boekbespreking

1979-03-02
  • Jaargang 23
  • nummer 9
Dr T. Brienen, Bevrijding, aard en funktie van de geloofsbeleving, Kok, Kampen; 174 pag. f 14,-.

Binnen de gereformeerde theologie is de bezinning op de bevinding onontwijkbaar.
Dit schrijft dr Brienen op pag. 19. Ik ben dat goed met hem eens, wanneer ik met hem vandaag een groeiende belangstelling zie voor mystiek, voor Godservaringen, voor het werk van de Heilige Geest, ook voor de beweging van oe Nadere Reformatie.
Al kan ik me heel goed voorstellen dat veel Opbouw-lezers nu nog niet direkt de boekhandel zullen bellen om dit boek aan te schaffen. Daarvoor is de term bevinding te zeer belast met de caricatuur van zwartgekouste gelovigen, het op hele noten zingen van' psalmen en een wereldmijdend leven.
Toch zou het goed zijn als ook onder ons dit boek bestudeerd werd. Want het "samen op weg" met de Christelijke Gereformeerden houdt konfrontatie met het verschijnsel van de bevinding in. De kerkelijke overeenstemming op het punt van de toeeigening des heils, pag. 161, verplicht ons tot bezinning op de bevinding.
En daarbij kan dit boek goede diensten bewijzen.
Het is waar: dit boek is mij te theologisch opgezet; de hoeveelheid aangedragen materiaal werkt vermoeiend; de stijl is eerder aan de droge kant.
Maar we moeten dit maar op de koop toenemen. De vragen rond geloof en ervaring zijn te belangrijk om deze kans tot bezinning te laten lopen.
En moet er vandaag gewaarschuwd worden tegen de mystiek, we moeten niet naar de andere kant doorslaan: een al te verstandelijk benaderen van het geloof, een te bang zijn om over beleving en ervaring van het geloof te spreken. En van de Christelijke Gereformeerden kunnen wij als buitenverbanders op dit punt nog wel wat leren, zij het niet van elke, zoals blijkt uit dr Brienens kritiek op prof. L. H. van der Meiden.
Wat de inhoud aangaat: na een inleidend deel over de aktiviteit van het onderwerp geeft hij in een analytisch deel een achttal visies weer op de bevinding.
Wel wat veel van het goede - Miskotte had in dit gezelschap best gemist kunnen worden wegens zijn wel heel uitzonderlijke vulling van de term bevinding, terwijl Graafland m.i. een wat genuanceerder benadering had verdiend, gelet op zijn artikel in de feestbundel S. van der Linde "Van syllogisrnus practicus naar syllogismus mysticus".
Vervolgens komt hij in een kritisch deel tot een toetsing van deze acht visies om dan in een thetisch deel eigen mening te formuleren.
Waar komt deze eigen mening op neer?
Heel kort gezegd: bevinding is geloofsbeleving.
Het is niet wat anders dan het geloof; het is het geloof zelf dat gelooft. Bevinding wordt door dr Brienen aan de hand van veel bijbels, en ook confessioneel, materiaal getekend als het werk van de Heilige Geest in, met en aan de enkeling.
Maar goed, leest u zelf!
Ik kan me er heel goed in vinden. Al vraag ik me wel af of we hier nu die zo belaste term bevinding voor moeten gebruiken. En het lijkt me ook toe dat dr Brienen de term bevinding anders vult dan .. in de traditie gebeurd is en gebruikelijk was. Geen bezwaar, maar reden te meer om heel die term te laten vallen! Dat schept ook duidelijkheid.


Rektifikatie - In de boekbespreking over Jan Luyken in het nummer van vorige week is een storende zetfout geslopen op pag. 63, kolom 4, de laatste zin. Er staat: "Deze bloemlezing, niet zijn inleiding ... "; het moet zijn: "Deze bloemleving met zijn inleiding ... ".

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief