Kleine kerken met een brede blik

2011-11-25
  • Jaargang 55
  • nummer 23
Gemeenten binnen een stadscultuur zullen meer werk moeten maken van de exegese van hun buurt, aldus Keller.
Maar heeft een conferentie over kerk-zijn in de stad wel iets te bieden voor Nederlands Gereformeerden die niet in grote wereldsteden als New York, Berlijn of Amsterdam wonen?

Het is maar hoe je het begrip ‘stad’ definieert. De steden die in de Bijbel genoemd worden hadden over het algemeen tussen de 1000 en 3000 inwoners.
Veel kleiner dan Nijmegen met zijn 163.000 inwoners. Wat een stad tot stad maakte was de bevolkingsdichtheid.
In die zin kunnen de meeste Nederlands Gereformeerde gemeenten als 'stadsgemeenten' getypeerd worden.

De mensen kennen
Tim Keller is in hart en nieren een evangelist. Zijn gedrevenheid wordt goed verwoord door de apostel Paulus in Romeinen 1:16: ’Voor dit evangelie schaam ik mij niet, want het is Gods reddende kracht voor allen die geloven, voor Joden in de eerste plaats, maar ook voor andere volken’.
Keller heeft een haast grenzeloos vertrouwen in de kracht van Gods grote reddingsverhaal met zijn momenten van (onder andere) schepping, zondeval, verlossing en herschapen werkelijkheid.
Hij wil mensen binnen en buiten de kerkmuren met dat evangelie raken.
Maar kennen we die mensen wel goed genoeg? Hebben we werkelijk interesse in hun verhaal? Volgens Keller is dat een kwetsbaar punt bij veel orthodoxe kerken. Zij zijn degelijk als het om de exegese van Bijbelteksten gaat, maar veel minder scherp in hun exegese van de omgeving en de buurt, waar ze kerk-zijn. Vaak resulteert dat in gewoonten en een manier van communiceren, die door de omgeving als bevreemdend en irrelevant beleefd wordt.

Aanhaken
Het probleem zit dus lang niet altijd in de ‘dwaasheid’, die met de boodschap van kruis en opstanding verbonden is (1 Korintiërs 1:18). De vraag is eerder of we genoeg moeite hebben gedaan om het eigen verhaal van een cultuur (of subcultuur) te begrijpen.
Zijn we vertrouwd met de manier waarop de mensen om ons heen aan hun identiteit bouwen (hun 'scheppingsverhaal')?Wat beschouwen zij als hun struikelblokken (hun 'zondeval')?Wie of wat lost zulke problemen voor hen op (hun 'verlossers')?
En wat hopen ze uiteindelijk te bereiken (hun 'herschapen werkelijkheid')?
Keller vindt het van cruciaal belang om met het evangelie aan te haken bij goede punten in het 'verhaal' van een cultuur, stad of buurt. Pas als mensen het idee hebben dat je iets van hun identiteit, problemen en aspiraties begrijpt, zullen ze bereid zijn om te overwegen wat je te vertellen hebt.
Keller probeert hierin eerst naar punten van overeenkomst te zoeken. Wat kunnen we omarmen, bevestigen en ondersteunen?Waar is de Heilige Geest bezig om mooie dingen te bewerken in onze omgeving? Kijk uit naar het ‘voorwerk van God’ of tekenen van zijn algemene aanwezigheid en genade. Ondersteun als gelovige en gemeente positieve projecten op sociaal-maatschappelijk en cultureel gebied.

Zoek herkenning
Wat de communicatie van het evangelie aan niet-gelovigen betreft, vindt Keller het belangrijk om te beginnen met die delen die het minste weerstand oproepen bij de specifieke doelgroep.
Dat betekent niet dat men 'water bij de wijn van het evangelie doet.' Het gaat juist om het creëren van een basis van herkenning, van waaruit ruimte ontstaan om valse verhalen (verlossers) te ontmaskeren en over de ware God te getuigen.
Een treffend voorbeeld is het beeld van een 'liefdevolle' God dat – althans in onze westerse cultuur - veel meer herkenning oproept dan het beeld van God die oordeelt.
Begin dan als eerste met de liefdevolle God, stelt Keller, maar blijf daar niet bij! Gebruik het als basis om de negatieve vooronderstelling over een straffende God uit te dagen. ‘Als je van je dochter houdt betekent dat niet, dat je het geen punt vindt als zij vuil en onverzorgd op straat loopt. Liefde voor je zoon betekent dat het je aan het hart gaat als hij pornosites op internet bezoekt. Ware liefde is nooit onverschillig.
Een liefdevolle en betrokken God kan niet dus niet anders dan ook kritisch en zelfs toornig te zijn’. De herkenbare kanten van het evangelie zijn als houten balken waarmee je een vlot kunt bouwen om vervolgens de stenen (confronterende kanten) over de rivier te laten drijven. Andersom gaat het niet. Wees inderdaad een Jood voor de Joden en als iemand zonder de wet voor hen die zonder de wet zijn (1 Korintiërs 9:20-23).

Nieuwe hoop
‘Ik ben voor iedereen wel iets geworden, om in elke situatie althans enkelen te redden’, zo schrijft Paulus. Die bevlogenheid om anderen met het evangelie van Christus te bereiken, was ook bij andere sprekers en deelnemers in Berlijn te merken. We hoorden prachtige verhalen over nieuwe geloofsgemeenschappen in verschillende steden. Over het algemeen gaat het daarbij om kleine gemeenschappen, die er niettemin in slagen om hun steden met een gecontextualiseerd evangelie te dienen en mensen nieuwe hoop te geven.

Zelf ben ik tijdens de conferentie bemoedigd door het vertrouwen van anderen in het rijke evangelie, dat nog steeds Gods reddende kracht is. Ik werd uitgedaagd om met een brede blik naar mijn eigen omgeving te kijken.
Zijn we bijvoorbeeld als geloofsgemeenschap in Nijmegen bereid moeite te doen met de 'exegese' van onze buurt? Om te zoeken naar hun specifieke vragen, problemen en dromen?
Ben ik als prediker en evangelist bereid om rekening te houden met de vooronderstellingen en gevoeligheden van mijn hoorders? Doe ik werkelijk moeite om de specifieke raakpunten te zoeken tussen Gods verhaal en hun verhaal en daarop in te haken? In hoeverre laat ik me bepalen door naar binnen gerichte, kerkelijke zaken en minder door de opdracht van Jezus alle volken tot zijn discipelen te maken?

‘Berlijn’ en de NGK
De vraag hoe je gemeente bent in de omgeving waar je woont en werkt contextualisatie. Dat beschouwden de deelnemende NGK-voorgangers als het belangrijkste winstpunt van 'Gospel and the City'. ‘Onze diensten mogen meer contextueel worden’, meent Dick Lagewaard, ‘zodat de ervaren kerkgangers erdoor gevoed worden en tegelijkertijd de relevantie blijkt voor niet-gelovigen. Gasten horen niet alleen formeel welkom geheten te worden.
Ook de vormen inhoud van de dienstmoet van zo’n aard zijn, dat ze zich niet buitengesloten voelen. Hoorder-gerichte prediking hoeft geen slappe was te zijn’.

Peter Strating vindt de open communicatie naar de 'wereld omons heen' een belangrijk punt. Een begripvolle en waarderende houding naar de omgeving creëert respect en ruimte om met vrijmoedigheid het evangelie te communiceren.

Voor Hans van Winkelhoff is contextualisatie vooral een zaak van het hart: ‘Is ons hart vervuldmet dezelfde gezindheid die Jezus had? Alleen als het antwoord “ja” is, kunnen we het leven met de mensen om ons heen delen en een gemeenschap helpen bouwen, die ook bij deze mensen past. Zijn NGK-gemeenten bereid om enkele van hun mensen helemaal apart te zetten als een team, dat in een bepaalde wijk van de stad aan de slag gaat om een nieuwe gemeenschap te stichten’?

We moeten veelminder focussen op numerieke groei’, zegt Paul Kurpershoek naar aanleiding van een lezing door Stefan Paas over de kerk in de Europese context. ‘Klein, zwak en kwetsbaar zijn past bij het evangelie van het kruis. Niet hoe snel we groeien,maar hoe we gemeente zijn en hoe we de stad met het evangelie dienen. Dat is wat telt’.

Ds. Koos Jonker is predikant van de NGK van Nijmegen.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief