Is onze houding tegenover Zuid-Afrika Bijbels verantwoord?

1980-08-15
  • Jaargang 24
  • nummer 30
In "Opbouw" publiceerde broeder D. W. L. Milo wat cijfers en feiten m.b.t., Zuid-Afrika (voortaan Z.A.) n.a.v. een door Jan Marais geschreven brochure, Broeder Milo begint zijn publicatie met de opmerking: "Over weinig landen ter wereld wordt vandaag zo veel en zo onwelwillend gesproken als over de Republiek van Z.A." (zie Opbouwnummers van 2, 9 en 16 nov. '79).
Inderdaad. Het verontrustende hierbij is echter dat in het koor van de vooral door marxisten aangezwengelde hetze tegen Z.A. ook zovelen gehoord worden die zich presenteren als leden van christelijke kerken en partijen. Zo wordt b.v. door de A.R.P-leiding openlijk een boycot van Z.A. bepleit. Ook wordt via de Wereldraad van Kerken door christenen steun verleend aan terroristenbewegingen die hun marxistische geïnspireerdheid en idealen niet onder stoelen of banken steken. En dit alles wordt gemotiveerd met een beroep op de rechten van de mens en op basis van een gruwelijk overtrokken, eenzijdige en daardoor ook totaal vertekende en verleugende voorlichting over Z.A.
Welnu, die houding tegenover Z.A. óók van vele christenen raakt mij emotioneel zózeer dat het me bedroefd maakt, omdat ik het ervaar als een uiting van een geest die fundamenteel in strijd brengt met de Geest van Jezus Christus. Dáárom schrijf ik.

Nu heb ik er geen behoefte aan de zuiverheid van intentie bij deze christenen in twijfel te trekken. Zij zullen onrecht willen bestrijden.
Op willen komen voor het zwakke en onderdrukte. Akkoord. Maar wij moeten er dan juist als christenen, wèl scherp op toezien dat we dat doen op eerlijke en liefdevolle wijze.
Dat we dit doen vooral met de Geestelijke wapens van Gods Woord. Dat we onze wapens niet betrekken uit het arsenaal van de wereld, van de revolutie, van antichristelijke machten en ideologiën.
Want dan zouden we met al onze goede bedoelingen de Geest bedroeven en tegenstaan. Dan zouden we ons ver verwijderen van anti-revolutionair handelen in Groeniaanse zin.

Wie enig begrip heeft van de ontzaglijk complexe problematiek en de gigantische taak waarvoor voîk en regering van Z.A. zich geplaatst zien en alle van belang zijnde feiten, achtergronden en ontwikkelingen in zijn oordeelsvorming betrekt, zal tot de conclusie komen dat gebed om wijsheid en morele en daadwerkelijke steun aan het Z.A.-se volk en zijn regering de westerse christenen dan ook méér past dan het onbegrip, de hetze, de boycot en bestrijding die het nu vaak van hen ervaart.

Er zou veel te zeggen zijn over de invloed op de voorlichting m.b.t. Z.A. van een onbijbels vrijheidsdenken, geruggesteund door de moderne bevrijdingstheologie en de Wereldraad van Kerken, waarop door het wereldcommunisme meesterlijk wordt ingespeeld.

Er zou óók veel te zeggen zijn over het streven van de Z.A.-se regering naar een gemenebest van vrije staten op federatieve basis, ook wel genoemd: thuislanden-politiek. Die politiek is er, niet omdat het ene ras superieur is aan het andere, maar omdat het ene volk andersis dan het andere, Geen geforceerde integratie, maar een gemeenschap van vrije volken waarin ieder volk de eigen nationale stamgevoelens kan beleven en de eigen taal kan spreken. Het bepleiten van het systeem ‘one name, one vote" zou bijna zeker leiden tot een zwarte dictatuur die een levensbedreiging inhoud voor de Aziaten, de meer dan 2 miljoen kleurlingen, de meer dan 4 miljoen blanken en voor de zwarte minderheden.
Er zou heel wat gezegd kunnen worden, óók in kritische zin, over de zgn. kleine apartheid, die echter in snel tempo afgebroken wordt.
Over de bezwaren tegen het systeem van de trekarbeid, over de politieke rechten van de verstedelijkte Bantoe's, over de huwelijkswetgeving en over de mentaliteit van een aantal Afrikaners, maar óók over de enorme inspanningen die Z.A. zich getroost op het gebied van huisvesting, medische verzorging en onderwijs ten behoeve van de zwarte bevolking. Om over het economisch aspect maar te zwijgen.
Niet alleen de eigen bevolking maar héél Zuidelijk Afrika heeft onvoorstelbaar veel ellende te duchten als de vijanden van Z.A. erin zouden slagen de economie van dat land door boycot en isolering te doen ineenstorten.
Eveneens zou er veel te zeggen zijn over de selectieve verontwaardiging t.a.v. Z.A. in een situatie waarin een overwegend deel van de wereldbevolking geen democratische rechten kent. Waarin 2/3 van de wereldbevolking leeft onder een regiem dat de verspreiding van de Bijbel zelfs tegenstaat, n.b. de enige Boodschap van waarachtige bevrijdinguit de meest wezenlijke en dodelijke slavernij. Maar desondanks menen veel Nederlandse christenen zich met puur wereldse strijdmethoden: zoals boycot en het steunen van revolutionaire geweld, te moeten richten tegen een broedervolk dat volle ruimte geeft aan het Evangelie der bevrijding.
Vanwaar toch dit meten met 2 maten, waardoor ook na de tragedie in Hongarije en die in Tsjecho-Slowakije door Nederland een verdrag gesloten wordt met Rusland om elkaar economisch en technisch te helpen. Ik denk in dit verband ook aan de honderdduizenden slachtoffers vari onmenselijke, al of niet communistische regiems en aan de onderdrukking en discriminatie van
christenen in landen als Vietnam, Cambodja, Ethiopië, Rusland en andere Oostbloklanden; Angola, Mozambique, enz. enz. Mijn overwegingen op al deze tot nu toe aangeduide punten hebben mij dagelijks doen toenemen in de overtuiging, dat we in de eenzijdige, verleugende voorlichting m.b.t. Z.A. te maken hebben met een systematische indoctrinatie, die welbewust en doelgericht gehanteerd wordt door revolutionaire elementen om de positie van marxisme en wereldcommunisme vooruit te stuwen.
Men tracht dit te doen op een zodanig geraffineerde wijze dat ook eh ris tenen ingeschakeld kunnen worden als medewerkers in dit streven.
Helaas met groot succes. Daarom wil ik er tegen waarschuwen dat ons christen-zijn niet beheerst gaat worden door een sociaal-revolutienair activisme dat ontstellend ver verwijderd is van het Evangelie van Jezus Christus.
Hoewel ik op allerlei aangeduide punten in dit artikel breder had willen ingaan, moet ik mij nu beperken, terwille van de ruimte, tot de afwijzing van de strijdmiddelen zoals die tegenover Z.A. toegepast of gepropageerd worden.
Met nadruk wil ik voorop stellen: óók als bedoelde middelen genoot zouden worden tegen b.v. gruwelijk onderdrukkende marxistische regiems, dan óók zou ik dit fundamenteel verwerpelijk achten als in strijd met het Woord van onze God.
Met de gehele geest van het Evangelie van Gods liefde in Christus brengt het in strijd deze puur wereldse strijdmethoden te hanteren.
Boycot is broodroof. Per consequentie probeert ze het leven van de tegenstander onmogelijk te maken.
Ik geloof er niets van dat we op deze wijze de zaak van Gods Koninkrijk kunnen menen. Evenmin als door brandschattende en moordende terroristen moreel en financieel te steunen. Jezus zegt: "wie naar het zwaard grijpen zullen door het zwaard omkomen".
Matth. 26 : 52. Ook de geschiedenis leert dat de revolutie haar eigen kinderen verteert. De Here heeft ons een 'totaal andere opdracht gegeven n.l.: "Overwin het kwade door het goede", Rom. 12 : 21b. Dat is iets geheel anders dan: pleeg broodroof op uw tegenstander.
De strijdmethode van de Geest is: indien uw vijand honger heeft, geeft hem te eten, indien hij dorst heeft geeft hem te drinken, want zo zult gij vurige kolen op zijn hoofd hopen." Rom. 12: 20. En Paulus houdt in ditzelfde hoofdstuk zijn lezers voor: "vergeldt niemand kwaad met kwaad." Vss. 17.
Hieraan moeten wij in ons ktnd van God zijn juist gekend worden, dat wij vrucht dragen. Oök deze vrucht dat we onze vijanden liefhebben, dat we zegenen die ons vervloeken en vervolgen. "Wie niet lief heeft kent God niet", 1 Joh. 4 : Sa. Ik zegt dit alles omdat het juist hier zo nauw luistert voor ons die naar de naam van Christus genoemd zijn. Ik wéét hoe moeilijk dat is. Hoe zeer dat strijdt met onze natuur. Wat was Gods liefde toch geweldig en onbegrijpelijk groot. Wij waren vijanden, maar door het kruis overwon Hij ons en maakte ons tot vrienden, ja tot kinderen en erfgenamen. En Hij zegt tot ons: "weest dan navolgers Gods, als geliefde kinderen." Als we leven uit dat wonder Gods, dat we als goddelozen en vijanden door Hem opgezocht en gevonden zijn, zouden en we ook in de geest der zachtmoedigheid mede-zondaren bejegenen.
Navolging Gods als gelijke kinderen kan niet betekenen dat wij onze vijanden met terreur en broodroof tegemoet treden, óf ik begrijp totaal niets van de rijkdom en de ernst van het Evangelie o.a. in de Bergrede, Die Bergrede is belangrijk om het geestelijk klimaat te leren kennen dat Jezus ons voorhoudt ais het levensklimaat voor de kinderen van het Koninkrijk.
Opzettelijk heb ik in mijn afwijzing van onschriftuurlijke en revolutionaire strijdmethoden en middelen m'n betoog toegespitst op duidelijke vijanden en vervolgers van Gods volk, omdat ik ook mijzelf die hoge norm van de Bergrede impliciet wil voorhouden. Want ik ben me ervan bewust dat ik bv. persoonlijk m.b.t. de communistische knoet van partij-dictatuur en geloofsvervolging méér moeite zou hebben die grondwet van het Koninkrijk Gods te respecteren en te beleven dan t.a.v. mijn Z.A.-se broeders en zusters, die niet gedreven worden door open vijandschap tegen God, Zijn Christus, en het volk van Christus.
We mogen wel bidden dat de Here ons allen door de herscheppende en reinigende kracht van Zijn Geest leren wil: alle zachtmoedigheid te bewijzen aan alle mensen. Titus 3: 2.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief