Het Liedboek
1982-12-31
LIED 170 De vertaling van dit, oorspronkelijk in het Zweeds geschreven Lied, heeft de herdichter noga1 wat moeilijkheden opgeleverd. De Duitse vertaling, die als uitgangspunt heeft gediend, bleek naderhand in strofe 5 niet deze Zweedse tekst juist weer te geven "zodat deze geheel moest worden vernieuwd. Eigenlijk zou ik ook strofe 1 anders hebben moeten maken". (regel 2 en 3 voldoen niet aan de eigenlijke bedoeling). Uitgangspunt van het hele Lied is Marc. 1 : 37: "allen zoeken u", waarbij de gedifferentieerdheid van dit "allen" nader in de strofen wordt uitgewerkt. Een echt modem lied, dat tevens bijbels is". (Comp. p. 436, 437). Taal en stijl zijn evenwel wat verouderd, waardoor het aan waarde verloren heeft. De melodie is goed en algemeen bekend.- Jaargang 26
- nummer 49
Tekst: 2; melodie: 3.
LIED 171 Tekst en inhoud van dit Lied missen de duidelijkheid die voorwaarde is voor een goed kerklied. De eenheid van gedachten ontbreekt te veel en daardoor gaat de zin van vele beeldende uitdrukkingen verloren. De melodie is voor de kerkzang niet geschikt, wel voor koorzang mogelijk.
Tekst: 1; melodie: 1.
LIED 172 "Iedere strofe van dit Lied begint met dezelfde twee regels.
Daarna volgt dan telkens een andere omschrijving van wat het inhoudt: een mens te zijn op aarde / in deze wereldtijd. Het is een sterfelijk bestaan in het teken van de pelgrimstocht door de woestijn". (Comp. p. 440). De heldere melodie van Psalm 128 siert dit lied.
Tekst: 3; melodie: 3.
LIED 173 Dit Lied is geschreven met het oog op speciaal de Palmzondag, waaraan het diverse gedachten heeft ontleend. Het verbindt daarbij duidelijk de elementen van het lijden en van de opstanding, wat stellig een verdienste is. De Man van Smarten heeft onze schuld gedragen en onze taak volbracht (strofen 1 en 2). Daarmee wordt het leven voor ons weer een vreugdevol bestaan in de vrede van het kruis. (strofen 3-5). De mooie melodie "wil het hoofd opheffen om het kruis te laten aanschouwen: de plaats waar onze Hogepriester troont" (de componist in het Comp. p. 443).
Tekst: 3; melodie: 3.
LIED 174 Taal en stijl van dit Lied zijn zodanig verouderd, dat het als kerklied voor vandaag o.i. niet meer geschikt moet worden geacht. De schone melodie blijft gelukkig behouden in Lied 285.
Tekst: 1; melodie: 3.
LIED 175 "Temidden van de vele liederen voor de lijdenstijd neemt dit Lied een heel aparte plaats in. Het is namelijk geen Goede Vrijdagslied, niet een van de liederen, die stap voor stap de staties van de kruisweg volgen. Waar de relatie tussen onze zonden en het lijden van de Heer sterk wordt beseft, kan het, ook alom zijn eenvoud, liturgisch van grote betekenis zijn." (Comp. p. 445).
"De melodie ligt direct in het gehoor en zal de gemeente waarschijnlijk weinig moeite kosten". In de uitgave van het Liedboek staat in de 8e regel een storende fout: de 3e noot moet een fis zijn, i.p.v. een e.
Tekst: 3; melodie: 3.
LIED 176 In zijn totaliteit is dit Lied sterk horizontalistisch van karakter: "de verbondenheid met Jezus wordt. .. tot een sociale relatie met de mensen", aldus de dichter in zijn toelichting (Comp, p. 446). De verwijzing naar Matth. 25 : 45 is hier dan ook niet terecht. Voorts is de tekst in diverse strofen niet bepaald duidelijk, zoals b.v. in strofe 1: ,,0 Liefde, die verborgen zijt in diepe stilten eeuwigheid" en in strofe 3: "de minsten van de mensen zijn daar uitgestrekt in angst en pijn". De melodie is goed.
Tekst: 1; melodie: 3.
LIED 177 Dit Lied ,is een bewerking van het Duitse gezang .Herr, stärke mich, dein Leiden zu bedenken", dat in zijn oorspronkelijke versie 22 strofen telt, waarvan "in de meeste kerkboeken 8 zijn opgenomen die een sterke eenheid vormen". Vanwege de verouderde taal is de reeds uit 1806 stammende tekst (Gez. 118 uit de bundel Evangelische gezangen) opnieuw bewerkt, overigens wel met behoud van verschillende versregels. Zo is b.v. strofe 1 bijna in haar geheel onveranderd gebleven. In diverse opzichten valt een verbetering op te merken in vergelijking met het oorspronkelijke Duitse gezang. Tenslotte nog een detailopmerking: in strofe 2 zou een verbetering kunnen worden bereikt door de woorden "God zelf" te vervangen door "Gods Zoon".
De melodie is prachtig en welbekend als eerste vierstemmig koraal in Bach's Matthaeus Passion. (Comp. p. 455).
Tekst: 3; melodie: 3.
LIED 178 In dit Lied worden een aantal markante episoden uit de lijdensgeschiedenis van Jezus weergegeven. "Na een inleidende aanroeping in strofe 1, volgt in strofe 2 een aansluiting bij Luc. 19 : 28-44; strofe 3 bij Marc. 14 : 1-9; strofe 4 bij Marc. 14 : 22-25; strofe 5 bij Marc. 14 : 32-42; strofe 6 en 7 bij Marc. 14 : 53-65; strofe 8 bij Joh. 19 : 1-3; strofe 9 en 10 bij Joh. 19 : 16b-38 en de overeenkomstige parallelplaatsen (Comp. p. 451). Enigszins uit de toon valt strofe 10 met de zin: "Heer, om Uw vijf wonden rood". De melodie is zeer goed, uiterst eenvoudig.
Tekst: 3; melodie: 3.
LIED 179 In de 8 strofen van dit Lied van Nicolaas Beets is Jesaja 53 nauwgezet op de voet gevolgd, waarbij het Nieuwtestamentisch getuigenis herhaaldelijk duidelijk doorklinkt.
Al is de stijl wat verouderd, het lied is nog goed bruikbaar voor de gemeentezang van nu.
Wat de melodie betreft: het lied kan goed gezongen worden op de wijs van psalm 22, zoals trouwens aanvankelijk ook het geval is geweest. De aangegeven melodie is niet erg interessant.
Tekst: 3; melodie: 2.
A. t.a.v. de tekst der liederen:
het cijfer 1 bij niet voluit Schriftuurlijke tekst, b.v. vanwege het humanistisch karakter of door een sterk piëtistische inslag;
het cijfer 2 bij een weliswaar Schriftuurlijke, maar niet direct begrijpelijke, en aanspreekbare tekst;
het cijfer 3 als de tekst volkomen Schriftuurlijk en zonder meer verstaanbaar is.
B. t.a.v. de melodie der liederen:
het cijfer 1 voor een niet-aanvaardbare melodie;
het cijfer 2 voor een onbekende melodie die na enige oefening, eventueel met behulp van een koor, door de gemeente wel te zingen is en voorts ook voor een melodie die niet bepaald tot "de beste" behoort;
het cijfer 3 voor "een goede" melodie, geschikt voor de gemeentezang.