Bij het overlijden van Laurens Frederik Venderbos

1980-07-25
  • Jaargang 24
  • nummer 28
'Goedkope genade betekent genade als leer, als principe, als systeem; betekent vergeving der zonden als algemene waarheid, betekent liefde van God als christelijk godsidee.
Goedkope genade is genade die wij voor ons zelf hebben.
Goedkope genade is genade zonder navolging, genade zonder kruis, genade zonder de levende, mensgeworden Jezus Christus.
Kostbare genade is de verborgen schat in de akker, ter wille waarvan de mens heengaat en met vreugde alles verkoopt wat hij had; de kostbare parel, ter wille waarvan de koopman al zijn goederen prijsgeeft.
Kostbare genade is het evangelie, dat altijd weer moet worden gezocht, de gave waarom moet worden gebeden, de deur waarop moet worden aangeklopt.
Kostbaar is zij, omdat zij oproept tot navolging .. .' Deze zinnen zijn overgenomen uit het boek 'Navolging' van Dietrich Bonhoeffer. Ik was met het leren van dit boek juist begonnen toen ik hoorde van het plotseling overlijden van Rens Venderbos. Na een paar dagen van ziekte ontsliep hij. De dokters konden hem niet verder helpen, God kon dat wel want Rens ontsliep in vertrouwen op zijn Heer en Heiland. De dokters konden hem niet in leven houden. God kon dat wel want wie in Hem gelooft leeft ook al is hij gestorven.

Rens was een navolger van God, hij was geen meeloper. Gods genade was voor hem niet goedkoop maar kostbaar, hij wist dat die genade elke dag opnieuw moet worden gezocht. Hij wist ook dat die genade zó kostbaar is dat ze heel veel van mensen vragen kan.
Gods genade was voor Rens geen uit het hoofd geleerd dogma, geen algemene waarheid zonder meer.
Rens wist dat deze genade van God om navolging vraagt en hij heeft zich in zijn leven bereid getoond een navolger te zijn. Hij wist dat een discipel niet meer is dan de Heer en hij heeft de kosten van het discipelschap aanvaard en het ervaren dat hier op aarde de kosten niet altijd voor de baat uitgaan.
Het volgen van Jezus heeft veel van hem gevraagd, hij heeft geen gemakkelijk leven gehad. Rens was niet alleen bereid om te geven wat God vroeg, maar ook bereid om te aanvaarden wat God gaf. Dat is niet altijd even gemakkelijk voor hem geweest, hij heeft er wel eens moeite mee gehad, hij is ook weil eens bitter gestemd geweest, maar dit stond voor hem vast: 'Ver weg van U is het geen leven, U ontrouw zijn is niemand zijn'. 1)

Rens is in zijn leven bereid geweest om hard te werken. Naast de drukte van zijn beroep en zijn gezin had hij tijd over voor allerlei werk. Zelf heb ik hem leren kennen in het jeugdwerk, in zijn werk voor de jongensbond. Hij wilde in al dat werk een dienstknecht zijn, hij wilde dienen, zich géven. Het heeft hem veel verdriet gedaan dat zoveel tijd moest worden besteed aan allerlei kwesties, hij kon het eigenlijk niet verkroppen dat het juist in de kerk zo moeilijk is om elkaar vast te houden. In de kerkelijke strijd van tien Jaar geleden heeft hij geworsteld om de eenheid te bewaren en het heeft hem onnoemelijk veel verdriet gedaan dat zijn werk voor de jongensbond in 1969 door anderen werd afgebroken, een kerkelijke meerderheidsstrategie zette hem en anderen buiten spel. Het navolgen van God heeft ook voor Rens betekend dat hij kerkelijk door een dal van diepe duisternis ging - en wat kunnen kerkelijke dalen diep zijn - en hij is dit kwaad dat hem overkwam blijven voelen, ook al vreesde hij het kwaad niet. Hij heeft het wel eens moeilijk gevonden om Psalm 23 te zingen, maar in de nacht van zijn sterven wist hij zich getroost omdat de God van Psalm 23 bij hem was.
De kostbaarheid van Gods genade was rondom hem.

Denken aan en schrijven over Rens Venderbos roepen herinneringen op, blijde en droeve. Wat kunnen vriendschapsbanden hecht worden, Als Rens zou lezen wat ik nu schrijf zou hij zeggen 'nu is het wel genoeg, eigenlijk al veel te veel'. Het mogen werken voor Gods gemeente was voor hem een vreugde, hij zag er Gods kostbare genade in. En bij dit alles wist hij zich vreemdeling op aarde, hij wist dat hij op weg was naar de toekomst, met het oog daarop werkte hij. Gods genade daarin te zien en te ervaren was hem genoeg.

'Bij U, ik ben
altijd bij U.
Gij houdt mij vast,
uw hand in mijn hand.
Alles zult Gij ten goede leiden,
Gij voert mij mee in uw raadsbesluit.
Wat is de hemel voor mij zonder U,
wat moet ik op aarde als Gij niet bestaat?
Al wordt mijn lichaam ook afgebroken,
al sterft mijn hart,
Gij zijt mijn Rots, mijn God,
de toekomst die op mij wacht'. 1)

Voor Annie en de kinderen tenslotte nog het slot van deze psalm:

'Bij U, mijn hoogste goed, mijn God,
bij U ben ik geborgen'.

Rens is niet meer hier, maar bij God zijn jullie met elkaar wèl geborgen.

1) Psalm 73 in "Vijftig psalmen" van Huub Oosterhuis en Michel van der Plas.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief