De geest van Amnesty International
1979-05-18
In Opbouw van 2 februari jl. (dit nummer is foutief gedateerd op 26 januari 1979 - red.) reageerde de heer lansen uit Amstelveen op mijn laatste artikel over A.I.- Jaargang 23
- nummer 20
Nu zou men verwachten dat hij zou ingaan op feiten die duidelijk maken dat het lidmaatschap van A.I. voor een christen die het bijbelwoord "Maar gij geheel anders" als uitgangspunt neemt, onaanvaardbaar is, gezien de methoden van A.I.
Blijkbaar bij gebrek aan argumenten ter weerlegging van de door mij genoemde feiten, zoekt de heer Jansen zijn kracht in een op de persoon gerichte aanval, waarbij via allerlei insinuaties de opponent publiek verdacht gemaakt wordt, blijkbaar in de hoop dat de lezers zo de aangedragen argumenten en feiten uit het oog verliezen.
Zo stelt de inzender dat ondergetekende "pas nu het ware gezicht toonde", de feitelijke situatie wel degelijk kent en nieuwe feiten "erbij sleurt".
Eigenlijk suggereert de inzender dat mijn beide artikelen alleen maar een poging inhouden om een alternatieve vereniging voor A.I. op te zetten.
Hij gaat zelfs zover, te beweren dat dit "één van zijn vele pogingen een alternatieve vereniging op te zetten" is. Gelukkig worden de lezers nog bijtijds gewaarschuwd door de heer Jansen.
Nu was ondergetekende vorig jaar, samen met anderen, waaronder vele predikanten, betrokken bij het initiatief om een nieuwe studentenvereniging in Groningen op te richten, als alternatief voor een studentenvereniging, die in haar organen al jarenlang artikelen publiceert die ronduit anti-christelijk waren. Duidelijke citaten daarvan hebben in augustus 1978 in Opbouw gestaan.
Citaten die aldus drs H. de Jong in Opbouw, niet uit het verband waren gerukt en die hij "verschrikkelijke uitspraken" noemde, omdat ze "zeer duidelijk afrekenen met het ons overgeleverde geloof."
Is het dan misschien vergund om mee te werken aan een initiatief om te komen tot een goed bijbels alternatief?
Wat doen de insinuaties van de inzender hier ter zake, en welk ander alternatief dat hij blijkbaar in zijn verbeelding voor ogen heeft, kan hij met feiten staven?
Is de inzender alleen in staat op dit niveau over deze zaak discussie te voeren?
Duidelijk is dat we hier te doen hebben met suggestieve opmerkingen en een emotionele benadering met als doel een rookgordijn te leggen rond de feiten inzake A.I.
Nu terzake. De heer Jansen verwijt mij dat ik niet ben ingegaan op een ingezonden brief van 17 ondertekenaars die het voor A.I. opnamen, en evenmin op het redactionele artikel van drs De Jong in Opbouw van 1 september jl.
Uit het contact met de redactie kreeg ik de indruk dat ik mij in mijn reactie, wat de ruimte betreft, zou moeten beperken. Daar er nogal wat pagina's reacties gekozen zijn op mijn artikel in Opbouw van 9 juni 1978. van 2 pagina's over A.I., heb ik mij beperkt tot het geven van duidelijk feitenmateriaal ter weerlegging van de beide artikelen van de secretaris van A.I., omdat daarin allerlei beweringen gedaan werden die in strijd zijn met de waarheid.
BEWERINGEN EN FEITEN
Op enkele merkwaardige beweringen van de heer Jansen waaruit zijn gebrek aan kennis van de feiten blijkt, en ook het niet goed lezen van mijn artikel, wil ik ingaan.
1. Inzender beweert dat A.I. over de politieke aspecten geen mening heeft en zich politiek volledig neutraal opstelt.
a) kennisname van A.I.-actiemateriaal inzake Argentinië, Uruguay, Zuid-Afrika, om maar enkele voorbeelden te noemen, maakt duidelijk dat de opmerking van de heer J. gewoon een slag in de lucht is.
A.I. geeft duidelijk haar mening ten beste over de politieke situatie in die landen.
b) t.a.v. Zuid-Afrika komt daarbij nog het feit dat A.I. op verscheidene vergaderingen de lasterlijke film Zuid-Afrika Ongecensureerd vertoonde, waarvan het kommentaar een aaneenschakeling van verdraaiing van de feiten inhoudt.
Het secretariaat van A.I. heeft intussen erkend (in brieven d.d. 20 en 22 februari 1979) dat deze film op allerlei A.I.-vergaderingen is vertoond.
Het vertonen van deze film wordt door het secretariaat echter verdedigd met de opmerking dat dit bedoeld was als achtergrond bij het A.I.- rapport over Zuid-Afrika. Het volkomen verdraaien van de feiten in deze film wordt afgedaan met de opmerking: "Sommige van de getallen waren echter wel verouderd."
Bovendien slaat de opmerking over achtergrond-informatie, als het over deze film gaat, nergens op.
Wie een objectief beeld wil geven over de toestand in de Westduitse gevangenissen, gaat toch niet als achtergrond-informatie een film vertonen over toestanden in de concentratiekampen van Nazi-Duitsland?
Een organisatie die zichzelf respecteert en onpartijdig wil zijn, dient het vertonen van een film van dit niveau na te laten.
c) in het plaatselijk orgaan van A.I.-Harderwijk (1978 nr.
2) werd gesteld dat deze film in fragmenten Zuid-Afrika uitgesmokkeld was.
Dit is gewoon nonsens. Alle fragmenten die over Zuid-Afrika gaan, zijn daar commercieel verkrijgbaar; alleen voor het maken van commentaar moest men wel over een grote fantasie beschikken.
2. Inzender haalt, met kennelijke instemming, de bewering aan van het bekende A.I.-lid K. G. van Smeden, dat A.I. als organisatie zich niet met R.A.F.-leden bemoeide.
De heer J. had in mijn artikel van 8 december kunnen lezen dat het hoofdbestuur van A.I. zich wel degelijk heeft beziggehouden met R.A.F.-leden, en zelfs de beschuldiging heeft geuit dat er t.a.v. de gevangen zittende R.A.F.-leden sprake was van isolatiefolter als strafmaatregel.
Bij bedrijvers van geweld komt A.I. pas in het geweer als er sprake is van marteling, aldus de heer J.
Uit het rapport van de Europese Commissie voor de Rechten van de Mens (juli 1978) bleek dat de beweringen van A.I. in strijd waren met de feiten .
3. Inzender beweert dat ondergetekende de activiteiten van A.I. bekijkt met een bril die al het licht dat valt op landen die niet met mijn vooringenomenheid in overeenstemming zijn, wegpolariseert.
Is de heer J. niet in staat te lezen wat ik stelde in Opbouw van 9 juni jl.: "AI heeft inderdaad ook acties gevoerd ten gunste van gevangene in communistisch geregeerde landen, b.v. de Sowjet-Unie."
Ik citeerde toen ook Solzjenitsyn: "A.I. wil ons doen geloven dat op deze wijze een evenwichtig beeld is gegeven. Maar er is van geen enkel evenwicht sprake. In het Westen is het aantal politieke gevangenen klein, terwijl er in de Sowjet-Unie honderdduizenden zijn."
Ook iemand met een ongekleurde bril moet dit toch kunnen lezen?
Feit is dat A.I. tegen communistische landen geen acties voert van de omvang van de actie tegen Zuid-Afrika, hoewel in de communistische landen miljoenen mensen om politieke of godsdienstige redenen gevangen zitten, terwijl in Zuid-Afrika nauwelijks gevangenen bekend zijn die uitsluitend om politieke redenen gevangen zitten.
Iemand die gewelddaden bedreven heeft uit politieke motieven, kan niet als politiek gevangene aangemerkt worden.
4. Inzender beweert dat ik geen voorbeeld genoemd heb van het struikelen van A.I. t.a.v. de politieke neutraliteit. Iemand die bewust de ogen sluit voor de feiten, is ook door nieuwe voorbeelden van mij niet te overtuigen.
Ik verwijs bv. naar de houding van A.I. inzake de Uruguay-actie in Vlaardingen.
VOORBIJGAAN AAN DE FEITEN
Aan door mij genoemde feiten, waaruit blijkt dat A.I. zich niet altijd neutraal of onpartijdig opstelt, wordt door de heer J. gewoon voorbijgegaan.
Voorbeelden:
1. het feit dat A.I. participeerde in de Uruguay-actie in Vlaardingen. Van deze actie hebben allerlei politieke partijen, waaronder het CDA en de VVD, zich gedistantieerd vanwege het duidelijk links-politieke karakter van deze actie.
2. feit is dat A.I. in 1974 meedeed (hoewel de secretaris van A.I. dat botweg ontkende in Opbouw van 15 sept. jl.) aan een demonstratie ten gunste van de politieke dienstweigeraar Kees Vellekoop. In allerlei kranten van 1 dec.1974 was dat te lezen. Vellekoop werd zelfs geadopteerd door een A.I.- afdeling, hoewel hij volledig in overeenstemming met de wettelijke regelingen in ons land, die alle ruimte bieden voor gewetensbezwaarden, door de rechter veroordeeld was. Was die veroordeling ook al een schending van de rechten van de mens?
Het gaat hier niet om "opmerkingen van individuele leden of bezoekers van A.I.-vergaderingen", maar om officiële stellingname van A.I.
Zijn feiten voor de heer J. irrelevant? Dat zou men haast gaan vermoeden, gezien zijn opmerking over het er weer bijsleuren van nieuwe feiten.
Overigens is in allerlei publikaties al bij herhaling geconstateerd dat A.I. niet neutraal en onpartijdig meer te noemen is, en sterk in linkse richting opgeschoven is.
AFDELING RESEARCH ONDER COMMUNISTISCHE LEIDING
De toenemende infiltratie van marxistische figuren in A.I. blijkt o.a. uit het feit dat de overtuigde communist Prof. D. Roebuck per 1 jan. 1979 benoemd werd tot hoofd van de afdeling research van A.I. Deze afdeling verzamelt gegevens over de situatie in allerlei landen. Deze benoeming werd ook bevestigd door het secretariaat van A.I.
Roebuck heeft zijn communistische overtuiging nooit onder stoelen of banken gestoken. Zo stelde hij volgens de Australische krant Hobart Mercury: "Ik ben lid geworden van de communistische partij van Australië, omdat die naar mijn mening de enige partij was, die destijds eerlijk en met intelligente overtuiging sprak over Vietnam.
Roebuck is ook mede-schrijver, samen met W. Burchett, van het boek Whores of war, wat ook bevestigd werd door het secretariaat van A.I. (20 febr. 1979).
Deze Burchett wordt verantwoordelijk gesteld voor het plegen van oorlogsmisdaden en het martelen van Amerikaanse en Australische krijgsgevangenen in Korea en Vietnam.
De benoeming van de overtuigde communist Roebuck op zo'n belangrijke post in A.I., heeft al veel vragen opgeroepen, ook van mensen die A.I. tot nu toe goed gezind waren. De Australische senator Brian Harradine stelde: "Ik vind het ongelooflijk dat een zeer prominent lid van de communistische partij van Australië benoemd is tot hoofd van de research-afdeling van A.I. in Londen."
Een organisatie als A.1. is voor zijn doeltreffendheid en aanvaardbaarheid aangewezen op een evenwichtige benadering van politieke gevangenen.
In feite is één der taken van het hoofd van Amnesty's research-afdeling het waarborgen van de handhaving van de hoogste norm van accuratesse, onpartijdigheid en beoordeling in Amnesty's acties ten behoeve van de bescherming van specifieke mensenrechten.
Zover mij betreft, zou ik weinig geloofwaardigheid hechten aan. de resultaten van politieke research waaraan gewerkt is door Prof. D. Roebuck, die tot aller verrassing de betiteling "politieke propagandist" verwelkomde en die een aantal jaren nauw geassocieerd is geweest met marxistische activiteiten."
De Australische senator Alan Missen, voorzitter van de Australische parlementaire groep van A.I., schreef op 18 dec. jl, een brief aan de secr-gen. van A.I. waarin hij o.a. stelde: "Samen met een groot aantal van mijn parlementaire collega's ben ik persoonlijk ontsteld over het waarschijnlijke effect van de benoeming op de toekomstige aanvaardbaarheid van Amnesty's bevindingen, in het bijzonder bij regeringen. Wij zijn ons bewust van bepaalde kritiek inzake partijdigheid, die van tijd tot tijd tegen A.I. wordt geuit, en van klachten dat linkse regimes te zacht worden aangepakt."
MISBRUIK VAN HET EVANGELIE
Het slot van het stuk van de heer J. is bijzonder ongenuanceerd, zo niet grof te noemen. In feite suggereert hij, via een door hem ingevuld antwoord op een uitspraak van Jezus Christus: Ik was in de gevangenis en gij hebt Mij niet bezocht"
(tegelijk ook de titel van zijn verhaal) dat Christenen die trouw blijven aan de richtlijn van het Evangelie die ons tot een eigen, bijbelse stijl van handelen verplicht, onze Heiland met een uitvlucht afschepen, als ze weigeren met A.I.-acties mee te doen.
Als we het hele bijbelgedeelte in het oog houden, bij de vraag wie allereerst bedoeld worden met "de minsten" die bezocht moeten worden, dienen we ook te letten op Matth. 25 : 40 waar staat: "Voorwaar, Ik zeg u, inzoverre gij dit aan één van deze mijn minste broeders hebt gedaan."
Houdt dat dan in dat we moeten meedoen aan acties ten gunste van Tupamaros, die de gruwelijkste terreurdaden beginnen, of van zwarte terroristen in Zuid-Afrika?
Kunnen we onze plicht als christen om ons te bekommeren om vervolgden en gevangenen om het geweten (en dat zijn bepaald geen Tupamaros en R.A.F.- leden), alleen verwezenlijken via acties van A.I.?
Is de heer J. onbekend met het bestaan van organisaties die in een christelijke stijl willen werken op dit terrein? Conclusie In dit artikel zijn voldoende voorbeelden gegeven voor de stelling dat A.I. zich niet onpartijdig opstelt, en het niet altijd nauw neemt met de waarheid, en werkt vanuit een geest waarin een bijbelgetrouw christen zich niet kan herkennen.
Daarom wil ik tot slot graag aansluiten bij een uitspraak van de kerkeraad van de Christelijke Gereformeerde Kerk van Groningen, die ook met infiltratie van A.I. in de gemeente te maken kreeg, en na rijp beraad op 12 mei 1975 tot het volgende besluit kwam: "De kerkeraad spreekt zich uit tegen elke vorm van mishandeling, maar hij distantieert zich van de doelstellingen en de handelwijze van Amnesty International, waarin hij niet de bewogenheid van het Evangelie kan ontdekken."
2 maart 1979
(Met bovenstaand artikel wil de redaktie voorlopig de diskussie over Amnesty International besluiten.)