Jezus' volgelingen getroost en gelukgewenst
1976-10-08
Als Jezus de goede boodschap van het hemelse koninkrijk gaat verkondigen, terwijl zijn leerlingen om Hem heen zitten, begint Hij deze leerlingen gelukkig te prijzen.- Jaargang 20
- nummer 39
Hij zag ze voor zich zitten, begerig om te luisteren naar de woorden van het eeuwige leven en naar de boodschap van het komende Godsrijk.
Hij zag hen in hun verscheidenheid van noden en zorgen: de armen die op God hopen, die verdriet hebben, die nederig zijn, die ernaar hongeren en dorsten dat God recht doet, die met anderen medelijden hebben. juist omdat ze eren zuiver hart hebben en de Here willen dienen, zich willen inzetten voor de vrede, werden ze meermalen achteruitgezet en onrechtmatig bejegend, vervolgd en op alle manieren belasterd, omdat ze bij Jezus wilden behoren, Maar ondanks dat alles en in dat alles prees de Heer hen gelukkig.
In hun lijden om het volgen van hun Meester, zei Jezus: 'Wees blij en zing van geluk als zulks het geval is, want een ,grote beloning staat u te wachten. Zo immers heeft men oók de profeten van vroeger vervolgd', Dat is het evangelie, de goede boodschap welke Jezus op aarde verkondigd heeft aan allen, die zich vertrouwend aan zijn voeten hadden gezet.
Diezelfde boodschap doet de Here ons 'nog iedere zondag in onze gemeentelijke samenkomsten horen. Ze geldt allen die naar de stem van de goede Herder hebben leren luisteren 'en zich in allerlei moeitenen noden van het christenleven door Hem laten bemoedigen. Wij mogen kinderen van het koninkrijk zijn! Wij behoeven ons niet in een weg van zware godsdienstigheid op te werken om kind van het koninkrijk te wórden, maar we mógen het zijn d:oor Gods genade. Als zodanig hebben we ons dan ook in het wereld- en mensenleven te openbaren. Zó zijn we ais leerlingen en volgelingen van Jezus in het leven gesteld en zo behoren we nu ook naar de regels van, het hemelse koninkrijk te wandelen.
We zijn het zout voor deze wereld.
Schijnende lichten. Ons licht laten uitstralen voor de mensen! Dan kunnen zij het goede zien dat wij doen, en zij' zullen onze Vader in de hemel prijzen.