stichting redt een kind

1981-07-17
  • Jaargang 25
  • nummer 27
"Je raakt gewend aan mannen met geweren om je heen", dit schreef Kees Rookmaaker uit Oeganda. Kees werd door onze Stichting voor een jaar uitgezonden naar dit land en hij vertrok eind mei. De eerste berichten komen nu binnen.
Hij is daar in november 1980 al voor twee weken heen gegaan om voor ons de administratie van de kindertehuizen te bekijken en na zijn terugkeer bleek, dat het zeker noodzakelijk zou zijn, dat iemand voor langere tijd daarheen zou gaan. Het is de bedoeling, dat gedurende dit jaar iemand uit Oeganda wordt ingewerkt om straks de taak van hem over te nemen.
Wij hebben gemerkt dat de administratie in de kindertehuizen in Oeganda vaak op de tweede plaats komt en dat is eigenlijk ook wel vanzelfsprekend als de nood zo groot is en de hulp zo weinig. Maar toch, wij hebben gegevens nodig van de kinderen die geholpen moeten worden en wij moeten weten waar het geld, dat wij sturen, aan wordt besteed. Na een paar dagen daar gewerkt te hebben schreef Kees: "Het kindertehuis in Kampala is al heel wat verbeterd sinds ik daar in november was. Er is nu stromend water. Een hele verbetering, want voordien was er een typhus-epidemie onder de kinderen uitgebroken. De grote zaal is verbouwd tot eetzaal en zitkamer. Verder zijn er twee kantoren afgescheiden.
De kamers van de kinderen zijn nu aan de beurt. Het vervoer is een groot probleem. Aan benzine is moeilijk te komen. Iemand heeft voor ons 11;2 dag in de rij gestaan om iets te krijgen. En de prijzen zijn ongelooflijk hoog. Obote heeft woensdag een redevoering gehouden waarin maatregelen tegen de inflatie werden afgekondigd. De dollar is gaan "zweven", dat betekent dat de officiële koers zal stijgen tot zo'n 80 Oegandese shillings per dollar (het was toen wij daar in de zomer 1980 waren: 71/2shilling per dollar) en dit zal geregeld bijgesteld worden. De prijzen zullen ook nog wel meer stijgen, terwijl alles al bijna onbetaalbaar is voor de mensen hier. Voor ons met buitenlandse valuta gaat het nog wel".
Maar ook al is de toestand in Oeganda onveilig met "mannen met geweren om je heen", ook al is het leven moeilijk en kost het veel tijd om aan eten en de meest nodige dingen te komen, toch heeft God daar een weg voor ons geopend om te helpen en zou Hij niet begaan zijn met het lot van die vele kinderen daar, die in de meest onmogelijke omstandigheden moeten leven als er geen hulp komt?
Denkt u aan: Namusisi, een meisje van 11 jaar. Zij werd gevonden in een overvolle gevangeniscel alleen als meisje tussen 40 mannen. Zij werd van alle kanten misbruikt en toen zij eruit kwam vertrouwde zij niemand meer.
Of Habibu, een jongen van zes. Hij kwam ook uit een overvolle gevangeniscel en hij kreeg daar maar drie maaltijden per week.
Zoals u misschien al hebt begrepen, hebben de mensen van het kindertehuis kinderen uit de gevangenis gehaald. Deze kinderen waren opgepakt van de straat en omdat men geen andere plaats voor hen had, naar de gevangenis gebracht.
Namatali is een meisje van ca. 6 of 7 jaar. Zij kwam iedere avond laat naar de boerderij geslopen om naar etensresten te zoeken (ter verduidelijking: er is een kindertehuis in Kampala en een boerderij nabij de stad Sinja waar kinderen zijn opgenomen).
Zij was helemaal naakt en zij leefde in de bosjes. Toen men op de boerderij merkte dat zij iedere avond kwam, liet men eten voor haar staan en langzamerhand werd zij vrijer en zij woont nu bij de andere kinderen op de farm. Eén van de kooksters daar heeft een baby en daar past ze op en zij geeft het kind alle liefde, waar zij zelf zo'n behoefte aan heeft gehad en die zij nu vindt op de boerderij.
Dan zijn er de kinderen die gebracht worden omdat hun ouders er niet meer zijn, zoals Robert, een kleine tienjarige jongen. De eerste nachten sliep hij bij de ouderen. De eerste tien dagen heeft hij geen woord gesproken en toen kwam Stephen, een jongen van dezelfde leeftijd, maar groot en die heeft hem onder zijn bescherming genomen. Hij zorgt als een grote broer dat Robert alles krijgt wat hij nodig heeft.
Paulus zegt in Romeinen 15, dat onze God een God van hoop is. Deze hoop houdt de mensen in Oeganda staande temidden van een immorele omgeving. Amin's regering bracht het slechtste in de mens naar boven: moord, verdenking, angst en wantrouwen.
Het persoonlijk overleven werd een allesoverheersende obcessie. De kerk is arm geworden, de dominee verschijnt in gescheurde kleren op de preekstoel en de helft van de stoelen zijn gebroken.
De geluiden die je hier hoort in de pers en op radio en televisie zijn pessimistisch. Het lijkt wel of men dit land al heeft opgegeven. Maar onze God is een God van hoop en Hij heeft wegen voor ons geopend om.
nu kinderen te helpen in dat land en ze ook deze hoop mee te geven temidden van een gedemoraliseerde maatschappij.
Behalve in Oeganda, blijft onze hulp ook nodig in India, Kenia en Zambia.
Een kindertehuis in de staat Biha in India heeft na een overstromingsramp verleden jaar in november zo'n 80 kinderen 'moeten opnemen. Vele mensen hadden hun bezittingen verloren en kinderen verloren hun ouders.
Een nieuwe slaapzaal voor de kinderen is dringend nodig. De kinderen zitten opgepak in een te kleine ruimte en sommigen slapen zelfs buiten. De kosten hiervan zijn ca. f 18.000,-.
Voor de meisjes is er meer badgelegenheid nodig en meer toiletten. Dit kost f 5.000,- en de watertoevoer kost f 4.500,-.
Door de steeds stijgende dollarkoers moet er op het ogenblik bij de "adopties" geld bij. Tot nu toe ging dit nog, maar wel ten koste van gebouwen.
In de zomermaanden komen er altijd minder giften bij ons binnen. Wij hopen dat dit deze zomer niet zo zal zijn, want de kinderen kunnen uw hulp niet missen. U kunt ons helpen door: a) een financiële adoptie van een kind voor f 55,- per maand; b) een aanvullende financiële adoptie voor f 30,- per maand. Er zijn nog vele kinderen die op zo'n "adoptie"
wachten. U kunt zich hiervoor opgeven bij ons secretariaat, of u kunt inlichtingen hierover vragen; c) een gift voor een gebouw o.d. en ook om het ons mogelijk te maken het volle "adoptiegeld" te blijven geven.
Helpt u ons de zomermaanden door te komen?
"Zeg niet tot uw naaste: Ga heen en kom terug, morgen zal ik geven terwijl gij het hebt". Dit zegt de Spreukendichter 3 : 28.

Secretariaat: Or. Guépinlaan 23, 4032 NH Ommeren (Gld.) Tel. 0443 - 20 79 of bij geen gehoor: 03449 - 16 59 Postgiro: 1599333 t.n.v. Stichting Redt Een Kind te Berkurn-Zwolle.
Bank: Raiffeisenbank te Zwolle, rek.nr. 37.73.32.860

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief