Rondom de "neutronenbom"
1978-05-05
In het "Centraal Weekblad", het meest gelezen blad in de (synodaal) Gereformeerde Kerken, werd een m.i. zeer belangrijk artikel geplaatst over wat er in ons landje zoal over en rondom de neutronenbom wordt gezegd en gedaan. Het is vare een hoofdofficier van de Koninklijk Luchtmacht - P. J. Terpstra - die ook nog een tijd lang bij het hoofdkwartier van de NAVO heeft gediend en dus weet waarover hij schrijft.- Jaargang 22
- nummer 18
Hij plaatste boven zijn artikel als opschrift: "De waarheid, de gehele waarheid en niets dan de waarheid". En zijn artikel wordt getypeerd als: "Een bijdrage, een commentaar en kritiek inzake de standpuntbepaling door velè christenen inzake de neutronenbom, de nuclearisatie en vrede".
Hier volgt het artikel:
Met interesse, doch ook met zorg en verbijstering heb ik de laatste weken de discussies in parlement en synode gevolgd inzake de invoering van de neutronenbom. Met interesse omdat schrijver dezes hoofdofficier der Kon.
Luchtmacht relatief recent jaren heeft gediend bij het Hoofdkwartier van de NAVO en derhalve - alsmede door eerdere opleidingen - goed bekend is met de nucleaire wapenmogelijkheden.
Met zorg omdat de emoties - hoe begrijpelijk ook - zulk een grote rol spelen in het bepalen van een standpunt.
Emoties zijn veelal slechte raadgevers en vertroebelen vaak een rationele benadering.
Met verbijstering door de halve waarheden van de motiveringen, waarmede leken - die zich dan nog experts wanen - hun ingenomen standpunt verdedigen; halve waarheden, die dicht bij gehele leugens komen.
Ook met verbijstering omdat men blijkbaar geen experts wenst om de nodige toelichting te geven, voor zover zulks mogelijk is; eveneens met verbijstering omdat men ter synode zo weinig aandacht besteedde aan de groep van Christenberoepsmilitairen, die door de standpuntbepaling van de Kerkelijke leiding in de knel dreigt te komen tussen de mogelijke wettelijke opdrachten in oorlogstijd m.b.t. het gebruik van nucleaire wapens en het geweten, omdat de Kerk het gebruik veroordeelt. Is aan dit probleem voldoende aandacht besteed in intern beraad, alvorens tot de stellingname werd overgegaan? Nu ds Kwast in een tweetal artikelen in het Centraal Weekblad voorzichtig een vraagteken stelt bij het 'neen' tegen invoering van de neutronenbom, meen ik dat het nodig is die artikelen aan te vullen met die gegevens, die mede van invloed zijn bij het bepalen van het standpunt. Onverbloemd wordt de : situatie belicht; geen prettige lectuur, doch onontkoombaar.
Een struisvogelpolitiek past niet bij deze zeer ernstige materie.
Het wapen
Bij het bommentapijt op Hamburg, gelegd door meer dan 1000 bommenwerpers, werden circa 42.000 mensen gedood, deels als gevolg van de ontstane vuurstorm. Over het algemeen was er instemming in Nederland, want het trof een vijand. De 6000 kg wegende A-bom op Japan van 20 KT was ca. 20 maal zo krachtig als de bommenregen op Hamburg. Iets minder instemming, want deze vijand raakte -Nederland minder direct.
De A-bom veroorzaakt:
a. verblinding, tijdelijk of permanent;
b. verbranding van de huid;
c. de alfa-, beta- en gammastraling; terwijl, afhankelijk van het gebruik en de hoogte van explosie nog kunnen ontstaan:
d. een radioactieve neerslag over honderden km's, waarbij de neerslag fungeert als stralingsbronnen;
e. bij explosie in zee: een radioactieve regenval en mist.
Door de ontwikkelingen kan de kracht van de bom op Japan nu verpakt worden in een bom of een granaat van ± 120 kg en een afmeting van nog geen 30 cm lang en breed. Verdere ontwikkelingen bra-chten de B-bom, gevolgd door de Cobaltbom.
Van de Sovjet-Unie is bekend dat aldaar enige jaren geleden een Hsbom van 45 MT (45.000 KT) werd beproefd.
De neutronenbom, waarvan de V.S. de geheimen niet bekend geeft; heeft de werking van een A-bom met te verwaarlozen effecten als hiervoor onder a, b en c genoemd. De straling is gehandhaafd. Gelet op de verscheidenheid van sterktes in A-bommen, kan men dus niet stellen dat de straling van het neutronenwapen meer intensief is, zoals ds Kwast in zijn artikel stelt.
Lanceermogelijkeden
Nu deze wapenen met handhaving van de kracht, veel kleiner in afmeting en gewicht zijn geworden, is het transport naar de plaats van explosie relatief eenvoudig geworden. Nucleaire wapens kunnen gelanceerd en getransporteerd worden middels vliegtuigen, kanonnen, raketten en kunstmanen.
Er zijn raketten, die tot 10 nucleaire wapens tegelijk kunnen transporteren en met een hoge mate van nauwkeurigheid neerkomen op 10 verschillende steden.
Het is mogelijk nucleaire wapens gedurende jaren op te slaan in kunstmanen in de ruimte en deze kunstmanen te laten stil staan boven steden. Indien men dan nog bedenkt, dat er biologische en chemische strijdmiddelen zijn en dat de tijd niet ver meer zal zijn dat stralingswapens, (zoals laserstralen) en afstandsbediende wapens (door middel van de bedieningsmogelijkheden in gebruik bij kunstmanen) zullen worden ingevoerd, dan is een algemeen overzicht voor het doel van dit artikel compleet.
Waar het om gaat
De NAVO wordt geconfronteerd met een steeds grotere kracht van het Oostblok. Reeds tientallen jaren besteedt de S,U. tussen de 10 en 15 procent van het bruto nationaal inkomen aan defensie, nog afgezien van de voor de defensie bedoelde gelden die onder een ander hoofd in de nationale begroting voorkomen.
De NAVO-landen besteden veel minder; de V.S. 5,9%, Nederland 3,5%. Daardoor is er een groot overwicht van het Oostblok over de NAVO ontstaan in conventionele strijdmiddelen t.w. in vliegtuigen 10.100 tegen 7738, pantservoertuigen 56.400 tegen 22.721. V.w.b. de zeestrijdkrachten heeft de S.U. reeds een voorsprong in onderzeeboten en is de S.U. druk bezig de achterstand op andere zeestrijdkrachten in te lopen. Dit laatste is des te meer van betekenis door de uitbreiding van de invloedssfeer, waardoor het Oostblok zich langzaam maar zeker maakt van strategische steunpunten (Cuba, Angola, Eritrea).
Het wordt algemeen aangenomen dat met de uitschakeling van alle nucleaire wapenen, de Oostblok-legers West-Europa binnen de kortst mogelijke tijd zullen bezetten. Deze opvatting is gebaseerd op de houding van de S.U. tijdens de Tsjecho-Slowaakse poging om zich een zekere mate van vrijheid te verschaffen, op de nu al jaren voortsukkelende onderhandelingen over de Wederzijdse Gebalanceerde Vermindering van Strijdkrachten (MBFR) te Wenen, waarbij de S.U. alle welwillendheid toont om de voorstellen van het Westen te accepteren, maar dan wel zonder inspecties van Westelijke waarnemers op het eigen grondgebied, op de wetenschap dat de S.U. zich niet houdt aan de geest van de SALT-I overeenkomst, alsmede op de houding van de S.U.
tijdens de recent gehouden conferentie over de rechten van de mens.
De mening van sommigen dat de bewapening van de S.U. is gericht tegen China, is onvoldoende gefundeerd en in strijd met de grote vlootuitbreiding; eveneens wordt door de voorstanders van een denucleaire zone van de Russische grens tot de Atlantische Oceaan - (wat dat dan ook, gelet op de lanceermogelijkheden, moge betekenen) - voorbijgegaan aan de bezwaren van te houden inspecties en geen rekening gehouden met de bewezen onbetrouwbaarheid van dictatoriale mogendheden.
Het zal de lezer duidelijk zijn, dat het niet gaat om een neutronenbom als wapen in de NAVO in te voeren; het gaat er om of men de totale nucleaire bewapening wil afschaffen, in de hoop dat het Oostblok zulks ook zal doen. Dit is een utopie. Zolang China geen gecontroleerde afstand doet van nucleaire wapens, zal ook de S.U. geen afstand doen, al dan niet gecontroleerd.
De keuze
Is het Westen bereid afstand te doen van alle nucleaire wapens, zelfs indien dit met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid betekent een bezetting van het Westen? Wordt daarmede bereikt dat geen andere en wellicht nog ergere wapens worden ontwikkeld?
Of: welke prijs zijn wij nog bereid te betalen voor onze vrijheid?
De consequenties van de keuze
Een eenzijdige afschaffing van nucleaire wapens betekent een onmiddellijke verstoring van het machtsevenwicht en naar alle waarschijnlijkheid de bezetting van West-Europa en de invoering van een communistische politiestaat. Het betekent ook een afschaffing van de vrije meningsuiting, de beperking en uiteindelijke afschaffing van godsdienstoefeningen, de afschaffing van een vrij christelijk onderwijs, een beëindiging van de welvaart door de gedwongen levering van producten aan de S.U. tegen door de bezetter vastgestelde prijzen, een verplichte Nederlandse bijdrage in geld (en meer dan 3,6%) en personeel in de communistische strijdkrachten.
Indien het Westen dan toch vrij wil blijven, is Nederland dan bereid, met de andere landen, indien die althans ook de nucleaire bewapening willen afschaffen, over te gaan op een groot beroepsleger en uitgaven tot 15 à 20% van het bruto nationale Inkomen, om de ontstane achterstand in te halen in conventionele strijdkrachten?
Dit betekent tevens een duidelijke achteruitgang in welvaart. De Synode heeft zich uitgesproken tegen de invoering van de neutronenbom omdat deze - volgens ds Kwasta. beneden het ethisch peil is en b. de commandant te velde zal verleiden tot eerdere gebruikmaking van het wapen.
Deze motieven roepen een aantal vragen op.
1. Wie bepaalt en op welke gronden en met gebruikmaking van welke normen het gehanteerde ethische peil?
2. Waarom is het neutronenwapen wel en alle andere wapens (incl.
het bombardement op Hamburg) niet beneden peil?
3. Is het peil stabiel of wordt het verzet wanneer het vijand of vriend betreft?
4. Is het niet hoogst merkwaardig, dat de stormen van kritiek achterwege bleven, toen het even erge of wellicht ergere wapens betrof die beide zijden hadden?
Waarom de storm en nationale opwinding (waarbij de leiders de demagogie zeer dicht naderden), als het een wapen betreft dat het Oostblok niet heeft?
De motivering dat de commandant te velde het wapen eerder zal gebruiken, nu het niet die verwoestende uitwerking heeft, is niet houdbaar, indien men de dwingende veiligheidsvoorschriften bestudeert, die de opslag en het gebruik van kernwapens regelen. Zoals reeds eerder is gesteld, ligt het nu op de weg van de Synode aan te geven hoe de Christen-beroepsmilitair zal moeten handelen nu hij, eensdeels door zijn wettelijke verplichtingen, anderzijds door de uitspraak van de Synode, in een gewetensconflict dreigt te geraken.
Conclusie
Wanneer u, lezer, nu denkt dat de schrijver van dit artikel een voorstander is van het gebruik van nucleaire wapens, dan vergist u zich deerlijk.
Het is bekend dat vele beroepsmilitairen al jaren zioh afvragen, hoe het gebruik van kernwapens te verklaren vanuit de Bijbel en zijn destijds afgelegde eed van gehoorzaamheid aan de door God aangestelde regering.
Het is mede hierom dat dit artikel is gecreëerd.
Tot zover dit artikel. Ik zou daarbij een aantal opmerkingen willen plaatsen:
1. De schrijver wijst er op dat de Sowjet-Unie tussen de 10 en 15% van het bruto nationaal inkomen aan defensie
besteedt, nog afgezien van de voor de defensie bedoelde gelden die onder een ander hoofd in de nationale begroting voorkomen. John Baron schrijft in zijn onthutsende boek: KGB, werkwijze, organisatie en machtsbereik van de Russische Geheime Dienst, p. 114: "Premier Kosygin heeft verklaard dat de Sovjet-Unie in 1972 haar geringste econornische groei in tien jaar doormaakte.
Intussen blijft zij volgens de atoomfysicus Andrej Sacharov veertig procent van haar nationaal inkomen uitgeven aan bewapening, een veel groter deel dan enige Westerse natie." En in een noot voegt Baron aan deze mededeling nog dit toe: "Twee Sovjet-economen zijn r.a een uitgebreide analyse van niet geheime statistieken tot de slotsom gekomen dat de Sovjet-Unie in 1969 tussen de veertig en vijftig procent heeft uitgegeven aan bewapening." Daarbij bedenke men dat volgens een onlangs gepubliceerd overzicht van de "inkomens" van de militairen die van Nederland de hoogst betaalde waren en de Russische precies 1/30 deel ontvangen van wat hun Nederlandse collega's toucheren: f 20,- tegenover f 600,- per maand!
2. Het is een essentieel element van de communistische ideologie dat ze internationaal is en dat daarom de communistische staten moeten streven naar een wereldrevolutie. Tientallen malen heeft Lenin dat in zijn werken verzekerd. En die wereldrevolutie mag en moet met alle middelen worden gerealiseerd. Oók door middel van oorlogen - "burgeroorlogen", "bevrijdingsoorlogen", oorlogen tussen communistische en niet-communistische staten. De communisten aanvaarden van ganser harte de stelling van de architect van het Pruisische militarisme. Van Clausewitz, dat een oorlog niets anders is dan het voortzetten van een politiek met andere middelen, namelijk wapenen. Lenin citeert Von Clausewitz, die hij grondig bestudeerde, steeds met algehele stemming.
3. Zijn ideeën over de noodzaak, de onvermijdelijkheid en de aard van de oorlogen van de communistische staten tegen de "kapitalistische" zette Lenin in onderscheidene studies uiteen.
In zijn "Het militaire program van de proletarische revolutie" schrijft hij: "Niet eerder dan nadat wij de bourgeoisie in de gehele wereld en niet uitsluitend in één land hebben ten val gebracht, volkomen overwonnen en onteigend, zullen oorlogen onmogelijk worden. En het is wetenschappelijk volkomen onjuist - en zeker niet revolutionair - indien we juist het belangrijkste, het breken van de weerstand van de bourgeoisie, het moeilijkste, dat wat tijdens de overgang van het socialisme de grootste strijd eist, uit de weg gaan en verdoezelen.
Honend gaat Lenir, dan zo verder: ,,'sociale' geestelijken en opportunisten zijn gaarne bereid over het toekomstige vreedzame socialisme te dromen, maar zij onderscheiden zich juist van de revolutionaire sociaal democraten doordat zij niets willen weten van de klassenoorlogen, die deze schone toekomst tot werkelijkheid maken..."
4. Theoretisch, aldus Lenin, zou het volkomen fout zijn "te vergeten dat iedere oorlog slechts is een voortzetting van de politiek met andere middelen." (Dit is de fundamentele stelling van Von Clausewitzl - C.V.); de huidige imperialistische oorlog is een voortzetting van de imperialistische politiek van twee groepen mogendheden en deze politiek ontstond en werd gevoed door de in het imperialistische tijdperk bestaande verhoudingen in hun geheel. Maar datzelfde tijdperk zal noodzakelijkerwijs de politiek van strijd tegen nationale onderdrukking en van strijd van het proletariaat tegen de bourgeoisie doen ontstaan en dientengevolge ook de mogelijkheid en onvermijdelijkheid: ten eerste van revolutionaire opstanden en oorlogen; ten tweede van oorlogen en opstanden van het proletariaat tegen de bourgeoisie; ten derde het samengaan van deze beide soorten revolutionaire oorlogen.
5. Zolang er nog bewapende kapitalistische staten bestaan is het stellen van de "eis" van "ontwapening"
door revolutionaire sociaaldemocraten onzinnig! "Dat zou een volledig prijsgeven van het standpunt van de klassenstrijd en van iedere gedachte aan een revolutie betekenen. Wij zeggen: bewapening van het proletariaat ten einde de bourgeoisie te overwinnen, te onteigenen en te ontwapenen is de enig mogelijke tactiek van de revolutionaire klasse, een tactiek die door de gehele objectieve ontwikkeling van het kapitalistische militarisme voorbereid, gemotiveerd en geleerd wordt. Slechts nadat het proletariaat de bourgeoisie heeft ontwapend kan het, zonder aan de taak die het door de wereldhistorie is opgelegd verraad te plegen, de wapens op een schroothoop gooien, wat het ook zeer beslist dan - maar ook niet eerder - zal doen.
(wordt vervolgd)