Een leeservaring met kerkvader Augustinus
2008-11-21
Bij het woord 'workshop' denken we niet meteen aan kerkdiensten. Dat is wel eens anders geweest.- Jaargang 52
- nummer 23
Bijvoorbeeld in de tijd van kerkvader Augustinus. Een Augustinus-kenner noemde in een radio-uitzending de diensten van Augustinus workshops.
En dat past precies bij mijn leeservaring met de preken van Augustinus (354-430).
De term workshop doet modern aan.
Daarbij zie je mondige mensen, die niet alleen luisteren naar één spreker, maar ook zelf op allerlei manieren deelnemen in een oefening of gesprek. Het is dé vorm van onze tijd, die ook in het gemeenteleven wordt gebruikt. Toch zouden we onze zondagse kerkdiensten vermoedelijk niet met zo'n woord willen typeren. Des te pikanter dat diensten van pakweg zestien eeuwen geleden juist veel weg hebben van een workshop.
Aantrekkingskracht
De radio-uitzending rond Augustinus ging over enkele nieuw ontdekte preken.
Er zijn ongeveer 600 preken van Augustinus bekend, maar vermoedelijk heeft hij er tweemaal zoveel gemaakt. Er kan dus nog steeds nieuw materiaal worden gevonden. Dit jaar werd zo'n ontdekking gedaan en op zulke momenten staat Augustinus weer in de belangstelling. Zo'n interessepiek komt trouwens geregeld voor: in 2006 kozen Trouw-lezers een stuk van Augustinus als 'de preek van het jaar'. Er gaat een zekere aantrekkingskracht uit van deze kerkvader en deze interesse zal ook in het Calvijnjaar 2009 (en straks het Lutherjaar 2017!) wel onverminderd blijven bestaan. Tal van lijnen lopen voorbij Calvijn en Luther terug in de tijd naar Augustinus. Mijn eigen interesse werd weer gewekt door een nieuwe vertaling en uitgave (Uitgeverij Damon) van de werken van Augustinus.
Slecht bij stem
Dat Augustinus en zijn preken niet vergeten zijn, hebben we in de eerste plaats te danken aan stenografen die bij Augustinus in de kerk zaten. Zij zorgden dat zijn preken bewaard zijn.
Waar hij sprak, in zijn eigen bisschopskerk in het
Noord-Afrikaanse Hippo of als gastpredikant in Carthago, overal kregen schrijvers opdracht de preken op te tekenen.
Deze stenografen deden dat letterlijk, waardoor je bij het lezen het gevoel krijgt dat je er zelf bij bent. Er is ook niet getracht de spreektaal in schrijftaal om te zetten. Een mooi voorbeeld is een preek, waarin Augustinus op een gegeven moment opeens om stilte in de kerk vraagt. Hij zegt dan: 'Mensen, doe mij een plezier, u hoort toch dat ik slecht bij stem ben. Een beetje rustig alstublieft.' Vervolgens gaat hij verder met de uitleg.
Onder ons
In onze kerkdiensten zijn wij meestal 'onder ons'. De gemeente komt samen en kent ondanks alle gastvrijheid een bepaalde vaste samenstelling. Het contact met andersgelovigen en niet-gelovigen heeft meestal op andere momenten plaats, bijvoorbeeld in een Alpha-cursus.
Bij Augustinus lijkt de kerkdienst een samenkomst van de gemeente én een conferentie én een Alpha-cursus ineen. Het gebeurt allemaal in dezelfde kerkdienst.
Augustinus richt zich tot mensen die tot geloof in Jezus Christus zijn gekomen.
Hij spreekt ze aan op wat ze weten en wat ze in praktijk mogen gaan brengen. Hij is ook in gesprek met mensen die zich toehoorder of doopleerling noemen. En tevens gaat hij in discussie met mensen die andere ideeën aanhangen, zoals de volgelingen van Arius. Arius loochende de drie-eenheid door te zeggen dat Christus door God geschapen is en niet God is. Hoewel Arius al een tijd dood was, was zijn leer nog springlevend.
Met deze groep mensen debatteert Augustinus alsof ze bezig zijn in een workshop. Een voorbeeld uit de preken om dat te illustreren.
Het gaat daarbij niet zozeer om het (ingewikkelde) inhoudelijke punt van de discussie, maar om het debat zelf.
Debat
Augustinus citeert zijn tegenstanders eerst kort en bondig (sermo 117): 'Welnu, die arianen zeggen: “Als Hij de zoon van God is, is Hij geboren”.' Hij zegt dan ruimhartig dat hij daarmee akkoord kan gaan: 'Dat is duidelijk, dat wordt aanvaard door het geloof en goedgekeurd door de katholieke kerk, het is waar.' Vervolgens citeert hij een conclusie, die de arianen uit dat zinnetje trekken ('Als de Vader een Zoon heeft gekregen, was de Vader er al voor de geboorte van zijn Zoon').
Die uitspraak maakt hem fel en hij zegt dat het geloof daar niets van wil weten. Ondanks zijn felle afkeer van deze ketterse ideeën gaat Augustinus er daarna inhoudelijk op in. Hij zegt, opnieuw citerend: 'Ja maar, zeggen ze dan, leg ons dan eens uit: hoe kan de Vader een Zoon krijgen die even oud is als Hij zelf?' Die moeilijke vraag beantwoordt Augustinus met een bescheidenheid en vriendelijkheid, die iedereen voor hem moet hebben ingenomen. Je merkt dat de bisschop zich inleeft in de moeite die zijn tegenstanders hebben met zijn standpunt. Hij laat ze heel dichtbij komen en 'laat' ze zelfs zeggen dat zijn woord typisch het excuus is van iemand die er niet uitkomt! Heel open en eerlijk.
Zulke preken lijken op een debat. Je ziet als het ware wie hij in zijn kerk voor zich heeft en waar de echte interesse onder zijn publiek zit. Het moeten heel levendige diensten zijn geweest. Tussen de regels door lees je bijvoorbeeld dat op een gegeven moment rumoer ontstaat in de kerk.
Mensen zijn het niet eens met de preek en beginnen te discussiëren.
Augustinus vangt dat op en doet nog weer meer moeite doet om zijn standpunt ingang te geven: 'Een beetje blijven opletten, lieve mensen, en niet zo'n herrie maken met elkaar alstublieft! Wat we nu nodig hebben is een rustig hart, een oprecht en eerbiedig geloof en toegewijde aandacht.
U moet niet op mij letten, ik ben maar een soort dienblad: let liever op Hem die het brood op het dienblad legt!
Nog even opletten alstublieft.'
Overtuigingskracht
Wat treft in de preken, is Augustinus' overtuigingskracht. Hij is voortdurend met de mensen in gesprek. Dat blijkt in het voorbeeld van de arianen, maar je komt het zo vaak tegen, dat je het bijna een kenmerk van zijn preken kunt noemen. Zowel eenvoudige mensen als geleerden werden aangesproken.
Er gebeurt iets. Je merkt dat Augustinus niet wegloopt voor de spanningen die grote verschillen in het geloof met zich meebrengen onder zijn gehoor. Hij spant zich in om ieder bij God en zijn Woord te brengen.
Dat is iets wat hij geregeld ook expliciet aangeeft. Op een gegeven moment zegt hij in een bijzonder moeilijke kwestie: 'Maar, broeders en zusters, ik zeg u van tevoren: als ik het niet kan uitleggen ligt dat niet aan ons begripsvermogen, maar aan mij persoonlijk. Daarom smeek ik u met nadruk voor mij te bidden. Gods barmhartigheid helpe mij om deze kwestie te behandelen zoals u het moet horen en ik het moet zeggen.' De workshop van Augustinus is een geweldige scholing hoe je op een krachtige manier bijeen kunt zijn rond het evangelie. Want dat evangelie is zelf kracht en God wil ons daarin laten delen als we samenkomen. De christelijke boodschap heeft vandaag - net als in de vijfde eeuw - genoeg in huis om allerlei verschillende mensen te bereiken. Misschien kan dat na enige scholing zelfs wel in één en dezelfde kerkdienst. Het zou het experiment wel waard zijn.
Naar aanleiding van: - Aurelius Augustinus, De weg komt naar u toe. Preken over teksten uit het Johannesevangelie. Uitgeverij Damon, 2007. ISBN 10 90 5573 767 4.
- Aurelius Augustinus, Als korrels tussen kaf. Preken over teksten uit het Marcus- en het Lucasevangelie.
Uitgeverij Damon, 2007. ISBN 978 90 5573 816 8.
Drs. Laurens van Baardewijk is redactielid.