Wuiven naar de dominee

1980-02-08
  • Jaargang 24
  • nummer 6
Onder deze titel verscheen een boekje over 'de verstandelijk gehandicapte en de kerk'. Het is een uitgave van de Stichting Protestants Christelijk Centrum voor de zorg aan Geestelijk en Lichamelijk Gehandicapten. Het bureau van deze stichting is gevestigd: Dillenburgstraat 33 te Utrecht, tel. 030-512341. Deze gegevens zet ik er maar even bij, dan weet u waar het boekje verkrijgbaar is.

Ik wil iets over dit boekje vertellen. Dit boekje gaat over de 200.000 geestelijk gehandicapten die ons land kent. Van hen wonen er 30.000 in een inrichtingen 9.000 in gezinsvervangende tehuizen enz.
Onder deze gehandicapten zijn mensen uit christelijke gezinnen, mensen die met de kerk even veel te maken hebben als u en ik. Op 11 april 1965 werd er voor het eerst een aangepaste kerkdienst gehouden en daarmee werd een begin gemaakt met het uit de vergeethoek halen van een groep mensen die net zo goed als anderen recht hebben op een plaats in het kerkelijk leven. Het is te hopen dat dit laatste steeds meer erkend gaat worden. Kerkmensen kunnen wat leren van die zweminstructeur (blz. 13) die weigerde te geloven dat dat ene (gehandicapte) meisje nooit zou 'kunnen zwemmen, zijn vrije uren opofferde met het gevolg dat dat meisje nu zwemmen kan. Die zweminstructeur dééd iets. Heel wat anders dan die dominee (blz. 12) die 'het beste met uw been' zei tegen de moeder met een verstuikte enkel op de dag dat haar gehandicapte zoon voorgoed zou vertrekken naar een inrichting.

Leest u even mee wat verteld wordt over die jongen van 23 jaar (blz. 23):

'Eigenlijk heeft hij dus alles?
'Nee', zegt hij ... 'niet alles .. .'
Soms ziet hij jonge mensen lopen op een manier die aangeeft dat ze bij elkaar horen . Misschien voor goed . Tenminste op dat moment wel ...

En hij, Adri, heeft een gezond lichaam ...
Zodoende gaan zijn gedachten dan een bepaalde richting uit ...
Daarover vertelt hij mij onbelemmerd.


'Als ik dat zie zegt God tegen mij: Adri, jongen, dat is niks voor jou.'
Na deze mededeling is het even erg stil om ons heen.
Dan vult hij aan: 'Ik hoef natuurlijk ook niet 'alles te hebben... Maar het lijkt me zo mooi...'

In een aangepaste kerkdienst wordt op een bijzondere manier gepreekt. Dat kan niet 'iedereen en elke dominee moet het ook niet gaan proberen. Zo'n preek wordt tot een vraag- en antwoordspel. Dat activeert de mensen in de kerk. Zou in een 'gewone' kerkdienst ook niet gek zijn! En als er samen gebeden wordt, het gebed dat Jezus ons leerde, dan gaat er wel eens wat mis. Of juist niet mis: Piet-Jan zegt namelijk altijd (blz. 32): 'en verlos mij van mijn boze buien'.

We weten vaak geen raad met geestelijk gehandicapten. Het is goed om de volgende 'losse gedachten' een paar keer voor onszelf over te lezen (blz. 81):

'Juist omdat ze zo onbezorgd zijn moet er goed voor hen worden gezorgd. De bewaring door de Heer mag gestalte krijgen in de gemeente.
Maar ook allen die niet zelf zo'n kind hebben worden in dat werk van bewaring betrokken. De gemeente is één gezin. En bewaren is niet af en toe, bewaren duurt permanent.

Wat ouderen wel eens als heiligschennis in de oren klinkt, kan voor het kind diepe ernst zijn.

Op hun trouwdag zei het bruidspaar tegen hun zwakzinnige broer: 'Ga jij even naar de winkel om sigaretten te halen'. Toen hij terugkwam was de stoet verdwenen naar het stadhuis.

Jonge mensen die gingen trouwen vroegen hun debiele broer hun getuige te zijn. Later hebben ze een van hun kinderen naar hem genoemd.'

'Wanneer het nieuw Jeruzalem
zal lichten op de aarde
zal ook dit achterlijk kind
een Koning zijn, wiens waarde

door God zal worden hoog geschat:
zijn Schepper zal hem kronen;
in menselijk en hemels doen
zal rij volmaaktheid tonen.' (blz. 41)

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief