Spiritueel boek over de natuur

2012-06-09
  • Jaargang 56
  • nummer 12
Ooit liep ik in de wijde vlakte van het Kootwijkerzand, helemaal alleen, te zoeken naar een onooglijke en zeldzame vlinder. Volgens de geruchten zouden hier ergens nog enkele exemplaren van de kleine heivlinder rondvliegen. Ik vond de vlinder! En ik slaagde erin – na lange tijd in opperste concentratie op mijn buik te hebben gelegen – een paar prachtige foto’s te maken toen de vlinder zijn vleugels even gespreid hield. Pas toen ik opstond, maakte zich onverwachts een overweldigend geluksgevoel van me meester. Precies beschrijven kan ik het niet, maar het had alles te maken met die eenzaamheid, met God als liefdevolle Schepper en dit kleine, onbetekenende diertje, dat ik zo intens had bewonderd.

Stopcontactmomenten
Het lezen van Het boek van de natuur heeft me aangemoedigd deze hoogstpersoonlijke beleving maar eens aan het papier toe te vertrouwen. Ik lees er namelijk over soortgelijke ervaringen.
Schrijver en dichter Hilbrand Rozema noemt dit soort lumineuze ervaringen ‘stopcontactmomenten’: ‘momenten waarop je echt samenvalt en volstroomt met de schepping. Je maakt op hetzelfde moment contact met je eigen ziel en met de wereld om je heen.’ Ik voeg eraan toe: … en met de Schepper zelf!

Verbinding leggen
Het boek van de natuur moedigt je aan om het boek ook weer snel weg te leggen en de natuur in alle – soms overweldigende – realiteit te ervaren.
En erover na te denken, je erdoor te laten inspireren en de verbinding te leggen met je alledaagse leven met God. Iedere poging om dat soort zaken aan te moedigen kan op mijn warme sympathie rekenen. Verbinding met de natuur, met Gods schepping, is in ons deel van de wereld geen vanzelfsprekendheid. Maar we hebben het nodig, het bepaalt ons bij Gods grootheid en creativiteit; het verrijkt ons geloof. En het confronteert ons op noodzakelijke wijze met ons eigen leven, met de stuitende manier waarop we Gods schepping schade berokkenen.
Het boek van de natuur doet het op veelkleurige wijze. Theologisch, wetenschappelijk en praktisch. Het resultaat is een keur aan betogen, mijmeringen, ervaringen, wetenswaardigheden, poëzie, fietsroutes en gespreksvragen. Achtereenvolgens gaat het onder andere over dieren in de Bijbel (Pieter Gorissen), natuurervaringen en mijmeringen (Hilbrand Rozema), natuur en theologie (Reinier Sonneveld), de kloostertraditie en duurzaamheid (Martine Vonk) en wetenschap en geloof (René Franssen).
De inhoudelijke hoofdstukken worden afgewisseld met hoofdstukken waarin het fotowerk en verwondering de boventoon voeren.

Lastige vragen
Als je het hebt over natuur en geloof, kun je heel wat lastige vragen stellen: Heeft God roofdieren geschapen?
Zijn overstromingen en aardbevingen een straf van God? Hoe kan de opgestane Heer – die de dood overwon – daarna een vis doden en roosteren op een vuur? Hoe zit het met de offercultus in de Bijbel – wil God al dat bloed, die dood van dieren? Stierf Jezus alleen voor mensen, of ook voor dieren? Al die vragen worden in Het boek van de natuur weloverwogen behandeld en – soms een tikje speculatief – beantwoord.

Fragmentarisch
Alles overziend is Het boek van de natuur een bijzonder onderhoudend en gevarieerd boek. Leg het op je nachtkastje, neem een kwartiertje voor het slapengaan, en je bent verzekerd van een boeiend stukje leesvoer. Maar het boek is wel fragmentarisch. Mijns inziens een beetje te. De vraag naar het ‘kwaad’ in Gods goede schepping wordt door drie verschillende auteurs gesteld en beantwoord. Het zou mooi zijn geweest als ze met zijn drieën bij elkaar hadden gezeten, en samen – eventueel nog met anderen – een doorwrochte theologie van de natuur hadden geschreven. Dat had dit boek nog meer vlees op de botten gegeven, en overtuigender gemaakt. Nu komen de bijdragen over als de individuele zienswijze van de verschillende auteurs, terwijl ze mijns inziens echt wel wat te melden hebben.
In die zin verlang ik nog steeds naar een goed en gezaghebbend ‘boek van de natuur’. Als theologen met passie voor natuur/schepping bij elkaar gaan zitten, kunnen ze samen analyseren hoe we vandaag de dag de Bijbel op dit gebied verstaan. Hoe zit het met de relatie tussen God en de schepping, en tussen ons en deze prachtige, kwetsbare en soms onbegrijpelijke aarde? Ik geloof dat zorgen voor Gods schepping onlosmakelijk verbonden is met ons geloof, en dat het integraal deel uitmaakt van ons leven met God. Dan is nog een boek toch niet te veel?

Franssen, R. en R. Sonneveld (red.) (2012), Het boek van de natuur. Uitgeverij Buijten & Schipperheijn, Amsterdam. 256 p. € 18,90.

Embert Messelink is directeur van de christelijke natuurbeschermingsbeweging A Rocha (www.arocha.nl) en lid van NGK Amersfoort-Zuid.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief