Onder ons
1980-04-18
"Wend dan uw gelaat in de richting van de Heilige Moskee: waar ge ook zijt, wend uw gelaat in die richting."- Jaargang 24
- nummer 16
Soera 2 : 144 (deel)
"Zeg tot de gelovige mannen dat ze hun blik van de verleiding afwenden en hun vleselijke begeerten intomen. Dit zal hun leven zuiverder maken. Allah heeft weet van al hun daden.
Soera 24: 30
"Zeg tot de gelovige vrouwen dat ze hun blik van de verleiding afwenden en hun kuisheid bewaren; hun (natuurlijke) schoonheid en versierselen niet verder tonen dan wat (gewoonlijk) moet gebeuren. Ze moeten een sluier over hun boezem tr;ekken en hun schoonheid niet vertonen dan aan hun echtgenoot, vader, schoonvader, hun zonen, hun echtgenoots zonen, hun broeders of de zonen van hun broeders."
Soera 24: 31
De moslims die zo'n twintig jaàr geleden als gastarbeider naar ons land en andere West-Europese landen) zijn gekomen zijn tegenwoordig vaak niet meer alleen. Hun gezin is hen na een aantal jaren gevolgd en heeft bier een (vaak niet bijster aangename) woonplaats gevonden.
We moeten niet gering denken van de problemen die de verschillende gezinsleden hier ondervonden hebben en nog ondervinden. Elk van de gezinsleden heeft zijn of haar eigen plaats gehad, toen men nog in Turkije, Tunesië of Marokko woonde. En die plaats moet men ook hier innemen.
Wat een moeite om hier, in een vreemde, onbegrijpelijke èn onbegrijpende samenleving, de ,,'aloude wegen" te gaan!
Weinigen in Protestants-Christelijke kring hebben hiervoor meer aandacht gehad dat de pas overleden schrijver M. C. Capelle. In zijn boek "Hij is als U" beschrijft hij uitvoerig en indringend (en met veel illustraties, veelal uit eigen ervaring) over de moeiten die de "vreemdelingen binnen onze poorten", die we toch nauwelijks gasten mogen noemen, dagelijks meemaken. Voor dat verslag verwijzen we uiteraard naar genoemd boek. Toch ook hier een aantal illustraties.
De kinderen gaan naar een Nederlandse school, vaak zelfs een Christelijke school. (Vanwege het probleem in communicatie voor Christelijke onderwijzers en leraren is Capelle's boek vooral geschreven.) Ze komen er in aanraking met Nederlandse kinderen. Die hebben geregeld meer geld, hun leefpatroon is vrijer, ze hebben een eigen kamer, enz. Moslim meisjes merken dat Nederlandse meisjes 's avonds uit mogen gaan, vaak zonder begeleiding. In hun eigen milieu is zoiets (meestal nog) volkomen ondenkbaar. De kinderen leven derhalve vaak in twee (volkomen voor elkaar afgesloten) werelden. Het meisje zal merken dat ze niet uit mag gaan; als ze wèl mag, zal geregeld een oudere broer over "haar eer moeten waken". (We lezen nog wel eens van een steekpartij waarbij de broer van een meisje betrokken is.) Frustraties kunnen zich hier gemakkelijk ontwikkelen.
De moeder zit het grootste deel van de dag alleen thuis. Ze komt niet onder de mensen, bezoekt hoogstens wat familie of andere moslimvrouwen. Ze kent de taal van het nieuwe land niet. Als er eens iets is waarvoor kennis van Nederlands vereist is, zal een van de kinderen het woord voeren. (Die gaan dus b.v. mee naar de dokter.) Als er, wanneer ze alleen thuis is, een màn die ze niet kent voor de deur staat, doet ze gewoon niet open. Onderwijspersoneel dat over de vorderingen (of moeite om mee te komen) ook met de ouders wil spreken, doet er wijs aan eerst een afspraak te maken, als de vader thuis is. Zo'n gesprek loopt dan meestal over de vader; moeder neemt er niet aan deel. Zij vindt wat haar man vindt.
Vader komt wel buiten, vertegenwoordigt zijn gezin naar buiten, doet de boodschappen, heeft misschien ook relaties met Nederlanders. Meestal weet hij zich behoorlijk te redden, maar vindt in zijn werk lang niet altijd
bevrediging. Zelden heeft hij diepgaande relaties met niet-moslims. In onze cultuur ervaart hij vaak meer seksuele verleidingen dan wij dat (nog) doen. Hij vindt het moeilijk zijn kinderen zo op te brengen als hij het "thuis" 1JOU doen. Een stok of riem komt er nog wel eens aan te pas, omdat dat te doen gebruikelijk is. (Een jongetje in de kleuterklas van onze oudste zoon kwam steevast te laat op school. De juf maakte daar een keer een toespeling op, waarop de vader het kind fors onderhanden nam. Toen bleek dat Hamid vanwege zijn Iaatkomen nogal geslagen was, wist de juf niet veel meer te doen dan de zaak verder te laten rusten, .
hoewel er nauwelijks verbetering in het op tijd komen was ... Een alleraardigste vader, die met de riem zijn kinderen - en opvoedingsproblemen - te lijf gaat. Te suggereren dat er van enige wreedheid of kwaadwilIigheid sprake is zou volkomen onjuist zijn.) Allerwege dus een "cultuurkloof", waarvan we - àls we er al over nadenken - vaak weinig weet hebben. Amusant vond ik een illustratie van Capelle. Je bent onderwijzer en gaat bij Turken op bezoek. Men is gek op 'geurtjes, zoals ieder die wel in zo'n mediteraan land geweest is, zal herinneren. Men biedt dus een (joekel van een) fles eau de cologne aan. Je weet je niet zo goed raad, bedankt vriendelijk doch beslist. Niet goed!
Je had een beetje eruit moeten nemen en op je handpalmen en eventueel wangen moeten wrijven. Even fout: je wHt je niet laten kennen, neemt vriendelijk de hele nes in ontvangst en gaat, enigszins bezwaard, aan het eind van de avond met een liter bol door naar huis. De ,,'andere partij"
beseft dat je het gebaar niet begreep, maar zal zich ervoor wachten de fles terug te vragen ... (Kennelijk waar gebeurd.)
Gezinnen van buitenlandse arbeiders hebben het moeilijk met onze gewoontes, ons leeftempo, onze onverschilligheid in godsdienstige zaken. Zelden denken we na over het beeld dat men van ons Nederlanders heeft en dus beseffen we ook zelden hoe negatief dat beeld kan zijn.
Moslims vinden het onbegrijpelijk dat ons leven zo weinig van godsdienst is doortrokken. Ze kunnen het niet vatten dat mensen vloeken of onverschillig zijn. "Wat vindt u ervan dat die jongens zo over God en Jezus praten", vroeg een moslimleerling aaneen vriend, leraar godsdienst aan een (nogal beruchte) Christelijke LTS. "Wij zouden nooit zoiets doen". Men voelt bovendien (ten onrechte?) dat de algemene pro-Israëlische houding van de Nederlanders een laatdunkende kijk op Arabieren, en Moslims in het algemeen, met zich meebrengt.
Te midden van die (al of niet door onszelf geconstateerde) problemen probeert de moslim de "qiblah", de gebedshouding in de richting van Mekka, vol te houden. Want, zoals we in de Koran leren, waar hij ook is, steeds moet hij het gelaat naar Mekka keren.
Voor de problemen van gastarbeiders hebben orthodoxe Christenen vaak veel minder oog gehad dan progressieve(r) Christenen of links gerichte actiegroepen. We kunnen dat niet ontkennen. Is het daarom wonder dat er (volgens niet-bevestigde meldingen) zo'n 40 Nederlanders per jaar tot de Islam overgaan, terwijl er, volgens diezelfde berichten, geen enkele Moslim Christen wordt! Het aantal Moslims in ons land wordt op ruim 300.000 geschat, een aantal dat ver uitgaat boven b.v. het totale aantal Ohr. Gereformeerden, Vrijgemaakten en Ned. Gereformeerden ... In landen als België en Frankrijk is het aantal Protestanten slechts een fractie van het aantal Moslims.
Een stuk informatie over de Moslims in Nederland wordt verstrekt door de uitgaven van de F.M.O.N., de Federatie van Moslim Organisaties in Nederland. Adres: Harstenhoekweg 5 te Scheveningen. Dat is in de eerste plaats het blad Qiblah, een fraai groot formaat blad (where have all the dollars gone?, met een variant op Bob Dylans song) dat zaken vanuit moslimperspectief belicht, Hoewel namen in de redactie als Muhammed Siradj Blschot, Abdul-Hayy Rijlaarsdam en Abdul-Wahid van Bommel wel enigszins op de lachlust werken, geven ze aan dat inderdáád Nederlanders hun weg tot de Islam gevonden hebben ... Heel lezenswaardige artikelen over Mohammed in de Bijbel, Iran in de pers, de Islam en Rechten van de Mens, de Historische Jezus, maar ook een verhaal over het Beeld van de Islam in de werken van Kuyper, Bavinck, Karl Barth, Hendrik Kraemer en prof. Berkhof! We lezen dat er geregeld moskeeën bijkomen, onder andere in Tiel, waar een (onder monumentenzorg staande) voormalige synagoge in Islamitische handen is overgegaan... enzovoort.
Naast dit (vooralsnog gratis) blad is op hetzelfde adres aan te vragen het Islam Informatie Bulletin, met heldere informatie. Geïnteresseerden moeten van beide bladen eens een proefnummer aanvragen, lijkt me. Van de boeken die er bij het F.M.O.N. te bestellen zijn zou ik vooral aandacht willen vragen voor een klein boekje, Jihad, a Ground plan, uitgegeven in Engeland. De schrijver spreekt over de "Jihad", de heilige oorlog, en legt uit wat de relevantie is van de herleving van de Islam. Zeer verhelderend, èn toch wel benauwend voor ons in het Westen.
Dit overzicht zou ongetwijfeld niet volledig zijn, als niet werd verwezen naar twee instanties en mensen. Een aantal jaren al kent het Dienstencentrum van de Gereformeerde Kerken te Leusden een speciale "voorlichter voor de Islam", drs J. Slomp. Deze erg drukke "islamspecialist" publiceert vrij regelmatig in Trouwen het Centraal Weekblad.
Min of meer vanuit de Inwendige Zendingsbond in de Nederlands Hervormde Kerk is er een afdeling opgezet voor contact met en werk onder moslims in ons land. Meerdere dagconferenties zijn al belegd, terwijl er zeker in de toekomst publicaties zijn te verwachten. Drs J. Beukema, die zich met dit werk belast heeft, is ook voorzitter van een werkgroep (die vanuit de pas opgerichte Evangelische Alliantie) zich met de Islam wil bezighouden.
Voor veel Christenen moet de eerste betrokkenheid bij het probleem van de talloze niet-christelijke "gasten binnen onze muren" nog ontstaan.
We kunnen nagenoeg allemaal jarenlang leven zonder ooit met een Turk, Tunesiër of Marokkaan om te gaan. Maar of we daarmee de gastvrijheid tonen die óók de Bijbel (niet alleen de gastarbeiders zelf) verwàcht is de vraag. Wie van ons heeft zo de hongerige, kwetsbare, onvervulde, in onze samenleving gezien, laat staan bezocht? Wat zei de Heer ook al weer?
tegen mensen die hun opdracht in dezen lieten liggen?
Literatuur
M. C. Capelle, Hij is als U. Kok, Kampen. Serie Cahiers voor het Christelijk Onderwijs.
f 18,90. Indringend en zeer de moeite waard.
Adressen: Inwendige Zendingsbond, Johan van Oldenbameveldlaan 10, Amersfoort. Tel. 033-11949.
Dienstencentrum Geref. Kerken, De Beaufortweg 18, Leusden. Tel, 033-943244.