Zuid-Afrika - appel van Paris
1979-11-16
Nog eenmaal over de republiek van Zuid-Afrika en de publicatie van Jan Marais. Eerst nog enige cijfers en gegevens.- Jaargang 23
- nummer 43
Dat per leerling minder aan zwarten wordt uitgegeven zit daarin, dat deze nog voor 87% op de lagere school zitten, die minder kost dan de middelbare scholen. Naarmate het aantal leerlingen in de voortgezette scholen echter toeneemt, zal ook deze discrepantie verminderen. Het aantal middelbare zwarte scholen steeg in 2 jaar van 252.000 tot 461.000.
Een beschuldiging tegen Z.A. luidt: dat de zwarten inferieur onderwijs ontvangen. Marais antwoordt: 57% van de zwarte Z.A. bevolking kan thans goed lezen en schrijven. En vergelijk dat nu eens met Zambia (35 %), Tanzania (30%), Ethiopië (15 %) en Angola (12 procent) ...
Dat zijn met elkaar heel wat cijfers en feiten geworden. En daarmee is het complex van problemen rondom de Z.A. apartheidspolitiek nog niet opgeruimd.
Maar er is wellicht enig materiaal aangereikt, om de Z.A. regering niet meer lastig te vallen met onvriendelijke buitenlandse inmengingen.
Die wens heeft goede gronden. Toen in de dertiger jaren een Europees land Finland bezette; toen een ander Europees land Ethiopië onder de voet liep; toen nog een ander Europees land het Saargebied annexeerde, Oostenrijk inlijfde ... zweeg de Westerse opinie. Men was bang de vingers te branden. Daarmee kregen de Westerse mogendheden (diezelfde, die nu via de Verenigde Naties een grote mond tegen Zuid-Afrika opzetten) de verantwoordelijkheden voor een tweede wereldoorlog.
Maar Z.A. heeft nimmer grond aan zwarten ontnomen, heeft niets veroverd op andere naties, of heeft die gronden teruggegeven in zwarte, onafhankelijke gebieden. Zelfs heeft Z.A. de gronden voor Botswana, Lesotho en Zwaziland aan die zelfstandig geworden landen geschonken, daarmee van eigen eerste rechten afziende. Voor de rest zit Z.A. op eigen verworven, aan oorspronkelijk niemand toebehorende gronden. In tegenstelling tot de bewering dat de zwarten slechts 14% van de Z.A.grond bezitten, rekent Jan Marais voor dat, tengevolge van de afgestane gebieden, de verhouding 50-50 is geworden.
Maar dit zegt nog niets ten aanzien van de levensmogelijkheden. Niet de hoeveelheid grond is beslissend, maar het gebruik ervan. In Z.A. is vroeger altijd roofbouw geweest: de stammen trokken naar gebieden.. waar ze genoeg gras, water en wild aantroffen, Vandaag kan de grond een veel groter bevolking dragen. Ter oriëntering dit: zowel Zwitserland als België als Nederland zijn elk kleiner dan het Transkei-district. Maar ze hebben wel driemaal, vijfmaal, zevenmaal zoveel inwoners als Transkei.
In de Westerse wereld spelen de lonen een grote rol. Vandaar de beschuldiging dat Z.A. zijn zwarte arbeiders hongerlonen zou uitbetalen.
Maar in 1974 bedroeg het gemiddelde maandloon van zwarte arbeiders in Z.A. $ 127 - meestal vergezeld van uitgebreide secundaire voorzieningen.
Op dat tijdstip werkten in 's werelds meest welvarende land, de V.S., nog 24 miljoen mensen voor minder dan $ 140 per maand. Daargelaten dat de Verenigde Naties dit punt beter kunnen laten rusten merken wij op, dat in Z.A. een verdere gunstige ontwikkeling bestaat, die we van de V.S. nauwelijks kunnen hopen.
Dan de bekende verwijten over gebrek aan meningsuiting en politieke verdrukking. Jan Marais antwoordt: dat er in Z.A. meer kranten tegen de regering schrijven dan in de tien dichtstbijzijnde onafhankelijke staten verschijnen! Die oppositiekranten in Z.A. zijn onverhuld scherp. Ze worden niet verboden. En politieke oppositie zou gestraft worden met gevangenis en foltering? In 1978 zaten er inderdaad 335 mensen vast op grond van de Wet op Terrorisme en de Binnenlandse Veiligheidswet. Die cijfers krijgen betekenis tegenover andere cijfers: op dat ogenblik zaten in Groot-Brittannië 1250 Ieren gevangen op politieke gronden, Cuba had zo'n 20.000 politieke gevangenen, onder mevrouw Ghandi zaten in India naar schatting 250.000 mensen gevangen, zelfs zonder vorm van proces.
En zullen we Indonesië maar vergeten?
Bij de apartheidspolitiek van Z.A. geeft men zwarte steden een eigen zwart bestuur. Geopperd is, dat dit niet reëel is, aangezien de zwarten alleen op het platteland wonen. Soweto geldt echter als voorbeeld: in 1964 hadden veel arbeiders nog hun gezinnen op het platteland, zonder ze $ 63 mIj. aan lonen naar huis. Vandaag zijn ze stadsbewoners, met eigen zwarte gemeenteraden, zowel in Soweto als de andere stedelijke gebieden. En wanneer gezegd wordt, dat die veranderingen van Z.A. slechts oppervlakkig en propagandistisch zijn - dan antwoordt Marais: alleen al het staatsbedrijf van de spoorwegen heeft 20.000 blanke banen ingeruimd voor zwarten. Dit ondanks het verzet van vakbonden! De overige categorieën van bevoorrechting zijn teruggebracht tot 5 stuks, waarbij slechts 1% van de zwarte arbeidsmacht betrokken is.
Jan Marais. die zulk een puntig boekje over Zuid-Afrika opendeed, schreef ook een publieke brief aan Jimmy Carter te Washington. Hij knoopte aan bij Carters voorliefde voor mensenrechten. Daarom vroeg hij om een mensenrechtelijke beoordeling van Z.A., altijd een trouwe bondgenoot van de V.S. geweest. Hij wees er Carter op, dat in de Verenigde Naties twee op elke drie landen (98 van de 149 lidstaten) minder politieke rechten kennen dan Z.A.; dat een op de twee Afrikaanse landen (25 van de 49 lidstaten) minder burgerrechten hebben dan in Z.A. De cijfers ontleende Marais aan het Amerikaanse Freedom House! Hij daagde Carter uit, evenzeer op de mensenrechten van vele miljoenen rechtelozen in de Verenigde Naties aan te dringen als hij doet voor de mensenrechten van Zuid-Afrikaners. Dan zou Carter goed werk doen, zegt hij, en de Z.A. regering in de kaart spelen.
Hij herinnerde er Carter aan, dat deze korte tijd geleden in Nigeria grote woorden tegen Z.A. gebruikte. Hij vroeg, of Carter wel dacht aan het uitzonderlijk hoge sterftecijfer van Nigeria, aan de openbare executies aldaar en aan de censuur aldaar?
Hij vroeg Carter voorts, wat de V.S. met de Indianen gedaan hebben, met hun onroerend goed en met hun erfrecht? Hij informeerde waarom, ondanks schone programma's, nog niet één zwarte zitting heeft in de V.S. senaat en slechts enkelen zitting hebben in het parlement. Hij wees er op, dat ruim 15% van de V.S.-bevolking zwart is, maar nog niet 1% ervan verkiesbare ambten bezet. Hij herinnerde er Carter aan, dat Amerika nog maar 40 jaar geleden duizenden in de U.S.A. geboren Japanners in kampen plaatste, dat Amerika slechts 25 jaar geleden de apartheid in de scholen afschafte, dat Amerika nog maar 10 jaar geleden in alle staten gemengde huwelijken toestond. Om die redenen, zo meende hij, heeft Amerika zich pas de allerlaatste jaren de rol van internationaal geweten kunnen aanpassen.
En nog was de vergelijking niet klaar. Carter had zich bezorgd getoond dat in Zuidwest-Afrika en Namibië vooralsnog geen kiesrecht bestaat.
Marais herinnerde Carter er aan, dat het Amerikaanse district Columbia met zijn 700.000 zielen nog geen enkele vertegenwoordiger in de Senaat heeft. Carter zou internationale straffen op Z.A. willen toepassen maar schijnt vergeten dat in 1977 in de U.S.A. (volgens Amnesty International) zeventien politieke gevangenen zaten ...
Niet alle cijfers en feiten zijn hartverheffend. Jan Marais beseft dat en merkt op dat gegevens over sterfgevallen tijdens hechtenis geen maatstaf voor een regering zijn (in de V.S. zijn dat honderden per jaar) maar dat men elkaar dan ook maar niet bodemloos moet beschuldigen. Vooral wijs hij Carter er op, dat al die anti-Zuidafrikaanse propaganda slechts van communistische zijde komt - en dat Carter zich met voor dat wagentje moest spannen.
Waarschijnlijk is zijn boekje niet voor niets geschreven, Het overtuigt door zijn vele controleerbare gegevens en zijn menselijke toon. Wie zo algemeen en over de gehele linie beschuldigd en veroordeeld wordt als de Z.A. regering, mag waarlijk wel eens een mond open doen.
Want die Z.A. regering deed het tot nu toe, vergeleken met vele landen, nog niet eens zo gek. En die Z.A. regering kijkt in de toekomst - zonder daar anderen mee lastig te vallen, eer mede ten behoeve van die anderen. Daarom tenslotte nog enkele gegevens, die algemeen warm zullen worden ontvangen.
Het Nationale Krugerpark van Z.A. heeft een der mooiste collecties wilde dieren op aarde: 7.000 olifanten, 13.000 zebra's, 1.000 leeuwen, 200.000 impala's, 5.500 koedoe's, 1.100 sabelantilopen, 2.900 giraffen, 18.500 buffels, 14.500 blauwe wildebeesten, 520 elandantilopen, 11 witte neushoorns en 850 verschillende soorten vogels.
In de straten van Johannesburg, zegt Jan Marais, bent u veiliger dan in de meeste wereldsteden. U zult er minder politiemensen aantreffen dan in London, New York, Frankfurt of Tokio. Er zijn trouwens in heel Z.A. minder politiemannen dan in de stad New York.
Zuid-Afrika is een paradijs voor vacantiegangers. Afgezien van het genoemde Krugerpark en de andere niet genoemde reservaten zijn er de toeristische attracties van dorre uitgestrektheden tot de schitterende kusten van Kaap de Goede Hoop, de majestueuze grootheid van de Victoriawatervallen, de zonovergoten stranden van Natal, de afgelegen Wildekust van Transkei en de imposante bergen van Lesotho, dikwijls het Zwitserland van Afrika genoemd.