Deze dag

1982-01-08
  • Jaargang 26
  • nummer 1
De eerste dag van een nieuw jaar is een bijzondere dag. Een dag, die voorbeeldig is voor alle andere dagen van het jaar. Omdat hij ons een nieuw begin biedt.

In het kerkelijke jaar - dat overigens een menselijke uitvinding is, ondanks· de allerbeste bedoelingen - is de eerste dag een stukje menselijke afspraak; niet eens gebaseerd op de Schrift of op de historie. Maar het zonnejaar, dat vast staat op Gods beloften aan Noach, is een zuiver Godsgeschenk. Op zo'n eerste dag zouden we met Luther mogen zingen: dit is de dag die God ons schenkt. Al ging het Luther toevallig niet om de nieuwjaarsdag. En met David zouden we willen zingen: dit is de dag, de roem der dagen. Al zal ook deze dichter wel iets anders hebben bedoeld.

Maar we krijgen een nieuw begin, na alles wat fout is gegaan. Of ook een nieuwe mogelijkheid om betere vruchten van dankbaarheid voort te brengen.
In vele dingen die ons uit de hand liepen geeft de Heere ons vaak een nieuwe mogelijkheid, een nieuw begin. Die dag is vandaag. Een dag kan ondergaan in tranen - maar de nieuwe dag begint met gejuich.

De bewoners van Voor-Indië hadden al ruim 1200 jaar voor Christus hun eigen taal: het sanskriet. Die is als spreektaal al duizenden jaren verstomd - maar als voertuig voor opgeschreven gedachten nog altijd springlevend; sedert enkele eeuwen ook in Europa bekend.

Dat sanskriet is een merkwaardige taal, waarvan we veel meer zouden willen weten. Draagster van rijke gedachten, grote waarheden, klare schoonheid. Een taal, die oorspronkelijk aan het Boeddhisme was verbonden en zo zijn weg vond door geheel Centraal en Oost-Azië, tot in Indonesië toe. Een taal ook, die doorzichtig en hoogstaand is, rijk aan middelen: klinkers, medeklinkers, neusklanken, lipklanken, tandklanken, zelfs sisklanken tot en met een toonloze h; dan een taal met fonetisch schrift en acht naamvallen. Kortom een taal die - zoals de naam eigenlijk zegtbedoeld is voor hogere doeleinden, voor heilig schrift.
Het sanskriet is onder ons het meest bekend geworden door zijn rijke lyriek, zijn gedichten, zangen, hymnen, fabels en levenswijze spreuken. Dit alles bovendien in een vorm, die naar volmaaktheid zweemt; die waard is om bewaard te blijven.

Waarom vandaag deze dubbele inleiding? Omdat we in het afgelopen jaar een sanskrietvers ter hand gesteld kregen, waar we echt blij mee zijn. We zouden er ook u blij mee willen maken. Zelf kennen we weliswaar geen sanskriet, lazen het in het Engels, maar brengen het u in het Nederlands:

Deze dag
Kijk naar deze dag!
Want deze dag is leven,
het echte, levende leven.

In zijn korte loop liggen
al de werkelijkheden en waarheden
van ons bestaan:

de vreugde van de groei,
de luister van ons werk
en de heerlijkheid van onze kracht.

Want gisteren is slechts een herinnering,
en morgen is slechts een visioen
maar deze dag, mits goed beleefd,

maakt elk gisteren een blijde herinnering
en elk morgen een hoopvol visioen.

Kijk daarom goed naar déze dag!

Er is een oude spreuk - ook die kon sanskriet zijn - welke luidt: wie niet uit alles leren wil, wil in het geheel niet leren. Strategen zeggen zelfs: van de vijand leer je het meest. Zakenlieden zeggen het in eigen taal: van je concurrenten moet je het hebben. En zo zouden wij onwijs doen met een sanskriet gedicht terzijde te schuiven onder het motto: heidense wijsheid heeft Christenen niets te zeggen. Onwijs - wel gebruikelijk. Want ook de "wildste heidenen", zoals de statenberijmers psalm 22 believen te zingen, hebben Gods stem van verre gehoord en weten in hun hart wat goed en kwaad is. En waar wij zelfs van alle schepselen (zeggen te) willen leren, daar zouden we onwijs doen met de wijsheid van Boeddhisten onverhoord terzijde te schuiven. Vaak geeft immers de mond van kinderen en dronkaards de waarheid ten beste; laat staan de pen der wijzen.

En inderdaad, een lofzang op de dag van heden is voor een denkend Christen geen overtolligheid. Zuinige mensen zeggen weliswaar: je moet de dag niet prijzen eer de avond valt; en zelfs met een beroep op de Bijbel: elke dag heeft genoeg aan zijn eigen kwaad. Maar juist als je de Bijbel ként word je getroffen door het woord "heden", dat daar meer dan tachtig keer in voorkomt; steeds zeer positief geladen.

Denk eens aan "heden, zo ge Zijn stem hoort" of "heden is u geboren..."; "geef ons heden ons dagelijks brood" en "kiest u heden wie gij dienen zult". Nog meer? "Heden is deze Schrift in uw oren vervuld" en "heden zult ge met Mij in het paradijs zijn"; bovendien "zo lang het heden genoemd wordt" en "een zekere dag, namelijk heden". En sla nu zelfde de Schriftplaatsen met hun context maar op: u mag ook wel eens wat doen.

Wanneer het sanskrietvers het heden dus bezingt, dat ondanks zijn korte duur de essentie van ons leven bevat, is dat omdat verleden en toekomst in het heden samengeknoopt liggen. In het heden is 't verleden, in het nu wat worden zal.

Het zaad dat we gisteren zaaiden, doe ons vandaag deugd in een groeiend gewas. Het werk dat we gisteren begonnen krijgt vandaag vorm en maakt .ons blij. De krachten, waarmee we als kind werden toegerust, ontwikkelen zich dagelijks en geven moed voor de toekomst. Het is namelijk God die de wasdom geeft. En het werk van onze handen wil Hij zegenen. Hij is de kracht van onze kracht. Want wat hebben we, dat we niet hebben gekregen?
Als we de dag van heden niet bewust beleven, vervaagt het verleden tot een troosteloze grijze mist. En als we deze dag. niet dankbaar uit Gods hand aanvaarden, is onze toekomst wazig en onzeker.

Maar zien we deze dag als een heden der genade - dan wordt ons schoongewassen verleden een schoon boek, vol van Gods liefdedaden. En horen we zijn stem in het slaan van de uren, dan zien wij met heldere blik uit naar zijn grote dag, de dag der dagen.

Of het dus ook de moeite waard is, deze dag goed te beleven!

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief