Zoals water in een kameel

2012-06-23
  • Jaargang 56
  • nummer 13
Je kunt die christenen zo goed begrijpen die wat meer zouden willen zien van God die over alles regeert.
Een ingrijpen hier, een manifestatie daar. Het blijft zo stil. Op andere plaatsen in de wereld is de Here God haast handtastelijk aanwezig. In China bijvoorbeeld of in India, waar de kerk groeit en dingen gebeuren die indruk maken, op gelovigen en niet-gelovigen. Maar in onze wereld? We kunnen daar wel eens verdrietig over zijn.
Maar ligt dat misschien aan onszelf?

De Here Jezus zegt: ‘Er zullen dagen komen dat gij zult begeren één der dagen van de Zoon des mensen te zien en gij zult die niet zien’ (Lucas 17:22). Hé, het lijkt wel of Hij ons in onze tijd kent! En als dat nu eens precies waar is? Hij heeft alle tijden en ook de onze voorzien.
Wat zijn dat, ‘dagen van de Zoon des mensen’? Het zijn de dagen dat de bruidegom bij ons is (Matteüs 9:15), de dagen waarvan de Here Jezus zegt dat Hij de satan als een bliksem uit de hemel ziet vallen en de boze geesten zich aan de gelovigen onderwerpen (Lucas 10:18), de dagen waarop buitengewone krachten geschieden (Matteüs 7:22), de dagen waarop voor aller oog iets zichtbaar wordt van het Koninkrijk Gods. Lentetijden. En wij maar begeren zulke lentetijden mee te maken. Wij zullen dat niet.

Binnen in u
Waarom niet? Jezus zegt: het is niet altijd bruiloftstijd, er zijn ook vastendagen. Het kenmerkende van het Koninkrijk van God is immers niet dat het komt met uiterlijk gewaad. Soms ja, maar meestal niet. Je kunt daarom niet zeggen: het is hier of het is daar, want … want het Koninkrijk Gods is binnen in u.
Binnen in u? ‘Bij u’ zeggen de moderne vertalingen toch?
Is dat niet beter? Sluit je met dan ‘binnen in u’ het Koninkrijk van God niet op in de innerlijkheid? Het is toch voor de wijde wereld bestemd? Zeker, maar de grondtekst is hier niet onduidelijk. Binnen in u dus. De Heiland denkt aan de moeilijke tijden waar zijn gemeente doorheen moet. Meestal in de geschiedenis is dat het geval.
En daarom geeft Hij ze dit als raad en troost mee: heb het Koninkrijk maar binnen in u!
Een beeld. Denk eens aan een kameel. Hoe steekt een kameel de woestijn over? Geen groen blaadje komt hij op z’n weg tegen. Toch houdt hij vol en komt hij aan de overkant van de zandwoestijn aan. Hoe dan? Omdat hij een behoorlijke watervoorraad binnen in zich heeft. Hoort u: ‘binnen in zich’, hetzelfde woord als Jezus hier gebruikt.
Dat water, daar teert hij op. Ook wanneer hij niets eetbaars of drinkbaars op zijn weg tegenkomt, kan hij de reis dankzij die watervoorraad volbrengen.

Wees gewaarschuwd!
Niet anders voorziet Jezus het voor zijn gemeente, op haar lange weg door de geschiedenis. Nee, niet altijd, maar vaak. En Jezus waarschuwt. Hij waarschuwt zijn jongeren, maar ook – meer algemeen – iedereen: zorg dat je het Koninkrijk binnen in je hebt!
De waarschuwing gaat dwars door families en soms zelfs door de huwelijken heen. Dat is het verraderlijke: ‘Twee zullen er in één bed zijn; de één zal aangenomen en de ander achtergelaten worden.’ Je kunt zo afgeleid worden door steeds maar met de vraag bezig te zijn wanneer en waar het Koninkrijk zich zichtbaar zal vertonen, dat je de boot mist. Die vraag van de Farizeeërs (Lucas 17:20) naar het ‘wanneer’ van het Koninkrijk kan onze geest zo in beslag nemen dat we die andere vraag naar wat we binnen in ons hebben gewoon vergeten. En met de vraag van de jongeren even later naar het ‘waar’ van het Koninkrijk kan dat evenzeer het geval zijn. Met als gevolg dat we niet aangenomen, maar verlaten worden. Wees gewaarschuwd! Denk aan de vrouw van Lot!
Die vraag van de discipelen naar het ‘waar’ van het Koninkrijk beantwoordt Jezus met een raadselspreuk: ‘Waar het aas is daar zullen de gieren zich verzamelen.’ Als ik het goed zie, steekt daar een tip van Hem in. Als jullie dan toch menen naar dat ‘waar’ te moeten zoeken, let dan liever, net als de gieren, op de ontbindende krachten die in de samenleving werkzaam zijn. Daar met name laat God zich vinden, daar waar Hij het minst zichtbaar maar ook het meest nodig is. En volg Hem daar na.

Totdat Hij komt
Kunnen bruiloftsgasten vasten als zij de bruidegom bij zich hebben? Maar er zullen dagen komen dat de bruidegom van ons weggenomen is, en dan zullen we vasten.
Zou het kunnen dat wij vandaag zo’n tijd meemaken?
Maar stel dat dit zo is, dan staan we nog niet met lege handen! Dan is nog de belofte dat Hij door zijn heilige Geest in ons wonen wil om ons te troosten en te bemoedigen.
En aan het werk te zetten. Tot er weer een andere tijd aanbreekt of het misschien zelfs zover is dat Jezus wederkomt op de wolken en Hij in levenden lijve voor ons staat.
Toen de Here Jezus door zijn Vader verlaten werd, bad Hij: ‘Mijn God, mijn God, waarom hebt Gij Mij verlaten?’ Maar, zegt het oude Avondmaalsformulier, dat was opdat wij nooit meer door Hem verlaten zouden worden. Want wanneer wij voor wat het zichtbare betreft door de Here Jezus verlaten worden, dan mogen we de heilige Geest, zíjn Geest, in ons hebben. Zoals water in de kameel.

Drs. Henk de Jong is emeritus predikant van de NGK Zeist.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief