Herdenking
1982-04-30
In stilte- Jaargang 26
- nummer 17
Ergens in een vriendelijk dorpje in ons land liggen enkele, bijna verdwaalde, oorlogsgraven.
U denkt automatisch aan Canadezen, Amerikanen, Engelsen, heel misschien Russen. Maar er zijn ook Duitse oorlogsgraven, en Japanse en Italiaanse en welke al niet.
Of u denkt meteen als in een reflex aan vernietigings-, concentratie-, interneringskampen - en wie bevolkten deze? De Duitse gevangenen verdringen we uit onze gedachten: die tellen niet, die tellen niet mee. In de avond van de vierde mei wordt in dat dorpje weer een stille omgang gehouden. Vanaf de markt bij het gemeentehuis naar de hof, de tuin van de kerk.
't Is al stil als de stille stoet is aangekomen, maar slaat de torenklok acht uur, dan lijkt zelfs de stilte te verstillen en zich te concentreren tot een ongekend, intens zwijgen - twee minuten lang, twee lange minuten. Alleen de vogels zingen - h66rbaar nu: zo accentueren zij op hun manier hoe stil het is.
Vijf graven zijn het. Vijf graven van jongens gekomen van heel ver weg.
Onderweg sloeg het afweergeschut toe - hun vliegtuig viel dwarrelend uit de lucht. De jongens vielen mee. Jongens: de "oudste" was toen drieëntwintig jaar, de jongste achttien ...
In een enkele minuut, in luttele seconden was het met hen gedaan.
Hun gesprekken braken af, hun woorden stokten, hun plannen en afspraken waren zinloos - zo maar opeens. Je verstilt tot van binnen aan toe als je erover doordenkt. Maar je kunt er niet over doordenken ook je verstand staat er bij stil.
Tallozen
Vijf zijn soms meer dan een miljoen. Toch zijn er miljoenen van zulke graven - onafzienbare rijen witte kruisen. In verschuivende geometrische patronen, maar toch altijd weer in het gelid.
Namen, rangen, nummers, data. Data: vrijwel al die levens levenseindigden voor 5 mei 1945 - 37 jaar geleden al. Opeens werden die levens stilgezet. Zij zijn er niet op de vierde mei - alleen maar als een herinnering. Zij herdenken de gevallenen niet: ze zijn zelf gevallen.
Miljoenen ... Miljoenen levens in meervoud: met hoeveel anderen was hun leven verbonden? Ouders, broers, zusters, verloofden, echtgenoten, kinderen, vrienden, kameraden. 'n Veelvoud van die miljoenen die omgekomen zijn. Behalve de akker des doods is er een zee, een oceaan van tranen. De wereld weent en de opengereten aarde en de kolkende zeeën zijn een aanklacht en een klacht - als Zadkine's beeld in Rotterdam, als de rouwende vrouw bij het Yad va-Shem-gedenkteken in Jeruzalem. Want wij weten, dat tot nu toe de ganse schepping in al haar delen zucht en in barensnood is (maar het leven baart de dood ... ), en niet alleen zij, maar ook wij zelf zuchten bij onszelf in de verwachting van het zoonschap: de verlossing van ons lichaam.
Het begin der dwaasheid
Hoe is dat alles zo gekomen? Hoe? Zo als bij voorbeeld bij de inhuldiging van koningin Beatrix op 30 april 1980. Heel wat oudere mensen waanden zich terug in de jaren '30: München, Berlijn. Geen eerlijke vergelijking? Waarom niet? Omdat er nu geen Hitler is? Omdat het toen "de Duitsers" waren?
't Is net als bij die Duitse oorlogsgraven - automatisch verdring je de gedachte daaraan, om over de Italiaanse en Japanse maar te zwijgen. Het onthutsende is, denk ik, dat zoiets óók in Nederland kan beginnen. Bij de kinderen van ons geslacht. Zij hebben "Jozef" niet gekend, met een variant op Ex. 1. Zij weten niet wat vrede is? Maar zij hebben ook Hitler niet gekend. Noch de malaise van de crisis-jaren. Noch de honger, noch de verwoesting van de oorlog, noch de onvrijheid van de bezetting.
Nieuwe geslachten zijn sindsdien gekomen - het derde zeker al. En mensenkinderen worden overal en altijd in zonde ontvangen en geboren.
Dat mag een erg antieke uitdrukking zijn, het feit blijft dat ook "onze kinderen" van nature in staat zijn in pure razernij uit te barstenpotentiële concentratiekampbewakers. Zo is het alle eeuwen door geweest. Wat denkt u van Rome's inwoners die zich door een Nero lieten zoet houden en vermaken met "brood en spelen"?
Het begin der wijsheid
Petrus wist er alles van èn zou er het slachtoffer van worden, zoals zo velen voor en na hem. Hij doet niet net alsof dat "bij ons" niet mogelijk zou zijn (1 Pt. 2 : 11, 12). Hij weet dat elk zich altijd weer door God moet laten dwingen tot zelfbeheersing. "Onderwerpt u aan alle menselijke instellingen... ": geen crisis van het gezag, noch naar de kant van de onderdanen, noch naar de kant van de overheid. Ondermijning van het gezag loopt uit op anarchie, op moord en doodslag (2 : 13, 14).
Misbruik de vrijheid niet als dekmantel voor kwaadwilligheid en boosaardigheid. Geen tomeloze ongebondenheid, geen bandeloze onverantwoordelijkheid. Vanzelfsprekend? Maar juist dat gebrek aan verantwoordelijkheid is zo opvallend. Wanneer de een of andere actie "uit de hand is gelopen", distantieert men zich ogenblikkelijk: dát hebben we niet bedoeld... Dat klinkt in mijn oren als: wir haben es nicht gewuszt...
Eert allen: met "ere wien ere toekomt" begint het gezagsherstel.
Hebt de broederschap lief. Liefhebben is het werkwoord dat de gemeenschap in stand houdt. Het wapen tegen egoïsme dat in anarchie kan ontaarden.
Vreest God. Ontzag, respect voor God is het begin van alle wijsheid. "Komt, kinderen, luistert naar mij, ik zal u de vreze des HEREN leren. Wie is de man die het leven begeert, vele dagen wenst om het goede te genieten? Bewaar uw tong voor het kwaden en uw lippen voor het spreken van bedrog; wijk van het kwade en doe het goede, zoek de vrede en jaag die na (Ps. 34: 12-15).
Eert den keizer. Laten we respect hebben en bidden voor een koningin, die te midden van alle rumoer zich presenteert met: "Mijn schild ende betrouwen zijt Gij, 0 God, mijn Heer!".
Zo de vrijheid gebruiken betekent metterdaad met respect de gevallenen herdenken.