De Tien Geboden en de overheid
1976-07-09
Ieder die wel eens gekeken heeft naar de tv-uitzendingen "Zienswijze" zal daarin ook kennis hebben gemaakt met drs H. van Praag. Als hij in zo'n uitzending betrokken is trekt hij, door wat hij zegt onmiddellijk de aandacht. Van Praag is een psycholoog, een filosoof, een theoloog, hij is even goed thuis in het Oude en Nieuwe Testament, als in de Koran en de oud-Indische en Chinese wijsheid. En hij beheerst een respectabel aantal talen. Drs Van Praag publiceert in een paar kranten artikelen onder de titel: "Spiegel van onze tijd". Ik probeer die altijd te pakken te krijgen, want ze zijn bijna steeds. niet alleen de lezing maar ook de bestudering de overdenking meer dan waard.- Jaargang 20
- nummer 28
Dezer dagen las ik in een nummer van "De Courant - Het Nieuws van de Dag" een bijzonder opvallende "spiegel". Hij had tot opschrift: "De tien geboden en onze regering". Van Praag vertelt daarin dat hij jaren geleden voor het maandblad “Doelmatig Bedrijfsbeheer" een reeks artikelen had geschreven die hij de toepasselijke titel meegaf: "De 10 geboden voor de ondernemer". De meeste lezers van dit blad dachten 'dat die formule overdrachtelijk was bedoeld.
Maar tot hun verbazing bleek dat Van Praag de tien .geboden van de "Wet des HEEREN" voor de ondernemers, met het oog op hun specifieke arbeid, ging uitleggen!
Want zo zegt hij "laat ons wel zijn, als de 10 geboden gelden voor alle mensen' zouden' ze dan ook niet gelden voor onze captains of industry"?
Van Praag verklaart dan dat hij een groot tegenstander is van een "groepsmoraal". D.w.z. van een moraal die speciaal geldt in de kerk, in zaken. in het huwelijk, in het leger, in de politiek 'enz. enz. Echte zedelijke voorschrift ten dienen naar zijn overtuiging ALTIJD.
En zo is hij' dan ook van oordeel dat ook de staat net zo goed als de gewone burger, aan de decaloog onderworpen is. En dan concretiseert Van Praag de "tien geboden" met het oog op de huidige staatkundige en politieke situatie als volgt:
De 10 geboden luiden dan in het kort:
- Ik ben de Heer uw God
- Ge zult u geen beelden maken
- Ge zult Mijn Naam niet ijdel gebruiken
- Gedenk de sabbat
- Eert uw vader en moeder
- Ge zult niet moorden
- Ge zult niet echtbreken
- Ge zult niet stelen
- Ge zult geen vals getuigenis geven
- Ge zult niet begeren
Deze geboden gelden ook voor de staat. Zo houdt het eerste gebod een waarschuwing in tegen de menselijke poging om de hele samenleving te veranderen, maar ook tegen beknotting van de vrijheid van de onderneming. Volgens de oude joodse traditie is het zogenaamde opschrift ("Ik ben de Eeuwige uw God, die u uit het diensthuis Egypte geleid heb") het eerste gebod, het duidt aan, dat God soeverein is, en dat de mens niet op Zijn stoel mag gaan zitten.
Het tweede gebod berust op het kweken' van valse voorstellingen over verleden. heden en toekomst, Het rapport van de club van Rome is daar een tekenend voorbeeld van, het denkt door extrapolatie de toekomst in kaart te kunnen brengen. Maar de feiten (bij voorbeeld t.a.v. de bevolkingsaanwas) zijn nu reeds weerlegd. Uiteraard is Keerpunt 1972, dat bij dit rapport aansluit, even onbetrouwbaar.
Het derde gebod richt zich tegen het zich toe-eigenen van Gods Naam, maar ook tegen het onderdrukken van deze Naam, zoals geschiedde in verband met de troon, rede.
Het vierde gebod betekent niet alleen, dat men één dag moet rusten, maar ook dat men zes dagen moet werken, m.a.w. de staat mag niet zoals het Romeinse rijk - een leger van werklozen kweken, maar moet door collectieve bezuiniging en een loonstop werk voor allen verzekeren,
Het vijfde gebod vraagt eerbied voor de traditie, het keert zich tegen annexaties van geestelijk erfgoed, zoals dit lichtzinnig door de huidige leiders van de VPRO geschied is. Steeds meer wordt onze christelijk-humanistische traditie verschraald.
Onbeperkt recht op de abortus zondigt tegen het zesde gebod, hoe hard de voorstanders hiervan ook schreeuwen, Het toestaan van ongelimiteerde seksfilms en seksboeken bevordert de geringschatting voor zuivere Iiefde en menselijke trouw,
Naasting van de gebouwen van het bijzonder onderwijs, zoals wordt voorgesteld, is diefstal door de staat.
Eenzijdige politieke voorlichting (zoals thans weer t.o.v. Oost-Timor) komt dicht bij het valse getuigenis. De V.A.D.-plannen bevorderen de begeerte, die het tiende gebod afwijst.
Is deze regering dan zo zondig? Zo is ons stukje niet bedoeld. Van Agt, Van Kemenade, Lubbers, etc. zijn brave borsten, die stellig het goede voorhebben, Maar ze bevinden zich in de greep van de verkeerde ideologie, die reeds thans funest in haar gevolgen is. We hebben in deze spiegel willen laten zien, dat de decaloog een spiegel is voor ons allen, ook voor de overheid, En waar men begint de staat de macht te .geven, die alleen God toekomt, ontstaat al spoedig een sfeer, waarin alle andere geboden dreigen genegeerd te worden, met een beroep op de staatsraison,
Het is tegen die neiging tot staats, macht (nl. van Egypte), dat de 10 geboden indertijd juist gegeven zijn. En zij blijven eeuwig van kracht.
Bij dit uitermate belangwekkende en "ontdekkende" artikel wil ik graag nog en paar opmerkingen maken.
1. Het was mij niet bekend dat in de oude Joodse traditie het z.g. “Op schrift" boven de wet tot het eerste gebod werd gerekend! Dat feit is grondige overweging m.i. ten volle waard. Wat krijgen op deze wijze de woorden: gij zult u geen andere goden voor Mijn aangezicht stellen: een geweldige klem! En voorts: wat is deze combinatie van groot belang voor een goed inzicht in de verhouding van wet en evangelie! "Zit" zo in de wet niet in het evangelie "in". En "zit" zo omgekeerd, het evangelie niet tegelijk ook in de wet ”in"? Zijn ze zo niet onscheidbare schering en inslag van het éne woord van God?
Is voorts rijker "belofte" denkbaar dan het bevel van God dat de liefdedienst van zijn volk alléén tot Hem zal uitgaan en dus niet tot afgoden? Zou die God die deze liefde eist - en Die ook de enige is die die Iiefde bewerken kan!die liefde niet willen geven?
Men bedenke hierbij dat in de Schrift wel gesproken wordt van de "Tien Woorden" die de HERE op de !berg sprak (Deut. 10: 4), maar dat er niet in wordt gelegd hoe die nummering in concreto geschieden moet.
2. Tegenwoordig is bijzonder in trek een z.g. "uittochtstheologie".
De "uittocht" van !het volk Israël uit Egypte, het Iand van de slavernij, is het "model" van wat nu onder de "inspiratie" van. de nieuwe Mozes - van "Jezus Messias' - gebeuren moet. De kerk moet onder inspiratie van die Jezus-messias de "Uittocht" van de mensheid uit de greep van de Slavernij' veroorzakende structuren bevorderen. Maar vergeet men niet te veel, soms zelfs helemaal. dat met die ”uittocht" de wet der tien geboden onlosmakelijk verbonden is? En dat de "meer dan Mozes" - die men vaak zó "Jezus-messias" noemt dat die naam een elementaire miskenning, om niet te zeggen: belediging van zijn persoon en werk is - gezegd heeft dat wan die wet geen titel: of jota zal afgaan: dat Hij niet gekomen is om de wet of de profeten te ontbinden, maar om die te vervullen; en dat Hij tegen de rijke jongeling zeide: Indien gij in het leven wil ingaan onderhoud de geboden? En heeft men in: die “uittocht theologie wen bedacht dat het gehele volwassene "uitgetogen volk" 10 de woestijn is omgekomen omdat het niet naar die geboden leefde? En dat, ook al weer omdat de "Tien Woorden" werden veracht, dat volk in de ballingschap, in een nieuwe en ergere slavernij werd gevoerd?
3. Wie de summiere actualisering van de tien geboden zoals drs Van Praag die gaf overweegt voelt als van zelfde vraag bij zich opkomen: worden de participanten van, het C.D.A. daardoor ni!et op een spoor gezet dat voor de goede de alléén goede - voortgang van het daarin ondernomen werk volstrekte voorwaarde is? Want geldt óók voor de politiek niet dat alléén in het houden van Gods geboden - die in de "Tien Woorden" zijn samengevat - grote loon is? (Ps, 19 : 12).