Praatjes over God

1982-06-25
  • Jaargang 26
  • nummer 25
Klok en klepel
Praatjes kunnen heel gemakkelijk in de wereld komen. Iemand vertelt veronderstellenderwijs iets, wat door een ander als feitelijkheid wordt doorverteld. Een derde fantaseert er nog wat bij, terwijl een vierde het nog wat aandikt met eigen ervaringen en ideeën. En op die manier is de oorsprong van allerlei ongegronde praatjes nooit meer te achterhalen, mede ook omdat een ieder zich beroept op wat "ze zeggen". Zo horen we allemaal wel eens een klokje luiden, maar het komt er op aan, dat we precies weten waar de klepel hangt: Als we iets niet zeker weten, doen we beter onze wijsheid vóór ons te houden en ons niet te scharen in het leger van de "ze" van "ze zeggen".
Wie zich van de wijs laat brengen door wat "ze" zeggen, heeft uiteindelijk geen leven meer, vooral mensen die een openbare functie bekleden en daardoor vaak in het middelpunt van de belangstelling C.q. kritiek staan, worden het slachtoffer van wat ze zeggen, of je nu predikant bent of leider van een wielerploeg, minister-president of voetbalcoach, ze zeggen dit en ze zeggen dat…

Ze zeggen over God...
Oók over God zeggen ze zo het één en ander, dat blijkt in het boek Job • ook wel. Job zegt: God is onrechtvaardig. Jobs vrouw noemt God een tyran, terwijl Jobs vrienden de nadruk leggen op Gods eerlijke vergelding van goed en kwaad. Ook in de geschiedenis van de godsdienst zijn allerlei dingen over God gezegd: van: God is een uurwerkmaker (ceïsme) en: God bestaat niet (atheïsme) tot: God is een liefdevolle vader. Er is dus ruime keus uit wat "ze zeggen" over God. En daarbij willen we ook graag altijd nog horen wat een ander ervan zegt. En dan kijken we naar vooraanstaande theologen: deze zegt zus, gene zegt zó, en daar beroepen we ons later dan weer op.
En allemaal zeggen ze zo iets over God, allemaal te goeder trouw, mogen we aannemen. Maar op wat ze zeggen reageren mensen niet precies hetzelfde. Twee kinderen uit één gezin kunnen hetzelfde hebben horen zeggen over God, maar de één krijgt God lief, terwijl de ander niets van God moet hebben. Want het is uiteindelijk toch zo, dat wij met onze praatjes over God elkaar het geloof niet kunnen aanpraten. Het geloof laat zich uiteindelijk niet opdringen door wat men zegt, maar het zal door eens mens zelf heen moeten gaan, al kan datgene wat men zegt daarbij wel als een soort "aangever" fungeren. Zo mógen wij geloven, ondanks alles wat twijfel wekt. Job schaamde zich niet over zijn twijfel aangaande een rechtvaardig godsbestuur. Voor zijn part had God hem beter het rampzalige leven kunnen besparen. Hij vervloekt zijn geboortedag. Dat is Jobs praatje over God.

God en onze praatjes
God trekt zich van onze praatjes over Hem niets aan. Als God zijn almacht gaat tonen, dan trekt Job zijn overmoedige woorden in: Ik sprak in onverstand over dingen, die mijn begrip te boven gaan; slechts van horen zeggen had ik kletspraatjes over U vernomen, en ik heb er de " mijne aan toegevoegd, maar nu heb ik U met eigen ogen gezien. Ik had de klok wel horen luiden, maar nu pas weet ik waar de klepel hangt. Gij, die wolken, lucht en winden, wijst spoor en loop en baan, zult ook wel wegen vinden, waarlangs mijn voet kan gaan. En als deze belijdenis van Job nog niet duidelijk genoeg is, letten we maar op Jezus, die zelfs in de kruisdood God nog ziet en dan kan zeggen: Vader, in Uw handen beveel ik mijn geest. En wie Jezus ziet, ziet God zelf. Hem zullen we eerlijk moeten zoeken en niet tegen eigen gemoed in proberen God schoon te praten, zoals Jobs vrienden dat gedaan hebben: Zij hebben zich uitgesloofd om God te verdedigen, maar zou de Schepper nou werkelijk de verdediging van het schepsel nodig hebben? De verdedigers van God worden op hun nummer gezet, omdat ze juist niet goed over God gesproken hebben. En Job moet bidden voor die dwaze praatjesmakers over God. Wij, mensen, hoeven niet te gaan proberen Gods ondoorgrondelijke wegen te verklaren, maar we zullen in ootmoed afhankelijk moeten willen zijn van onze Schepper, wiens liefde we niet hoeven te verklaren om haar te kunnen ervaren. We mogen door alle twijfel en angst heen, worstelen om de rust voor ons hart te vinden in God en Zijn oneindig grote liefde.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief