Gereformeerde Oecumenische Synode (1)
1980-10-31
Begin volgend jaar hopen onze kerken te Breukelen in landelijke vergadering bijeen te komen.- Jaargang 24
- nummer 41
De kerkeraden hebben met het oog op deze vergadering al diverse rapporten en voorstellen ontvangen.
De redaktie heeft de bedoeling een aantal van deze rapporten en voorstellen te publiceren, hetzij in z'n geheel, hetzij in de vorm van een samenvatting, opdat niet alleen kerkeraadsleden zullen weten wat er zoals in Breukelen besproken zal worden.
In een van de vorige nummers heeft u het rapport van de Commissie voor de geestelijke verzorging van militairen kunnen lezen; in dit nummer maken we een begin met de publikatie van het rapport van de waarnemers op de Gereformeerde Oecumenische Synode te Nimes.
De redaktie
A. P. de Boer, Nijkerk / E. Schuurman, Breukelen
RAPPORT van de waarnemers bij de Gereformeerde Oecumenische Synode te Nîmes, 14 t/m 25 juli 1980.
(Bijlage bij het Rapport van de Commissie voor contact en samenwerking met andere kerken inzake de Gereformeerde Oecumenische Synode, september 1980.)
1. INLEIDING
1.1. Omvang
De Gereformeerde Oecumenische Synode (G.O.S.) is een samenwerkingsverband van een kleine veertig kerken van gereformeerde signatuur vanuit de gehele wereld. De lidkerken - in omvang uiteenlopend van net 800 tot meer dan 800.000 leden - komen uit Malawi, Zimbabwe, Zambia, Zuid-Afrika, Botswana, Japan, Sri Lanka, Frankrijk, Ierland, Nederland, Schotland, Mexico, Verenigde Staten, Canada, Argentinië, Brazilië, Australië, Nieuw-Zeeland en Indonesië. Vanuit Nederland zijn de Gereformeerde kerken (syn.) en de Christelijke Gereformeerde kerken lid.
1.2. Grondslag
De grondslag van de G.O.S. wordt gevormd door de Heilige Schrift zoals die wordt uitgelegd in een aantal gereformeerde belijdenisgeschriften, w.o. de Heidelbergse Catechismus, de Nederlandse Geloofsbelijdenis, de Dordtse Leerregels en de Westminster confessie. De constitutie van de G.O.S. zegt verder letterlijk: "De Heilige Schrift is, zowel in zijn geheel als in elk deel afzonderlijk, het onfeilbare en eeuwig blijvende Woord van de levende Drieënige God, absoluut gezaghebbend in alle zaken van geloof en leven." (Constitutie, art. 2) Slechts die kerken kunnen lid worden van de G.O.S., die a) het gereformeerd geloof belijden en handhaven en de grondslag van de G.O.S. onderschrijven; b) de kenmerken van de ware kerk vertonen en zich houden aan het voornaamste beginsel van gereformeerd kerkrecht, nl. het hoofdzijn van Christus. (Constitutie, art. 5)
1.3. Doelstelling
De G.O.S. wil een platform zijn, waar kerken die zich één weten in het geloof in de Christus der Schriften, elkaar helpen, adviseren, waarschuwen, bemoedigen, samen de Bijbel bestuderen om de wil van God in de vele vraagstukken van onze tijd te verstaan en "eenstemmig getuigenis geven van het gereformeerd geloof temidden van een wereld die leeft in dwaling en rondtast in duisternis en tegenover kerken die de waarheid van Gods heilig Woord verlaten hebben." (Constitutie, art. 3)
1.4. Karakter
De G.O.S. is niet bedoeld als een super-kerkelijk orgaan of als een internationale meerdere vergadering. Ten onrechte suggereert de naam "synode" dat de G.O.S. besluiten zou kunnen nemen die de kerken binden.
In werkelijkheid hebben G.O.S.-besluiten slechts een adviserend karakter, hoewel de lidkerken verplicht zijn om deze ernstig in overweging te nemen.
(Constitutie, art. 4) De activiteiten van de G.O.S. tussen de opeenvolgende synodes zijn zeer beperkt. In deze interimperiodes worden de lopende zaken afgehandeld door algemeen secretaris dr. P. Schrotenboer en het zgn. Interim Committee (I.C.) dat gevormd wordt door de leden van het moderamen van de laatste synode. Tevens voeren het l.C. en andere door de synode benoemde commissies dan de opdrachten uit, die de laatste synode hen gegeven heeft. , Van verdergaande activiteiten in deze interimperiodes zoals eigenmachtige uitspraken over allerlei aktuele vraagstukken waaraan andere internationale oecumenische organisaties zich vaak schuldig maken is geen sprake. De G.O.S. komt als regel elke vier jaar gedurende tien of twaalf dagen bijeen en vergaderde in Nîmes voor de negende keer sinds de oprichting in 1946.
1.5. Financiën
Alle lidkerken dragen bij in de kosten die de G.O.S. maakt; de hoogte van de bijdrage varieert naar gelang van de omvang en de draagkracht van de kerken. Dat leidt tot de o.i. weinig ideale situatie dat drie kerken, t.w. de Gereformeerde kerken (syn.) in Nederland, de Nederduits-Gereformeerde kerk (blank) in Zuid-Afrika en de Christian Reformed Church in Noord-Amerika, samen tweederde van de G.O.S.-inkomsten voor hun rekening nemen. De financiële situatie waarin de G.O.S. verkeert is ronduit slecht te noemen. Gerekend over de jaren 1977 t/m 1979 bedroegen de uitgaven gemiddeld 52.000 dollar per jaar. Slechts door een zeer zuinig beleid en de grote inzet van alg. secr. dr. Schrotenboer wordt ieder jaar weer een tekort voorkomen. Gevolg is wel, dat diverse zaken waartoe vorige synodes besloten - zoals de broodnodige benoeming van een assistent voor Schrotenboer - door geldgebrek niet uitgevoerd worden.
Als uitsluitend met het zielental gerekend wordt zullen onze kerken jaarlijks voor een bedrag van ca. 1200 dollar aangeslagen worden, wat neerkomt op nog geen f 0,10 per ziel per jaar. De Landelijke Vergadering van Wezep besloot reeds om, onafhankelijk van het al of niet toetreden tot de G.O.S., met dit bedrag in de kosten van deze organinsatie te gaan bijdragen.
Dr. Schroten boer attendeerde ons er in Nîmes vriendelijk op, dat dit totnogtoe niet gebeurd is. O.i. moet dit verzuim op korte termijn goedgemaakt worden. Tevens pleiten wij ervoor om - in overleg met dr. Schrotenboer - onze bijdrage voor de toekomst meer in overeenstemming te brengen met de draagkracht van onze kerken.
1.6. Waarnemers in Nîmes
Ondergetekenden waren in Nîmes als waarnemers voor onze kerken aanwezig.
Wie zich waarnemers mocht voorstellen als passieve pottekijkers die zwijgend het gebeuren gadeslaan heeft een verkeerd beeld van wat het instituut waarnemer in G.O.S.-verband inhoudt. Binnen de G.O.S. hebben waarnemers weliswaar in de plenaire vergaderingen geen stem- en spreekrecht, maar wordt hen wel de mogelijkheid geboden om actief aan het uiterst belangrijke en vaak beslissende voorbereidende commissiewerk mee te doen. Die mogelijkheid hebben beide ondergetekenden benut - in de commissie die zich bezighield met de ontwikkelingen in de Geref. (syn.) kerken resp. de commissie over de politieke en sociale roeping van de kerk - teneinde een zo goed mogelijk beeld van binnenuit te krijgen van het reilen en zeilen van de G.O.S. Met genoegen denken we terug aan de goede samenwerking met de broeders afgevaardigden van de Chr. Geref. Kerken - ds. G. Bilkes, ds. K. Boersma, prof. dr. J. van Genderen, prof. dr. W. van 't Spijker en prof. dr. W. H. Velerna - en met ds. P. Kolijn, die als waarnemer voor de Geref. Bond in de Ned. Herv. Kerk aanwezig was.
2. DE DOELSTELLING VAN DE G.O.S. IN DE PRAKTIJK
2.1. Inleiding
Wie het verloop van de G.O.S. die van 14 tlm 25 juli te Nîmes plaatsvond, via de Nederlandse kranten gevolgd heeft, heeft daaraan wellicht de indruk overgehouden dat het in Nîmes alleen maar ging over controversiële zaken en dat vrijwel alle tijd heenging met debatten over onderlinge meningsverschillen in plaats van met gezamenlijke bezinning en eensgezindheid getuigen. Nu is het ongetwijfeld waar, dat er tot dusver geen G.O.S.-bijeenkomst is geweest waarop de interne problemen van de organisatie zo centraal hebben gestaan als in Nîmes. In hoofdstuk 3 van dit rapport zullen we daar uitvoeriger op ingaan. Toch zouden we een vertekend beeld geven van Nîmes als we het alleen daarover zouden hebben en zouden zwijgen over de manier waarop de eigenlijke doelstellingen van de G.O.S. die we hierboven vermeldden toch ook in Nîmes werden gerealiseerd.
2.2. Conferenties
In de week voorafgaand aan de G.O.S. vond in het verleden steeds een theologische en een zendingsconferentie plaats. Dat gebeurde ook in Nîmes en, al waren wij niet in de gelegenheid deze conferenties bij te wonen, de schriftelijke en mondelinge verslagen van deze conferenties maken duidelijk, hoe belangrijk dergelijke ontmoetingen zijn voor Gods kerken in de wereld. Wie via deze verslagen kennis neemt van de gezamenlijke worsteling van broeders uit alle werelddelen om de wil van God te verstaan in de problemen en vragen die in onze tijd op Zijn kinderen afkomen, ervaart de waarheid van het woord, dat we pas "samen met alle heiligen" de hoogte, lengte, breedte en diepte van Christus' liefde gaan verstaan. Dat we in deze tijd waarin satan's aanvallen steeds krachtiger en listiger worden - zoals je in de gesprekken met afgevaardigden in Nîmes kon horen, niet alleen in West-Europa, maar overal ter wereldelkaar als gemeenten van Christus van Oost en West en Noord en Zuid meer dan ooit nodig hebben, komt rond zulke ontmoetingen als in Nîmes weer met klem onder de aandacht.
Thema van de zendingsconferentie in Nîmes was: "Profetisch getuigen in een verbijsterde wereld". In het kader van dat thema spraken de deelnemers over drie deelonderwerpen: Het profetisch getuigenis van de kerk, de rol van christen-ouders en het getuigenis van de kerk tegenover de jeugd. In een "boodschap aan de kerken", opgesteld door de conferentiedeelnemers en later door de synode overgenomen, wordt de roeping van de kerk om in onze verscheurde en verdeelde wereld het profetisch Woord van God te verkondigen beklemtoond en nader uitgewerkt.
De theologische conferentie in Nîmes hield zich bezig met de verhouding tussen kerk en staat: een vraagstuk waarvoor de gemeente van Christus in vrijwel elk land komt te staan, maar dat tevens een van land tot land verschillende specifieke inhoud heeft, zoals ter conferentie bleek. Het conferentieverslag geeft een helder beeld van de grote problemen waarmee veel Gereformeerde kerken in hun verhouding tot de staat te maken hebben.
He zou goed zijn wanneer aan de volgende zendings- en theologische conferenties van de G.O.S., in 1984, ook vertegenworodigers van onze kerken zouden deelnemen.
Voor het eerst in de geschiedenis van de G.O.S. vond ook een jeugdconferentie plaats, waarop leden vanG.O.S.-kerken die leiding geven aan het jeugdwerk ervaringen en opinies uitwisselden. De conferentie bleek zo'n succes, dat voor 1984 een nieuwe jeugdconferentie werd gepland, waarbij men ook jongeren uit de lidkerken hoopt te betrekken. Ook daaraan zou vanuit onze kerken moeten worden meegewerkt, vooral omdat wij op het punt van het kerkelijk jeugdwerk zeer bevoorrecht zijn.
2.3. Omroep
Tot wat we de toerustings- en bemoedigingsfunctie van de G.O.S. zouden willen noemen moet zeker ook de omroepdag in Nîmes gerekend worden.
Een hele dag werd uitgetrokken voor bezinning op de roeping van de kerk om voor de verkondiging van het Evangelie gebruik te maken van radio en televisie. De synodeleden hoorden toespraken waarin werd verhaald van de geweldige mogelijkheden die deze media bieden en van de zegen die God in tal van landen op dit kerkelijk omroepwerk geeft. In een speciaal voor deze gelegenheid uitgegeven boekje zijn de omroepactiviteiten van de G.O.S.-kerken op een rij gezet, en het is verrassend om te lezen, hoe sommige kerken veel meer via de media doen dan alleen maar kerkdiensten uitzenden. Het komt dan wel uiterst merkwaardig over om onder het kopje "Nederland" hoofdzakelijk informatie over de IKON aan te treffen. De synode deed een appèl op alle lidkerken om de kansen die God in omroepland geeft niet ongebruikt te laten.
(wordt vervolgd)