De innerlijke kracht van de spiritual

2011-12-23
  • Jaargang 55
  • nummer 25
Heel af en toe zingen we tijdens een kerkdienst nog wel eens een oude spiritual. U weet wel: Go Down Moses of Go Tell It on the Mountain. De kracht die besloten ligt in zowel de tekst als de melodie van deze liederen weet ons ook nu nog aan te spreken. Het is precies dit pittige karakter dat we in onze eigen kerkliederen soms missen - of het nou gezangen of opwekkingsliederen zijn.

Waar komt deze kracht vandaan, die je blijkbaar niet zomaar terug kunt winnen door een drumstel toe te voegen of de volumeknop omhoog te draaien? Wat karakteriseert de spiritual?

Geheim
De negrospirituals geven ons een kijkje in het hart van de Amerikaanse zwarten, die zich staande moesten zien te houden in vaak zeer moeilijke levensomstandigheden. Eerst waren ze de slaven van de blanke plantagehouders, na 1865 moesten ze een eigen bestaan zien op te bouwen, zonder dat hen daarbij de helpende hand geboden werd.
Het is daarom zeer opmerkelijk dat de spirituals geen sombere smartlappen zijn, maar liederen vol geloof en hoop en zelfs blijdschap. Zouden wij ook zulke liederen zingen als we in dergelijke omstandigheden verkeerden?
Laten we aan de hand van een aantal spirituals op zoek gaan naar het geheim achter het lied van de Amerikaanse zwarte.

Eenvoud
De teksten van de spirituals maken gebruik van een direct en ongekunsteld taalgebruik. Ze zijn van een kinderlijke eenvoud. Wat tegelijk opvalt is dat ze met een paar woorden heel diepe dingen kunnen zeggen en met een paar pennenstreken hele ervaringswerelden weten bloot te leggen. Denk bijvoorbeeld aan deze bekende spiritual:

Nobody knows the trouble I have seen
Nobody knows but Jesus
Nobody knows the trouble
I have seen Glory, hallelujah!

(Niemand weet hoeveel ellende ik heb meegemaakt, niemand behalve Jezus. Glorie, halleluja)

Realisme
Opvallend is dat de ellende hier niet wordt weggestopt. Het is niet: ik ben christen, dus ik ben blij. Er is geen geforceerde glimlach, maar wel eindigt het lied met ‘glorie, halleluja’, want Jezus kent mijn nood en draagt mij.
Deze tweeslag van het bezingen van het menselijke lijden enerzijds en van Gods trouw en nabijheid anderzijds is dè dragende pijler onder de negrospiritual.
Pijn en verdriet worden onomwonden bezongen met zinnen als ‘Sometimes I feel like a motherless child’ (soms voel ik me als een kind zonder moeder) en ‘Down on me, down on me, looks like everybody in this whole world is down on me’ (het lijkt alsof iedereen in deze wereld tegen me is). Maar het laatste couplet van Down on me klinkt dan weer als volgt:

God is God, God is God, rain is rain,
God’s a man don’t ever change
Looks like everybody in this whole
round world down on me

(God is God, regen is regen. God is een man die nooit verandert. Het lijkt alsof iedereen tegen me is)

Hier zien we weer dat uit Gods onveranderlijke trouw de kracht wordt geput om door te gaan (regen is trouwens een positief beeld voor de Afrikaan).
Hierbij worden ook vaak oudtestamentische verhalen over Gods bevrijdend handelen aangehaald, zoals die van Daniël in de leeuwenkuil, Jona in de walvis en de uittocht uit Egypte. Vooral de geschiedenis van Israëls bevrijding uit de slavernij van Egypte was voor de zwarte slaven van grote betekenis en hielp hen om de hoop niet te verlie-
zen. Hier volgen een paar (van de vele) coupletten en het refrein van een lied dat daarover handelt:

When Israel was in Egypt land
Let my people go
Oppressed so hard they could not stand
Let my people go
No more shall they in bondage toil
Let my people go
Let them come out with Egypt’s spoil
Let my people go
Go down, Moses, way down in Egypt
land
Tell old Pharaoh to let my people go

(Toen Israël in Egypte was, laat mijn volk gaan. Zo zeer verdrukt dat ze het niet vol konden houden, laat mijn volk gaan. Ze zullen niet meer in Egypte zwoegen, laat mijn volk gaan.
Laat ze gaan met Egypte’s goud, laat mijn volk gaan. Ga naar Egypte, Mozes, en zeg de farao dat hij mijn volk moet
laten gaan)

Hoop
Naast deze Oudtestamentische verhalen van Gods bevrijding was ook het grote toekomstvisioen van een nieuwe wereld, een bron van hoop. Dat er een wereld komt waar het recht zal heersen en alle tranen zullen worden afgewist, dat was bij uitstek het thema van de spiritual. Meestal wordt er wel in een of meerdere coupletten aan gerefereerd, zoals in het volgende lied:

Swing low, sweet chariot
Coming for to carry me home

(Zwaai naar beneden, heerlijke wagen, die komt om me naar huis te dragen)

Dit beeld van de chariot is waarschijnlijk ontleend aan de geschiedenis van Elia, die in een wagen ten hemel voer. Later verving men de wagen door de trein. We moeten zorgen op tijd in de trein te stappen, dat is een gedachte die terugkeert in veel spirituals en ook in latere gospel- en popsongs, van The Gospel Train is Leaving tot Bob Dylans Slow Train Coming.

Kracht
Er zit iets heel puurs en zuivers in de manier waarop in de spiritual het lijden wordt bezongen. Het wordt enerzijds recht in de ogen gezien, maar anderzijds houdt men met evenveel kracht vast aan de hoop, die we op grond van de Bijbelse beloften van Gods liefde en trouw mogen koesteren.
Het geeft deze liederen een eigen soort ingetogenheid en waardigheid.
De krachtige uitstraling van de spiritual is echter niet alleen gelegen in de hoopvolle teksten, maar minstens zo in de muziek. De oude muziek van de Afro-Amerikaanse gelovige straalt eenzelfde basiskracht en rust uit, zoals je die ook bij Bach vindt - of het nu gaat om de spirituals of om de country gospel van de straatpredikant Blind Willie Johnson of om Mahalia Jackson, om maar een paar hoogtepunten uit de muziek van de Amerikaanse zwarten te noemen.

Vreugde
Deze muziek wordt gekenmerkt door een diepe vreugde, een vreugde die alles te maken heeft met de christelijke wortels van deze muziek. Dit soort blijdschap lijkt in de (blanke) westerse muziek sinds de tijd van Bach verloren te zijn geraakt. Want in de negentiende eeuw, in de tijd van de Romantiek, is men het sombere en tragische gaan zien als het enig werkelijk diepe en betekenisvolle. Dat had zijn weerslag op de muziek, waarin echte droefheid plaats maakte voor sentimentaliteit en diepe vreugde voor oppervlakkige uitgelatenheid en opgeklopte opgewektheid.
Maar het is ook een misvatting dat verdriet het diepste zou zijn in ons leven. Dat zou de duivel wel willen.
Want dieper dan het verdriet is de blijdschap en dieper dan de wanhoop is de hoop. Als we het moeilijk hebben, kunnen we met opgeheven hoofd onze ellende recht in het gelaat kijken en dieper graven, totdat we stuiten op de hoop, zoals ook de negrospiritual doet.

Kerst
Kerst is zo’n moment van diepe vreugde, als Jezus komt om de mensheid te verlossen. In de spirituals horen we die blijdschap doorklinken, als men in alle eenvoud het kerstverhaal bezingt, zoals in de spiritual Mary had a Baby:

Mary had a baby, yes Lord
Mary had a baby, yes my Lord,
Mary had a baby, yes Lord
The people keep-a coming and the
train done gone

What did she name him, yes (my) Lord
(3x)
The people keep-a coming and the
train done gone

She named him King Jesus, yes (my)
Lord (3x)
The people keep-a coming and the
train done gone
Oh, where was he born?, yes (my) Lord
(3x)
The people keep-a coming and the
train done gone
He was born in a manger, yes (my)
Lord (3x)
The people keep-a coming and the
train done gone

(Maria had een baby, ja Heer, de mensen blijven komen maar de trein is vertrokken. Hoe noemde ze hem? Ze noemde hem koning Jezus. Waar werd hij geboren? Hij werd geboren in een stal) Deze spiritual is bedoeld om responsief gezongen te worden: de voorzanger of de ene groep begint met ‘Mary had a baby’ en de andere groep antwoordt ‘yes (my) Lord’, terwijl gezamenlijk wordt afgesloten met de laatste regel, het terugkerende refrein.
Andere versies van dit lied hebben trouwens soms meer coupletten. Je kunt je voorstellen dat men al improviserend aan de basisversie nog allerlei coupletten kon toevoegen.
Het is een eenvoudig lied, rechttoe rechtaan, alleen komt steeds weer dat rare refrein langs. Wat zou de betekenis van die laatste regel zijn? Ik weet het niet zeker, maar er lijkt een soort waarschuwing in te zitten: pas op dat je de trein niet mist. Oftewel: pas op dat je erbij hoort, bij de mensen die naar de hemel gaan. Ook hier dus weer die tweeslag: een blij lied maar wel met een donkere ondertoon, waardoor de blijdschap zo’n diepte heeft.

Het zal ons niet verbazen dat er ook spirituals zijn die de nadruk leggen op de armoedige omstandigheden van Jezus’ geboorte en het lijden op zijn levensweg. Vanuit hun eigen ervaring leefden de zwarten in het lied Poor Little Jesus mee met het zware lot van Jezus:

It was poor little Jesus, yes, yes;
he was born on Christmas, yes, yes;
and laid in a manger, yes, yes;
wasn't that a pity and a shame, Lord,
Lord,
wasn't that a pity and shame?

It was poor little Jesus, yes, yes;
they nailed him to the cross, Lord, yes,
yes;
they hung him with a robber, yes, yes;
wasn't that a pity and a shame, Lord,
Lord,
wasn't that a pity and shame?

It was poor little Jesus, yes, yes;
he's risen from darkness, yes, yes;
he's ascended into glory, yes, yes;
no more a pity and a shame, Lord,
Lord,
no more a pity and shame?

(Arme kleine Jezus werd geboren met Kerst en werd in een voederbak gelegd, was dat geen schande? Ze sloegen hem aan het kruis naast een rover, was dat geen schande? Hij verrees uit de duisternis en steeg op naar de hemel,
geen schande meer)

Richtingwijzer
De kracht van de negrospiritual kunnen we ook nu nog proeven, als we af en toe een van deze liederen zingen. Al verwacht ik, levend in een heel andere tijd en cultuur, niet direct een revival van de spiritual. Wel kan de oude zwarte muziek fungeren als richtingwijzer als we zoeken naar een verdieping van het huidige kerklied en opwekkingslied. We zouden de kenmerken van deze oude liederen kunnen vertalen naar de liederen van nu. Dan denk ik allereerst aan het realisme van de spiritual, dat het verdriet en de wanhoop durft te benoemen en er ook vol geloof echte hoop en vreugde tegenover zet. Maar ik denk ook aan de melodieën en de muziek, die kracht uitstralen en niet week en slap worden door sentimentaliteit of oppervlakkig door lichtvoetigheid.
Om zo – in het spoor van die zwarte slaven – het vertrouwen in God uit te zingen te midden van alle moeite en onzekerheid. Als we het zo bekijken, heeft deze oude muziek ons meer te vertellen dan we in eerste instantie zouden vermoeden.

Spirituals beluisteren
Voor wie wat van deze muziek wil beluisteren: op YouTube is heel wat te vinden, maar pas op dat u oude opnames te pakken krijgt en niet sentimentele en/of gepolijste latere versies – sowieso geen blanke versies nemen. Als u zoekt onder Reverend J.C. Burnett, Blind Willie Johnson, Mahalia Jackson of Staple Singers kunt u goed materiaal vinden. Er zijn veel compilaties met oud materiaal in de handel, onder meer The Best of Gospel, Atom Music, 2005.

Drs. Marleen Hengelaar-Rookmaaker studeerde muziekwetenschap.
Ze is hoofdredacteur van ArtWay, www.artway.eu. ArtWay stelt zich ten doel de wereld van de kunst te ontsluiten voor een breed kerkelijk publiek door ogen, hart en verstand te openen voor de (geestelijke) rijkdom van kunst. Marleen Hengelaar is lid van de CGK Zwolle.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief