De graven der profeten

1979-08-17
  • Jaargang 23
  • nummer 30
De Heiland had een aantal vermoeiende discussies met de Schriftgeleerden en de Farizeeërs gehad. De tegenstellingen kwamen op een hoogtepunt. De tijd was rijp voor een zevenvoudig "wee u". Het ging er om: dat zij het kerkvolk lasten oplegden, waar ze zelf niet aan tilden; dat ze, zelf blind, zich als kerkleiders opwierpen; dat ze graag als eerbiedwaardige personen beschouwd werden, maar op vrome wijze huichelden; dat ze het nauw namen met de kleinigheden, maar in de grote zaken falikant te kort schoten.
En dan volgde de uitspraak van onze Heiland: "jullie bouwt de graven der profeten en verfraait de gedenktekenen van de rechtvaardigen maar jullie bent zelf moordenaars!" 1) Dat kwam verschrikkelijk hard aan. Geen wonder, dat de aangesprokenen op elke wijze genoegdoening hebben gezocht. Wat zou wel de achtergrond van deze fatale wending in de discussie zijn geweest?
De gesprekken vonden zonder twijfel op het tempelplein plaats. Wanneer u vandaag op het vroegere tempelplein staat, ziet u in Oostelijke richting de Olijfberg liggen. En tussen het tempelplein en de Olijfberg, beneden in het Kidrondal, zal uw blik blijven rusten op een 'aantal grafmonumenten.
De graven van profeten en rechtvaardigen.
Jawel, daar liggen in het Kidrondal nog steeds enkele markante graftekens, waar Israël vandaag erg trots op is. Ze zijn van alle kanten te zien en als de Heiland die monumenten zag moet Hij aan de achterliggende geschiedenis hebben gedacht. De Heiland zei immers nooit zo maar iets, maar wat zijn ogen zagen was vaak thema voor zijn gesprekken.

Vandaag zijn er vier beroemde graftekens over. Het eerste is van de priestersfamilie Hezir, uit de periode van de eerste tempel. Het is het oudste in Israël bewaarde graf - hoewel het monument Hellenistische invloeden verraadt en dus van jonger datum is dan het graf zelf. - Het tweede grafteken heet Absalom's graf - maar zoals u weet is Absalom daar nimmer begraven 2). Het is ook niet de "zuil van Absalom" 3) want daarvoor is de bouwstijl te jong.

Het derde wordt geacht van koning Josafat van Juda te zijn. Of dat werkelijk juist is kan betwijfeld worden, want de zonen van David werden over het algemeen in de Davidsstad, op de berg Sion, bijgezet. De overlevering, en dan een zeer oude, schrijft dit graf echter aan Josafat toe en in Jezus' dagen was het al van een prachtig monument voorzien en werd het vereerd.
Koning Josofat's naam heeft een beste klank bij Bijbellezers. Hij deed wat recht is in de ogen des Heren 4). Zijn naam alleen al betekent: de Heere richt. Hij herstelde het recht in Israël na een decadente tijd. Hij wees er zijn rechters op, dat ze geen menselijk maar Goddelijk recht uitoefenden.
Meer dan vele anderen mag Josafat een "rechtvaardige" worden genoemd.
Om die reden wordt het Kidrondal ook wel "dal des gerichts" genoemd.
En dan is er een vierde graf. Het wordt toegeschreven aan de profeet Zacharia.
Dat is wel het voornaamste graf van Jerusalem. Veel Joden hebben begeerd, naast Zacharia te mogen worden begraven. Met bijgelovige vrees kwamen ze eeuwen lang bij dit graf schuld belijden en om hulp bidden, wanneer het land in nood was. Welke Zacharia was dit en waarom werd hij aangesproken bij nationale moeilijkheden?
Het was de profeet Zacharia, niet van het voorlaatste boek uit het oude testament, maar de zoon van de priester Jojada 5). Priester Jojada had, samen met zijn vrouw Josabath, een prinsje van David's bloede gered, toen koningin Athalia alle prinsen vermoordde. Dat prinsje was de latere koning Joas, die als zevenjarige op de troon kwam 6). Uiteraard was de priester Jojada gouverneur en - toen de koning meerderjarig en wijs genoeg was - zijn voornaamste geheimraad .: Jojada, die de dynastie had gered, werd dan ook bij de koningen begraven, vanwege zijn grote verdiensten").
Maar na de dood van Jojada verliet de wijsheid Joas en koning Joas herstelde alle afgoderij, waar het volk zo zwaar voor gestraft was. De oudsten van het volk lokten de koning mee op de verkeerde weg en stelden zo het hele volk opnieuw aansprakelijk voor de totale afval. Er was maar één man in Juda die het zag en te keer ging: Jojada's zoon Zacharia!
Die neef van de koning sprak luidkeels van overtreding, van tegenspoed en van verlating van 's Heeren wegen. Maar er was geen schuldbesef bij de koning en de aristocratie - dus werd de boeteprofeet tot zwijgen gebracht.
Door middel van een samenzwering werd hij, op bevel van koning J oas, 'door steniging gedood: als iemand die anderen aanspoort om vreemde goden te dienen.
De Bijbel zegt: hij is gedood in de voorhof van het huis des Heeren. De overlevering zegt: op Grote Verzoendag en wel toen de priester Zacharia van het altaar naar het heilige der heiligen ging. De Heiland zei later: tussen het tempelhuis en het altaar 8).
De man stierf dus op die heilige plaats en stamelde nog zijn naam: "de Heere zij indachtig". Daar zat de dreiging in: de Heere zie het en neme wraak! En de Heere heeft inderdaad zijn profeet gewroken: Joas is zelf door een samenzwering gedood, vanwege zijn moord op Zacharia 9). En Juda werd gestraft met een inval door de Arameërs.

Wanneer deze graven ook in Jezus' dagen al te zien waren vanaf het tempelplein, moet Hij aan Zacharia hebben gedacht. Dit is geen speculatie, want de inventaris der kerkelijke moorden ligt tussen Abel en Zacharia. 10) Abel is de eerste in de Schrift genoemde rechtvaardige, die om zijn rechtvaardigheid is vermoord 11); Zacharia was in de toenmalige canon de laatste profeet, die om zijn profetie is vermoord 12). (Dat de profeet Zacharia in Mattheus "zoon van Berechia" wordt genoemd, Silaanwe maar even over; hij was de zoon van Jojada en er waren twee andere Zacharia's, die zonen van Berechia's waren.) Ziende op die grafmonumenten zei de Heiland: "jullie bouwt de graven der profeten en verfraait de gedenktekenen van de rechtvaardigen - maar jullie bent zelf moordenaars!". Die zweepslag was geen slag in de lucht.
Want de Heiland ging verder: "jullie orthodoxe kerkmensen kunt wel zeggen, dat jullie die daden van je voorouders niet voor je rekening neemt - maar intussen zijn jullie zonen van moordenaars".
"Zoon van" betekent in de Oosterse spraak altijd "van dat soort". Die zonen van moordenaars waren zelf potentiële moordenaars en de Heiland zei dan ook "maak de maat van je voorouders maar vol" 13). Hij wist wat in de mens schuilt en zag de toekomst helder voor Zich. Joas, de geredde, vermoorde Zacharia, zoon van zijn redder. En het bondsvolk, uit het diensthuis gered, vermoordde de Zoon van zijn God, zijn Redder. De zonen van moordenaars, die de graftekens van de vermoorde profeten en rechtvaardigen hogelijk vereerden, zouden de Heiland gaan doden, de grote Rechtvaardige, de hoogste Profeet!

Er zit een les in die graven van profeten en rechtvaardigen. De Heiland achtte de uiterlijke vorm niet nodig, wanneer die innerlijke vormeloosheid moest maskeren. Hij zag het hart aan. Als de tempel des Heeren verafgood werd, kondigde Hij de tempel verwoesting aan. Als de reinigingswetten in het extreme werden uitgevoerd, wees Hij op roof en onmatigheid. Als de profeten na hun dood· vereerd werden, wees Hij op de oorzaak van hun dood. Als de kerkelijke aristocratie 's Heilands leer naar de traditionele maat trachtte te keuren, wees Hij op hun onbekendheid met de wet der liefde.
En met zijn gelijkenis van de slechte pachters tekende Hij hun eigen beleid: gezondenen werden uitgeworpen, gestenigd, gedood; de zoon van de eigenaar werd vermoord met voorbedachten rade.
Ze hebben hun beleid tot het einde gevoerd. De Zoon van de Eigenaar is gedood in religieus fanatisme. Jezus zag dat alles duidelijk aankomen, als Hij naar het graf van Zacharia en het monument van Josafat keek.
Als wij vandaag de graven van onze profeten bouwen, vergeten dogmatische vondsten tot kerkelijke belijdenis opvijzelen, voor de erfenis van onze voormannen bloed vergieten en terwille van kerkelijke uitspraken ambtsdragers vermoorden ... dan zegt de Heiland alsnog:' "Jerusalem, Jerusalem ... "
1) Mtt 23 : 35 en Luc. 11 : 51 - 2) 2 Sam. 18 : 17 - 3) 2 Sam. 18 : 18 - 4) 1 Kon 22: 41-51 en 2 Kron. 19: 4-11 - 5) 2 Kron. 24: 20-22 - 6) 2 Kron. 22 - 7) 2 Kron.
24 : 16 - 8) Mtt 23 : 35 en Luc. 11 : 51 - 9) 2 Kron. 12 : 19-21 en 2 Kron. 24: 25 - 10) Mtt 23 : 35 - 11) Hbr. 11 : 4 en 1 Joh. 3: 12 - 12) 2 Kron. 24: 21 - 13) Mtt 23 : 31.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief