Laat eens wat horen
1979-12-07
Korrespondentie over deze rubriek naar: - Jaargang 23
- nummer 46
A. W. Biersteker,
Fazantenkamp 526,
Maarssen (03465-65358)
"DRONKEN FLIP"
naar aanleiding van Alcohol en drugs - het drama der matelozenvan dr P. H. Esser
Als ik wil, kan ik hem moeiteloos voor me halen: "dronken Flip". Hij woonde bij ons in de buurt, en was onveranderlijk iedere avond stomdronken.
Twee dingen (die verder van minder belang maar toch vermeldenswaard zijn) typeerden hem: z'n innige aanhankelijkheid aan het Oranjehuis en z'n vermogen in beschonken toestand langdurig op de handen te staan. Geen avond of hij beleed z'n diepe liefde voor "Willemien" - "en wie wat van Willemien te zeggen heeft, zal ik op z'n b ... slaan"; geen avond of hij stagneerde gedurende enige tijd alle verkeer door midden op straat een omgekeerd verticale houding aan te nemen.
Als kind vond je dat allemaal wel leuk. Maar 't wás niet leuk.
Eigenlijk bood hij een droevige aanblik.
Zeker voor z'n vrouwen negen kinderen die zwaar leden onder Flips drankzucht. Flip was een van die tamelijk velen die zich in die tijd schuldig maakten aan openbare dronkenschap.
En hij en z'n mededronkelappen plaatsten zich buiten de samenleving.
Ze werden beschouwd als stumperds of openbare vermakelijkheden.
Nu, die drinkebroers en -zusters zijn gelukkig grotendeels van het straattoneel verdwenen, Maar in de nette huizen en achter de keurige gordijnen moeten er heden ten dage wel vele, vele te vinden zijn. U weet het: het misbruik van sterke drank is onrustbarend toegenomen. Zo zeer, dat van alle kanten alarm wordt geslagen.
Een rapport spreekt van een sterk groeiend aantal ouderen en ook jongeren dat zich niet meer of nauwelijks maatschappelijk kan handhaven als gevolg van tomeloos alcoholmisbruik.
Huisartsen verzekeren je dat in toenemende mate patiënten zich op hun spreekuur vervoegen met ernstige lichamelijke klachten. Oorzaak: alcoholmisbruik. Het is verleidelijk allerlei illustratieve cijfers te geven en uitspraken te citeren die een beeld geven van de toenemende alcoholverslaving. Maar in het kader van een boekbespreking is er niet zo de ruimte voor.
Over verslavende-, vlucht- en roesmiddelen schreef dr P. H. Esser: Alcohol en drugs. Het drama der matelozen.
(Uitg. Kok, Kampen, f 13,90).
Graag proberen we U er een indruk van te geven. De inhoud is als volgt: Inleiding, Alcoholisme, Roken, Niet medisch druggebruik, Samenvatting, Het woordgebruik van druggebruikers, Literatuur, Belangrijkste adressen in Nederland. U ziet: het boek handelt zeker niet alleen over alcoholverslaving, ook de gebondenheid aan (andere) drugs komt ter sprake.
Doel van deze niet zo gemakkelijke maar wel belangwekkende uitgave is: "de lezer bekend te maken met wat ons de dagelijkse omgang met matelozen kan leren en voor welke vragen dat contact ons stelt". Ieder die hoe dan ook betrokken is bij hulp aan en opvang van verslaafden kan m.i. heel wat aan dit boekje hebben; verder is het voor ieder die zich op dit terrein oriënteren wil heel interessant.
Belangrijk is de opmerking (ik probeer die maar met eigen woorden weer te geven) dat het alles uitmaakt hoe je tegen dat ziekteverschijnsel "verslaving" aankijkt. De een, een Nieuw-Linkser b.v, "vindt dat de maatschappij zo tolerant moet zijn het gebruik van in ieder geval hennep toe te staan." Een ander "indt verslaven, wegdromen en wegvluchten immoreel en normloos. Eveneens in de inleiding laat dr Esser uitkomen de onderscheiding soft- en harddrugs niet juist te achten, Gelukkig, want wat zijn het toch voor boosaardige mensen die suggereren dat hennepproducten (marihuana en hashish) "soft", ongevaarlijk zijn? Wat willen ze? Ach, dat is niet zo moeilijk. Het zijn prachtige middelen om jongeren naar je hand te zetten, om ze om te turnen tot wezens die passen in een nieuwe maatschappij waarin voor God en zijn heilvolle Woord geen enkele plaats is. Alleen dwazen en misleiders praten hennepgebruik goed. In de psychiatrische centra zitten ze: de hashgebruikers, Deerniswekkende stumpers, vernietigd naar lichaam en geest!
In hoofdstuk 11 stelt de auteur dat alcoholisme een ziekte is. Het centrale probleem van de alcoholist is dat zijn gedragingen gekenmerkt worden "door een wisselende graad van mateloosheid". En dat is dramatisch.
De mateloze is zichzelf niet meer, is verslaafd, gebonden, hij móet drinken of spuiten. Die tot vrijheid geroepen is wordt een treurige slaaf, een geketende. En van dit geketendzijn, van het verlies van wil en gevoel geeft de schrijver een duidelijk beeld. Een helder overzicht geeft U inzicht in de begrippen tolerantie, misbruik, gewenning en gewoonte.
Andere "onderdelen" zijn: "hersenfuncties en alcohol", "is alcoholisme erfelijk?", "het voorkomen van alcoholisten in verschillende landen", "lichamelijke ziektes bij alcoholisme", "stadiën in het ziekteverloop", "verheimelijken van het drinken", "partiëel geheugenverlies en controleverlies", "het isolement van de drinker", "organische afwijkingen", "behandeling van de alcoholist" en "verschillende vormen van therapie". Ook van de wijze van aanpak van de "AA" (de Anonieme Alcoholisten) wordt een indruk geboden.
Op blz. 35 kenmerkt dr Esser alcolisme als ,,'een soort geestelijke kanker, een geen grenzen respecterende aandoening, die niet alleen de drinker, maar ook zijn gezin, zijn werk, kortom heel zijn leefmilieu aantast en met de jaren vernietigt".
Hoofdstuk 111 bespreekt het rookprobleem.
Roken is niet de enige aanleiding van het tot ontwikkeling komen van longkanker. "Wel is gebleken", zegt dr Esser, "dat het excessief roken van sigaretten de belangrijkste predisponerende factor bij het tot ontwikkeling komen van longkanker, chronische bronchitis en emfyseem is". De uitspraak, dat de strijd van dr Meinsma lijkt op een strijd tegen windmolens, lijkt me wat boud. Onder de indruk van de berichtgeving zijn toch velen gestopt met roken. Anderzijds is het toch wel griezelig te zien hoe mateloos onder jongeren gerookt wordt. In de pauzes hangt boven menig schoolplein een dichte rookwolk. Een tip voor rokers die willen ophouden: denk niet: "ik rook nooit meer". Neem U 's morgens voor: "Vandaag rook ik niet.
Morgen zal ik deze moeilijkheid opnieuw bekijken".
In een groot deel (bijna 50 blz. van dit totaal 123 pagina's tellende boek) wordt de lezer geïnformeerd over het "niet-medisch druggebruik". De schrijver wijst er op hoe inmens een diep-verslaafde, we mogen wel zeggen, tot genezing komt. Doorbreking van de verslaving wordt vrijwel onmogelijk wanneer een ex-gebruiker terugkeert in de groep. Onder de verslaafden zijn er veel die een neurotiserende jeugd gehad hebben of daar nog midden in zitten. Of zij die afkomstig zijn uit gebroken gezinnen.
Of jongeren die om welke reden ook weigeren "het maatschappelijk spel" mee te spelen.
Evenals in zijn boek "Klinische psychiatrie" houdt dr Esser ook hier de indeling in drie grote groepen aan:
Psychodyleptica of hallucinogenen (cannabis, Isd);
Psychoanaleptica of pepmiddelen (amfetamines) ;
Psycholeptica (opiaten, ethanol, hypnotica en tranquilizers).
Over de bewustzijnsverruimende middelen (de psychodysleptica) krijgt de lezer in kort bestek heel wat gegevens geboden. De opsomming van subjectieve en objectieve verschijnselen bij de cannabisgebruiker en het onderdeel "enkele belangrijke vragen bij gebruik van hennepproducten" lijkt me goed practisch materiaal voor degenen die zich met gesprek, opvang en hulpverlening bezighouden. Ook voor degenen die wat op de hoogte zijn van LSD en de uitwerking ervan op de gebruiker is het schokkend te lezen hoezeer dit middel de geest verwoest. Het is niet doenlijk hier alle middelen en stoffen die de auteur beschrijft, hun werking, de afhankelijkheid die zij veroorzaken te bespreken.
Grote aandacht heeft de schrijver voor de verslaafde, voor de houding t.o.v. hem, voor de vragen: hoe treed ik hem tegemoet?, hoe kan ik helpen?
In de "samenvatting" maakt de auteur nog eens duidelijk dat hij onverzoenlijk staat tegenover iedere wijze van acceptatie van niet-medisch druggebruik door jongeren.
Druggebruik is "onderdeel van een andere samenleving". "Het hoort niet thuis in onze cultuur". W:ie zich ten doel stelt jonge mensen te bevrijden van hun verslaving zal andere waarden moeten zichtbaar maken".
Ja, daar gaat het om. Er zijn er die door een zeer diep dal gegaan zijn, die angsten en verschrikkingen hebben doorgemaakt waarvan U en ik geen weet hebben en ze zijn gered.
Ze zijn opgestaan tot een nieuw leven toen ze genezing en vergeving en vrede vonden bij een levende Heer.
Tenslotte nog een vraag. Hierboven werd iets gezegd over het schrikbarend toegenomen alcoholgebruik. Er zijn christenen in binnen- en buitenland die amen van elk gebruik van alcoholische dranken. Ik weet niet of dat moet. al maakkt hun soberheid grote indruk. Toch klemt de vraag: hoe gaan wij om met datgene wat velen in onze tijd tot matelozen maakt:?