Werken aan de basis
2005-01-14
De helpers stonden bij wijze van spreken al klaar, toen de vloedgolf Sri Lanka bereikte. ZOA werkte namelijk al een aantal jaren aan de wederopbouw van het eiland. Dat gebeurde op een vijftal plaatsen met teams van in totaal 150 veelal locale mensen. Alle ZOA mensen overleefden wonder boven wonder de ramp, al zijn er maar weinig onder hen die geen persoonlijke verliezen hebben geleden.- Jaargang 49
- nummer 1
De zeebeving had tot gevolg dat aan de getroffen oostkust onmiddellijk moest worden teruggeschakeld naar acute noodhulp. Daarbij is veel van wat de afgelopen jaren is opgebouwd in de drie projectgebieden aan de oostkant van het eiland verloren gegaan.
Pionierswerk
In een van de allereerste zinnen laat Otto Kamsteeg (hoofd fondswerving en voorlichting) weten dat ZOA zelf ‘operationeel’ is bij wederopbouw van gebieden in een twaalftal Afrikaanse en Aziatische landen. Dat wil zeggen, dat de opbouwerkers direct in dienst komen van ZOA en dat er dus niet gewerkt wordt via zogenaamde partner-organisaties ter plaatse. Kamsteeg: ‘De reden is simpel, want ZOA zoekt vooral die gebieden op, waar de bestaande structuren van de grond af aan moeten worden opgebouwd. Vaak heeft in dat soort gebieden de aanwezigheid van buitenlandse hulpverleners door hun neutraliteit een positieve invloed op de hulpverlening. Eén van de belangrijkste doelen van de hulpverlening van ZOA in dit soort gebieden is het opbouwen van locale partijen die op termijn de hulpverleningsprojecten kunnen voortzetten.’
Weer bij af
Sri Lanka is een goed voorbeeld van dit pionierswerk van de Apeldoornse hulporganisatie. Al tijdens de burgeroorlog hielp ZOA de mensen, die terugkeerden uit vluchtelingenkampen om in hun vroegere woonomgeving een nieuw bestaan op te bouwen. Dat werk werd na het vredesbestand in 2002 onder een gunstiger gesternte voortgezet. Totdat de vloedgolf van tweede kerstdag vernietigend uitpakte. Otto Kamsteeg rekent er op dat na een fase van noodhulp, de wederopbouw weer ter hand zal worden genomen. ‘Dat betekent dat ZOA nog jaren betrokken zal blijven bij het opbouwwerk op Sri Lanka. Want ZOA wil vluchtelingen en ontheemden trouw blijven totdat hulp niet meer nodig is of projecten verantwoord kunnen worden
overgedragen aan locale partijen of overheden.’
Training
Veel van de ZOA-werkers op Sri Lanka waren actief in training en toerusting van de locale bevolking, zodat in de samenleving weer nieuwe structuren konden worden opgebouwd. En dat op allerlei gebied, in onderwijs, woningbouw, medische zorg en sociale hulpverlening (trauma-zorg). Een deel van het team was zelfs speciaal getraind op de coördinatie van noodhulp bij overstromingen, die op Sri Lanka geregeld plaatsvinden. Juist deze mensen waren van grote betekenis bij het organiseren van de hulp in de eerste uren en dagen na de vloedgolf.
Samenwerking
Ook ZOA juicht samenwerking met organisaties als TEAR fund en Woord en Daad toe. Otto Kamsteeg heeft daar voorbeelden van: ‘Ik denk aan ons werk in Angola, waar we na het einde van de burgeroorlog met de opbouw zijn begonnen. Nu er weer enige structuur in de samenleving ter plaatse is gegroeid, zal Woord en Daad dat werk op termijn overnemen en verder uitbouwen. Andersom heeft TEAR fund met ons contact gezocht om het werk op Sri Lanka financieel te ondersteunen.’ Kamsteeg ziet ook wel positieve kanten aan het feit dat niet alle christelijke hulporganisaties van gereformeerd-evangelische signatuur onder de paraplu van SHO werken. Otto Kamsteeg: ‘Er zijn ook mensen die, vanuit een jarenlange band met ZOA, hun gift graag aan ons toevertrouwen.
Ze weten dan precies wat er met hun geld gebeurt.’ Maar dat neemt niet weg, dat Kamsteeg heel blij is met alle hulp die in deze weken geboden wordt. Langs welke weg dan ook.