JEREMIA
1977-01-28
Josia's reformatie had het hart van het volk niet bereikt. Voor Jeremia was het een droevige zaak, dat te moeten constateren en daartegen te moeten profeteren.- Jaargang 21
- nummer 4
Om zijn profetieën uit de tijd na Josia in het juiste licht te zien, moeten we weer even een duik nemen in de historische achtergronden.
Assyrië
Tien jaar nadat het wetboek in de tempel gevonden was en Josia zijn reformatie ter hand genomen had, werd de wereld opgeschrikt door het bericht dat Ninevé gevallen was. Ninevé was de hoofdstad van het Assyrische wereldrijk.
Ruim 150 jaar voor de val van de stad had Jona al tegen de stad moeten profeteren. Maar toen was Ninevé nog aan de ondergang ontsnapt. Maar uiteindelijk onderging Ninevé hetzelfde lot dat de Assyriërs aan zoveel andere steden hadden toebedeeld.
De Assyriërs stonden zelfs in die tijd bekend als een hard en meedogenloos en wreed volk. Het Tien-stammen-rijk had dat ondervonden.
Het was door de Assyriërs volkomen van de kaart geveegd.
De bevolking ervan was voor een groot deel weggevoerd in ballingschap en Samaria was grondig verwoest. De Assyriërs pasten die methode vaker toe. De bevolking van het veroverde gebied werd gedeporteerd en in het opengevallen gebied werd een andere bevolking gebracht. Op die manier werd elke vorm van politiek verzet gebroken. De gedeporteerde volken konden geen politieke macht meer ontplooien. Op die manier werd ook het bestaan van het Tien-stammen-rijk voorgoed gebroken.
In die zelfde tijd had Assyrië ook Juda en Jeruzalem bedreigd. Gelukkig regeerde toen de godvrezende koning Hizkia in Jeruzalem.
Hij ging met de noodsituatie en de assyrische bedreiging naar Jahweh toe. En de HERE heeft toen op ongedachte wijze het leger van de Assyriërs vernietigd zonder dat er een schot gelost werd (2 Kon. 17-19).
Maar na de dood van Hizkia had Manasse zich aan Assyrië onderworpen.
en was Juda een assyrische vazalstaat geworden. Tegen het eind van Manasse's lange regering begon het assyrische rijk echter te verzwakken, mede door de opkomende macht van Babel.
Manasse dacht daarvan te kunnen profiteren en kwam tegen de Assyriërs in opstand. Maar de Assyriërs waren nog sterk genoeg om zo'n volkje als Juda de les te lezen en Manasse werd zelf voor een tijd meegevoerd in ballingschap.
Voorlopig zou juda zich nog onder de Assyriërs moeten schikken.
Maar de verzwakking van het Assyrische Rijk zette zich door.
Ongeveer 25 jaar na Manasse's opstand, verklaarde Josia Juda tot een onafhankelijke staat. Dat was in dezelfde tijd waarin het wetboek van Jahweh in de tempel teruggevonden werd. Het godsdienstige herstel en het politieke herstel vielen samen.