"Wat ontbreekt aan de verdrukkingen van Christus" (2)
1980-06-20
Het zal je kind maar wezen- Jaargang 24
- nummer 25
Nog even terug naar het begin: Paulus vult in zijn vlees (in zijn lichamelijk bestaan hier op aarde) aan wat ontbreekt aan de verdrukkingen van Christus - hij zit in de gevangenis. Dit overkomt hem en dit accepteert hij "om uwentwil", "ten behoeve van zijn (Christus') lichaam, dat is de gemeente."
Ik heb in dat verband de uitdrukkingen "plaatsvervangend" en "plaatsbekledend"
gebruikt. Niet om te kort te doen aan het unieke werk van onze Heiland, die als "één voor allen gestorven is" (2 Cor. 5 : 15). Wel om er op te wijzen dat "lijden ten behoeve, omwille van" geen vreemd element is in de heilsgeschiedenis. Alleen alom d; geboorte van Christus zijn heel wat kinderen in Bethlehem uit naam van Herodes vermoord. Neem het "Rachel", neem het die vaders en moeders eens kwalijk dat zij ontroostbaar waren: wie zou niet wenen?
Het zal je kind maar wezen... moet ook Maria gedacht hebben, toen Jezus aan het kruis genageld werd. En wat zal Petrus' moeder hebben gedacht? Werd zijn van zware koorts genezen om te horen, eventueel te beleven dat haar zoon in Rome als een boef om het leven zou gebracht worden? Wat te denken van Zebedeüs en zijn vrouw, toen Jacobus in Jeruzalem met het zwaard werd gedood (Hand. 12: 1 v.v.)?
Ze hebben het geweten
En denk eens aan Zacharias en Elisabeth. Kinderloos tot op de dag dat ze vanwege hun leeftijd alle hoop konden laten varen. Dan toch nog een kind, een zoon zelfs. Van Godswege, in de tempel zelf beloofd. Met de voorzegging o.a.: "hij zal voor zijn aangezicht uitgaan in de geest en kracht van Elia ... " (Luc. 1: 17). Dat wekt toch zeker hooggespannen verwachtingen? Maar wat hebben ze gedacht (als ze nog leefden) toen Johannes, hun enige zoon, de vreugde van hun oude dag door Herodes werd onthoofd - door een boosaardige gril van Herodias, vrolijk overgebracht door Salome?
Wat heeft Johannes er zèlf van gedacht - daar in de gevangenis, amper dertig jaar oud - hij was toch de wegbereider van Jezus, Israëls Messias?
Trouwens - denk ook eens aan Paulus! Naar Jezus' zeggen "een uitverkoren werktuig om mijn naam te brengen voor heidenen en koningen en de kinderen Israëls". Maar wel met de toevoeging: "Ik zal hem tonen hoeveel hij lijden moet terwille van mijn naam" (Hand. 9: 15, 16 - vergelijk de laatste zaligsprekingen in Matth. 5: 10-12; Luc. 6 : 22, 23). Nu, Paulus heeft het geweten (2 Cor. 11 : 23-29). En wat is zijn reactie? Bijna ongeloofwaardig: thans verblijd ik mij... (Col 1 : 24)
God wil het
Dramatische heroïek? Blij, blij, blij - koste wat het kost? Omdat je als volgeling van Christus niet mag huilen? Christus huilde zelf... Er is maar één reden waarom Paulus blij kan zijn en waarover hij durft reppen: zijn verbondenheid met Christus èn diens gemeente, wier dienaar hij is geworden" (Col. 1 : 25). Dienaar in die tin, dat hij ook haar uit naam van God heeft mogen bekend maken "hoe rijk de heerlijkheid van dit geheimenis is onder de heidenen: Christus onder u, de hoop der heerlijkheid" (Col. 1 : 27). Een geheimenis dat eeuwenlang verborgen is gebleven (1 : 26) maar dat nu onthuld is zodat hij nu ook onder het Woord van God tot zijn volle recht kan doen komen (1 : 25).
Het gaat bij alle genoemde en ongenoemde voorbeelden om Gods gang door de wereld, om Zijn weg. Voor velen die er bij betrokken waren of worden een lijdensweg, een via dolorosa.
De gelovige Joden spraken al van de "weeën van de Messias, die aan de nieuwe geboorte van de wereld in de tijd van de voleindiging van het heil vooraf moesten gaan". Geen geboorte zonder weeën - dat is ook de taal van Jezus zelf als Hij zijn tijdelijk heengaan aankondigt (Joh. 16 : 20 v.v.).
Jezus heeft het geweten
Zelf heeft Jezus de Emmaüsgangers uit de Schriften duidelijk gemaakt, aangetoond "dat de Christus (Messias) moest lijden om in zijn heerlijkheid in te gaan" (Luc. 24 : 26, vgl. 24 : 46 v.) Moest! "Dat "moest" is in de Schrift veel ernstiger en inhoudsvoller dan ons gedevalueerde hulpwerkwoorden moeten doen vermoeden", las ik ergens. Het heeft alles te maken met de weg die Gód heeft gekozen om deze wereld te redden en te vernieuwen. Dat is niet de weg van bruut geweld (Zach. 4: 6), het "uitbuiten" van zijn Goddelijke macht. Zo heeft Jezus het ook, uit de Schriften, begrepen - denk maar aan de hof van Gethsemane: "of meent Gij, dat Ik mijn Vader niet kan aanroepen en Hij zal mij terstond meer dan twaalf legioenen engelen ter zijde stellen? Hoe zouden dan de Schriften in vervulling gaan, die zeggen dat het aldus moet geschieden?" (Mt. 26: 53, 54). En dat naar aanleiding van Petrus, die er met een zwaard op los begon te slaan...
Christus heeft de weg van God uit de Schriften leren verstaan en is die gegaan. Welbewust en met alle consequenties daarvan. De God die zijn volk het dubbelgebod der liefde heeft ingeprent, ging zelf daarin voor: alzo lief had God de wereld ... (Joh. 3 : 16).
Tranen "terwille van"
Het "terwille van" begint al in de dagen van Abram: terwille van het feit dat de maat van de ongerechtigheid der Amorieten nog niet vol is, runen Abrams nakomelingen vreemdelingen zijn in een land, dat het hunne niet is, zij zullen er slaven zijn en verdrukt worden, vierhonderd jaar lang (Gen. 15 : 13-16) Gods weg door de geschiedenis is nog niet ten einde. Tot aan Jezus' terugkeer zal het voor zijn gemeente een lijdensweg zijn. Vanwege haar verbondenheid met Christus. Vanwege haar onderworpenheid met God. Vanwege het feit dat in het koninkrijk Gods andere maatstaven gehanteerd worden dan in de koninkrijken van deze wereld.
Maar dit volgen van Christus (... die neme zijn kruis op, verloochene zichzelf), dit eens Geestes zijn, dit nauw verbonden zijn van Hoofd en lichaam (Col. 1 : 18) brengt met zich mee een delen in het lijden, het lijfelijk aanvullen aan wat ontbreekt aan de verdrukkingen van Christus.
Dit is een verbondenheid die de persoonlijke beleving niet uitsluit, Alleen: die persoonlijke beleving gaat veel verder dan men gemeenlijk stelt, Het risico van het individualisme (als ik maar gered ben) wordt overwonnen In het zich gewonnen geven aan Gods weg door de wereld: als die wereld maar gered wordt. Dat kan tranen kosten, maar het is een voorbijgaande droefheid.