Kerknieuws

1982-03-05
  • Jaargang 26
  • nummer 9
Ds. Bakker - In het kerkblad van Baarn lazen we onderstaand stukje: - 13 februari 1982 - Ds Marten Bakker thuisgehaald - De laatste keer, dat wij ds Bakker ontmoet hebben, was op een feestdag: de dag, dat een vrouw zich aan zijn gehavend leven verbond. De vrouw, die hem liefhad, die de felle strijd om zijn persoon mee had beleefd en dóórleefd. Die zijn gezin in moeilijke tijden steeds had geholpen. Nu leek het leven te gaan openbloeien: ds Bakker had een werkkring gekregen, waar hij aan mensen in nood zijn woord, neen het Evangelie kwijt kon. Waar mensen behoefte hadden aan bemoediging en troost, kon hij wijzen op de liefde van God en onze Here Jezus. Wat voor de meesten iets helemaal nieuws betekende. Zij reageerden met wèrkelijke vragen, vanuit de nood van het eigen leven. En wat kende ds Bakker zulke nood door alles wat hij zelf jaren achtereen in de kerk had meegemaakt. Want zijn werk als pastor in Maastricht en later in Haarlem heeft goede vruchten gedragen, maar ook grote spanningen meegebracht. Zo werkt de duidelijke taal van het Evangelie nu eenmaal in bepaalde situaties. Omdat hij eerlijk was en recht door zee, geen "slim politicus", kon hij wel eens de indruk maken koppig en star te zijn; doch alleen bij mensen die hem niet goed kenden. Alle beschuldigingen tegen hem heeft hij aan de hemelse en aardse rechter(s) overgelaten. Helaas, zelfs de beslissingen van de aardse rechter hebben bij velen de ogen niet geopend voor wat er tegenover hem verkeerd gedaan was.

Nu ineens, op de drempel van een nieuwe levensperiode, heeft onze hemelse Vader gezegd: "Het is genoeg". Daarom mogen we blij en dankbaar zijn, dat onze kerkenraad openlijk had verklaard, dat de kansel voor ds Bakker openstond, en "voor ieder die het Evangelie brengt". Dat is niet zo maar een mooi woord geweest; want de kerkenraad had de misverstanden en fouten met ds Bakker eerlijk doorgesproken en erkend. Daardoor heeft het bericht van zijn overlijden ons erg geschokt. Maar wij kunnen ons het diepe verdriet en de ontreddering van zijn vrouwen kinderen, bij ál de moeilijkheden, gewoonweg niet voorstellen. Maar God weet dat allemaal. Onze hemelse Vader moge hen nu troosten met Zijn Woord, en hen doorhelpen.

Zo, bemoedigend en troosten, heeft hij het zelf van de kansel gebracht. Herinnert u zich nog zijn preek over de adelaar, die zijn nest opwekt? Deut. 32 : 11 en 12. Het slot vooral: "Wij kennen onze God, van Abraham, van Egypte, de Rode Zee en de woestijn, van Bethlehem, Golgotha; de God van het kruis. Wij hebben al heel wat van Hem meegemaakt en we kennen Hem: Hij is geen vreemde. Hij is er altijd bij geweest, van 't begin van ons leven. Dát is de rust, waarvan
de Here Jezus sprak: Komt allen tot Mij, die vermoeid en belast zijt, en Ik zal u rust geven. Die rust, en niet die van de gezellige wandeling. Niet altijd is het een kalme tocht; het kan spoken, dat we schreeuwen: Here, red ons, wij vergaan. Boven ons is dan die Adelaar. Hij vangt ons op, als we bezig zijn te vallen, te pletter te vallen. Geloven is leven met God, de God van het kruis.
Wij mogen met Hem meegaan, de wereld door. Alleen maar: zorgen dat we niet achterblijven, zoals zovelen in Israël toch achtergebleven zijn. Ze hingen zó aan de rust in Egypte, dat ze het land van DE rust niet vonden. En daarom: "heft de slappe handen op, strekt de knikkende knieën, maakt een recht spoor met uw voeten!" Omkomen zullen we niet: "de HERE der legerscharen is met ons, een burcht is onze God, de God van Jacob"." Deze boodschap moge de familie Bakker troosten. En ook ons, in onze zorgen. Hij laat niet varen het werk Zijner handen. De HERE zal het voleinden.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief