden is het niet" en de andere tijd was het weer "hier beneden is het wel". Door de ene prediker worden ze horizontaal geleid, door de andere weer vertikaal. De ene zondag krijgen ze de opdracht: "zoek de dingen, die boven zijn"en de andere zondag: "bedenk de dingen die op de aarde zijn". Het kan niet uitblijven dat in een tijd, waar men van geen kerkscheuring meer weten wil, toch ondergronds de breuken er wel degelijk zijn, en hier en daar ook aan het licht komen. Uit kerken, met een eenzijdige "hier beneden is het niet" -prediking lopen mensen weg, die de voorkeur geven aan meer materialistische bijbel verklaring en maatschappijkritische prediking.
En uit kerken waar dat laatste schering en inslag is van de prediking, gaan mensen heen, die elders brood voor hun zielen zoeken.

En hoe staat het met de jonge generatie? De laatste verkiezingen lieten een duidelijke voorkeur van vele jongeren voor de V.V.D. zien. Men spreekt van toenemend materialisme en narcisme (d.w.z. het volledig op zichzelf betrokken zijn). De grote toeloop van jongeren naar EO-dagen doet vermoeden, dat hier achter zit een zich afkeren van een eenzijdige "hier beneden is het"- prediking.
Als de balans nu maar in het evenwicht komt, van Filip. 3 : 20, 21 en Col. 3: 1-4! "Wanneer een tijdlang het exodusmodel van de trekgod, die politieke bevrijding schenkt, eenzijdig naar voren is .gebracht, ontstaat van lieverlee een heimwee .naar het vaderhuismodel, van rust en geborgenheid.
Dwars door het gedruis van actiegroepen, die elke dag beweren, dat het hier beneden wel degelijk is, horen we nu weer roepen: kijk ook eens naar boven, want een mens is meer dan handen en voeten en meer dan een grote mond, en meer dan van en voor de wereld; hij is boven en in alles mens van God!". (Overduin, in een artikel in het Centraal Weekblad) Overduin haalt in dit artikel ook dr C. Aalders aan, de bekende pastoraal-theoloog, die in "Woord en Dienst" schreef (24 okt. 1981): "Theologen en psychologen hebben de mensen van onze tijd hun "ziel" ontnomen en er "deze wereld" voor in de plaats gegeven. En wat voor wereld! Een wereld, beheerst door machten en krachten, die we op geen enkele wijze meer in de hand hebben. De Bijbel noemt deze wereld een gevallen wereld, maar daar geloven we niet meer zo in.
We zouden deze wereld wel eens even hervormen, maar we zijn zelf in de valkuil van het materialisme terecht gekomen. Wat baat het als we de hele wereld winnen, en schade lijden aan onze ziel (Matth. 16: 26). Dat ons bestaan iets te maken heeft met een dieper gaand proces dan welvaarts- en welzijnstechnieken ontwikkelen, dat is men nu vergeten. En toch zoekt de mens juist dat opnieuw!
Daarom richten vele jongeren zich naar het Oosten, waar men dit geheim van het bestaan op welke wijze ook heeft vastgehouden". Ook een stuk "leegloop van- kerken" ...naar de mystiek van het Oosten? En naar de bevrediging van religieuze gevoelens in het Westen?
De rooms-katholieke schrijver Jan Peters ziet in onze tijd "een bijna primitieve uitbarsting van religieuze gevoelens bij de kinderen van' de generatie, die had gedacht, dat de religiositeit voorgoed tot het verleden behoorde". Maar als deze honger naar ervaring niet onder de tucht blijft van de Openbaring, dan wordt ook dit een "hier beneden is het" -geloof. Wat is er een schreeuwende behoefte aan volstrekt bijbelse, voluit evangelische, hemel en aarde omvattende prediking van het Koninkrijk der hemelen!
De volgende keer het laatste artikel van deze serie.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief