Catechismuspreken

1980-03-07
  • Jaargang 24
  • nummer 10
Iemand vroeg me naar de oorsprongen van de catechismuspreek. U kunt daarover veel vinden in het boek met artikelen van ds. G. Visee, een uitgave van Coprieerinrichting v.d. Berg, Broederweg 6, Kampen. Daarnaast haal ik nu weer iets aan uit het proefschrift van dr. G.A. Wumkes. Op 11 november 1621 was de verplichting ingegaan om elke zondag een tweede dienst te houden en dan met een preek over de catechismus. Een jaar later werd er in de classis Loppersum rondgevraagd, hoe het gegaan was. Dertien predikanten rapporteerden. Ik noem er enkele: Garmerwolde: wilde wel beginnen, had het driemaal afgekondigd, er was niemand verschenen. Westeremden: drie keer voor twee mensen gepreekt, daarna ermee opgehouden. Garrelsweer, idem. Bierum: nog wel aan de gang, doch slechts twee of drie toehoorders. Wirdum: de opkomst is goed. Spijk: ben indertijd ook begonnen, vijfmaal gepreekt voor de koster en de schoolmeester, en daar komt bij dat in mijn gemeente de jeugd, maar ook wel oudere mensen, hun bijeenkomst op zondagmiddag op het kerkhof houden, en wanneer ik dan kwam om te preken, bleven zij op het kerkhof en hun "gekalI" (gejoel) was buiten zo luid, dat ze mij overstemden en alzo de spot ermee dreven. Leermens: "Ik ben ook wel begonnen, maar geen luisteraars, zodoende onverrichterzake naar huis gegaan.” Tien van de dertien predikanten zeggen: “Nae etlicke predicatiën geholden, hebbe entlich gene auditores (hoorders) bekommen en also cesseren (ophouden) moeten”. Daarom ging de overheid zich ermee bemoeien. Er verschenen bevelschriften. “Placcaten”. Hierdoor nam het kerkbezoek des zondag ’s middags toe, maar nog in 1680 werd op een synode gerapporteerd dat verscheidene predikanten in de tweede dienst geen toehoorders vonden. Dat was dan de goede oude tijd. De “bloeitijd van het Calvinisme”. De tijd van de vaderen. Dan doen wij het tegenwoordig, met z’n allen, als kerken, nog niet eens zo slecht. Men klaagt wel veel over de tegenwoordige tijd, maar dat komt meestal doordat men een ideaal beeld heeft van vroeger, een beeld dat lijkt niet op de werkelijkheid.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief