Godsvrucht en gezondheid
1982-12-17
Wees niet wijs in eigen ogen, - Jaargang 26
- nummer 47
vrees de HERE en wijk van het kwaad;
het zal medicijn wezen voor uw vlees
en lafenis voor uw gebeente.
Spreuken 3 : 7, 8
Hebben die twee, godsvrucht en gezondheid, nou werkelijk zoveel met elkaar te maken?
Zou 't waar zijn, dat 't medicijn is voor je vlees om de HERE te vrezen en te wijken van het kwaad?
Maar kijk dan eens om je heen. Zoals Asaf bijvoorbeeld deed. Die zag heef wat anders.
Over hoogmoedigen en goddelozen gesproken: gaaf en welgedaan is hun lichaam. Altijd onbezorgd vermeerderen zij het bezit. En waarom heb ik God gevreesd, m'n hart rein gehouden en m'n handen in onschuld gewassen?
Ja, hoeveel mensen, die van God en bijbel en kerk niet willen weten, blaken van gezondheid, en hoeveel oprechte kinderen van God tobben met ziekte en narigheid in hun leven.
Of is dat soms specifiek oudtestamentisch om zulke aardse zegeningen te verbinden met het dienen van de HERE en het leven naar Zijn geboden? Vind je dat in het Nieuwe Testament niet meer?
Het zou niet moeilijk zijn veel plaatsen uit het Nieuwe Testament te citeren, waar over de zegen van de godsvrucht gesproken wordt, en dan heus niet alleen met betrekking tot de toekomst. Paulus schrijft aan Timotheüs: de godsvrucht is nuttig tot alles, daar zij een belofte inhoudt van leven, in heden èn toekomst.
We lezen hier eerst een bevel: Wees niet wijs in eigen ogen. Daar had Salomo niet veel mee op. Ziet gij een man, die wijs is in eigen ogen, voor een dwaas is meer hoop dan voor hem. Spr. 26: 12).
Vrees de HERE en wijk van het kwaad. Heb eerbied voor God, respecteer Zijn woord en wees er bang voor een weg in te slaan waarop Hij niet met je meegaat. Vrees de toom van de HERE en wijk van het kwaad. Zo iets staat er van Job: die man was vroom en oprecht, godvrezend en wijkend van het kwaad. En op een andere plaats in het boek zegt Job zelf: Tot de mens zei God: Zie, de vreze des Heren - dat is wijsheid, en van het kwade te wijken is inzicht. Bij het bevel komt een belofte. Zo vind je het vaak in de Schrift. Dat is om ons aan te vuren. Doe het maar en je zult merken, wat je aan de HERE hebt.
Zo is dat hier ook. Onmiddellijk na het bevel van vers 7 komt de beiofte in vers 8: het zal medicijn wezen voor uw vlees en lafenis voor uw gebeente. Dat wil zeggen: de HERE heeft het goed met ons voor, want het is niet alleen zó, dat je Hem een plezier doet, als je näar Hem luistert, maar het is ook nog goed voor jezèlf. Het is zo goed voor een mens om de HERE te vrezen en van het kwaad te wijken, want dan geeft de HERE God je ook een goed leven. Want je wordt dan voor zoveel zonde bewaard en je vaart er zelfs lichamelijk wel bij. Als je de HERE niet vreest, ben je tegen jezèlf ook!
De Statenvertaling geeft het z6 weer: het zal medicijn voor uw navel zijn. En ook prof. Gispen kiest voor deze vertaling. Hij zegt dan: navel en gebeente, iets teers en iets sterks als delen voor het geheel. En hij schrijft: De bedoeling is, dat men lichamelijk zal welvaren bij het doen zoals vs. 7 beveelt. Dat is beter dan wat de Kanttekening ervan maakt. Die vat het op als een soort gelijkenis en zegt dan: De zin is dat men, de vreze Gods hebbende, ten aanzien van het geestelijke leven der ziel gans welvarend en in goede sterkte wezen zal.
Maar het gaat hier niet over "het geestelijke leven der ziel". De bijbel zegt hier, dat de zegen van de godsvrucht zich uitwerkt tot in je lichaam. En de Schrift is hier actueel, want hoe dikwijls wordt er in de medische wetenschap niet gewezen op de invloed van de ziel op delichamelijke ziekteverschijnselen. Je komt dit in het boek Spreuken geregeld tegen. Een paar voorbeelden: 4: 22: eerst de opwekking om acht te slaan op Gods woorden en ze diep in je hart te bewaren, en dan: want ze zijn leven voor wie ze vinden, genezing voor hun ganse lichaam.
11 : 17: Een weldadig mens doet zichzelf wel, maar wie onbarmhartig is, kwelt zijn eigen vlees.
11 : 25: De zegenende ziel wordt overvloedig verkwikt, wie laaft, wordt ook zelf gelaafd.
14 : 30: Een zachtmoedig hart is leven voor het vlees, maar jaloersheid is vertering voor de beenderen.
16 : 24: Vriendelijke woorden zijn als honingzeem, zoet voor de ziel en medicijn voor het gebeente. Daar kan een mens, die in moeite zit, echt helemaal van opknappen, en een zieke kan zich na een bezoek een stuk beter voelen.
17 : 22a. Onder de vele kaarten, die ik kreeg, toen ik in het ziekenhuis lag, acht jaar geleden, was er één van een broeder, die op de adreszijde links onder met kleine letter schreef: Spr. 17 : 22a. Een vrolijk hart bevordert de genezing. En wat is het waar!
21 : 23: Wie zijn mond en zijn tong bewaakt, bewaart zichzelf voor benauwdheden. Ja, echt christelijk leven is als een beschermende mantel om je heen.
De HERE vrezen, daar vaar je wèl bij. Dat is goed voor je hele leven. Ook voor je lichaam!