De Leviathan van Loch Ness
1976-10-15
U kent de Leviathan uit de statenbijbel? Natuurlijk kent u die. Zo zegt Job (40 : 20) "kunt gij de Leviathan met een vishaak optrekken, met een touw zijn tong neerdrukken?" Goed, u kent de Leviathan, maar weet u ook hoe die er uitziet? Waarschijnlijk niet. De N.B.G.-vertaling maakte van de Leviathan op deze plaats "krokodil". Dat was blijkbaar slechts een veronderstelling, want in Ps, 74 : 14 heeft de N.B.G.-vertaling toch maar weer van Leviathan gesproken - en niet van krokodil.- Jaargang 20
- nummer 40
Hoewel een bioloog, die voor enkele jaren promoveerde, als stelling aan zijn proefschrift toevoegde: de leviathan loopt op vier 'poten. Hij hield het op de krokodil.
De Leviathan is trouwens niet de enige onbekende bij Job. In 40 : 10 (SV) luidt het: "zie toch de Behemoth, die lik gemaakt heb, evenals u", enz. Het N.B.G. sprak hier van "nijlpaard"; vermoedelijk ook weer een veronderstelling. Want men begreep met een dichterlijk boek te maken te hebben, waarin beelden en namen gebruikt kunnen worden, die niet op de realiteit slaan, Gesteld immers, dat de Behemoth inderdaad een nijlpaard zou zijn - wat denkt u dan van het vervolg: "dat de Behemoth de eerste van Gods werken is, van een zwaard voorzien"! En is het nijlpaard op de eerste dag geschapen? Neen. Nu, dan is de Behemoth geen nijlpaard maar een onbekend en onvergelijkbaar wezen.
De vragen zijn nog niet over. Ze beginnen pas te komen. Want wat denkt u van Ps, 74 : 14: "Gij hebt de koppen van de draken in het water verbrijzeld, de koppen van de Leviathan vermorzeld"? Hier wordt de Leviathan gelijkgesteld met een waterdraak. En wat is een waterdraak? Wel, dat zou iets kunnen zijn als het monster van Loch Ness.
Daar komen we zo op terug.
Maar zo dachten onze vaderen nog niet. Die stelden, in de statenberijming, de Leviathan gelijk met de bekende Farao - de waterdraken gelijk aan "al zijn hier", dat in de Rode Zee verdronk. Zie naar de verzen 13 en 14. Trouwens onze vaderen zagen Farao met "al zijn hier" verdrinken in die Rode Zee, zoals dat in het gebed bij het doopsformulier wordt gezegd. Maar dat Farao er zelf bij was staat niet in Exodus (14 : 23, 24), terwijl een halve eeuw geleden het graf van deze Farao is blootgelegd! Deze opmerkingen maken duidelijk, dat we bij het lezen van de Bijbel ook rekening moeten houden met wat de schepping ons leert. In de Ned. Geloofsbelijdenis wordt de schepping zelfs als eerste bron genoemd voor het kennen van God.
Dan is er nog een bijbelplaats, die we in acht moeten nemen. In Ps. 104 : 26 staat: "Daar is de zee... daar gaan de schepen, de Leviathan die Gij geformeerd hebt om er mee te spelen". Dat psalmvers boeide me al, toen ik een kind was. Want, dacht ik, is zo'n sterk monster een ding om mee te spelen? Later begreep ik: dat zeemonster speelde zelf; het toonde zijn kracht door met de schepen te spelen. En inderdaad, door alle eeuwen zijn er berichten binnengekomen van zeemonsters, die schepen aan spaanders sloegen, waarbij de bemanning schreeuwend van angst omkwam - op een enkele na, die het kon navertellen.
En weer denken wij aan het Schotse meer bij de rivier Ness. In 1952 trachtte John Cobb het wereldrecord te water op Loch Ness met zijn snelle motorboot te breken. Toeschouwers genoeg. Hij kwam echter om, toen zijn boot een plaats bereikte, waar het water plotseling een werveling vertoonde. Er is nooit een verklaring voor de werveling in het water gevonden.
We stappen over op Jesaja. Ook die noemt de Leviathan en ook hier hebben de moderne vertalers niet voor krokodil durven kiezen. In 27 : 1 leest u: "te dien dage zal de HEERE met zijn fel, groot en sterk zwaard bezoeking brengen over de Leviathan, de snelle slang, over de Leviathan, de kronkellende slang en Hij zal het monster in de zee doden". En dan gaat het verder over...een wijngaard en bruisende wijn, beelden van vrede en welvaart.
Duidelijk is, dat Jesaja een beeld gebruikte; een beeld van volksvijand nummer een. Maar een sprekend beeld, een beeld dat de hoorders aansprak. Want men begreep dat er een zeemonster moest zijn, dat weerzinwekkend en beangstigend was, dat met schepen en mensenlevens kon spelen, ontembaar, onweerstaanbaar. Sterker: met dit bestaande zeemonster werd niemand anders dan de Satan vergeleken: de overste van deze wereld, de oude slang, de grote draak (Openb. 12 : 9). De slang uit het eerste bijbelboek komt dan ook terug in het laatste. En wordt nu vergeleken met "een oude slang, met zeven koppen, de snelle en kronkelende slang", het zeemonster van Jesaja, de Leviathan!
Ziet u dat ons onderwerp interessant gaat worden? En begrijpt u de brutaliteit van onze titel?
Want ieder kent sedert de dertiger jaren de "mythe" van het monster van Loch Ness. Ieder weet, dat de Schotten zuinig, dat ze bijgelovig zijn en dat ze een eigen monster hebben in Loch Ness. Maar hoe zit dat eigenlijk?
Wel, dat monster is niet pas veertig jaar geleden ontdekt, Het bestaan van een verder onbekende diersoort bij Inverness is al eeuwen lang regelmatig geboekstaafd, Om de vele vervalsingen, de vele grapjes, de grote onbekendheid en de onwaarschijnlijkheid van het "monster" is het tot een “mythe" geworden. Ten onrechte. Er zijn duizenden waarnemingen geweest, honderden schetsen en tekeningen, diverse foto's, enkele films gemaakt en in de laatste jaren zijn alle maritieme hulpmiddelen gebruikt, om zekerheid en gegevens te verkrijgen: dat het dier in meervoud bestaat, vermoedelijk in groepsverband, en dat het alleen aansluit op wat wij aan "voorwereldlijke diersoorten" weten.
De oudste beschrijving is van niemand minder dan de zendeling Colomba, die in het jaar onzes Heren.565 optekende: dat hij met een groep leerlingen "een zeker watermonster" in de rivier Ness heeft waargenomen. En Colomba, die hier der waarheid getuigenis kwam geven, wist wat hij gezien had. Hij bracht het Evangelie, hij bracht enige algemene ontwikkeling bij een achterlijke bevolking en hij legde historische feiten vast. Zijn geschrift wordt in Edinburg bewaard.
Deze mededeling staat daar eenzaam in de historie van 14 eeuwen geleden.
Daarna zijn er veel mondelinge gegevens geweest en die bleven onder de bijgelovige en geïsoleerde bevolking gefluisterd binnen schemerige vertrekken, Men wist iets van Johannes' vergelijking van een draak met de Satan. Men wist iets van de dreiging des Heeren door de mond van Jesaja. Men fluisterde, dat de Satan zelf in Loch Ness huisde. Daarom werden de waarnemingen stil gehouden. Natuurlijk, waar het broed niet kan gaan daar kruipt het wel - en in de 16de en 17de eeuw Nepen door heel Schotland de verhalen over "monsters", drijvende eilanden of omgekeerde boten in Loch Ness. Maar wie kwam kijken...vond niets.
Tot de boekdrukkunst, de betere communicatie, de couranten kwamen. In 1871 liep D. MacKenzie bij het dorpje Abriachan en zag een omgekeerde boot in het meer drijven. Toen het voorwerp zijn aandacht had kwam het in beweging, zwom met grote snelheid weg, liet een spoor van schuim en wielend water achter en verdween uit het gezicht.
In 1933 werd de autoweg A 82 aangelegd, die langs de gehele Lengte van het meer naar Inverness loopt. Tussen haakjes: dat meer is een kleine 40 km lang en gemiddeld 2 km breed. Hoewel het in oppervlakte het tweede meer van Schotland mag heten is zijn inhoud (met een diepte van meer dan 300 meter) zo groot, dat Loch Ness verreweg het grootste zoetwaterreservoir van Brittanië is. Welnu, deze autoweg bracht het gebied, dat tot dan alleen te voet of te paard bereikbaar was, in verbinding met de denkende wereld. Er kwam toerisme. Er kwamen onderzoekers.
De verhalen over het "mythische" monster bereikten de wereldpers. Vandaar dat in de dertiger jaren de waarnemingen pas goed begonnen en vastgelegd werden. De verdichting, de mythevorming, leverde de grootste moeilijkheden: zelfs een oprechte Schot durft het monster niet te ontkennen, maar er evenmin stellig aan te geloven. In het rapport over de laatste wetenschappelijke onderzoekingen, verschenen deze zomer, staat dat ook vermeld: dat de werkelijke feiten stelselmatig zijn verduisterd en dat de kletspraatjes steeds aanvaard werden!
U wilt wel eens wat feiten weten? Goed. Het eerste min of meer officiële rapport is uit 1934 en werd geschreven door Alex Campbell, destijds waterschout van Fort Augustus. U weet wellicht dat Loch Ness, dat bij Inverness uitloopt, bij Fort Augustus begint. Een jaar tevoren, in 1933, had een ooggetuigeverslag in The Inverness Courier de wereldpers gehaald. Toen vond Campbell, die een aantal waarnemingen in zijn 50-jarige ervaring met Loch Ness gedaan had, de tijd aangebroken om zijn gegevens te boek te stellen. Hij beschreef bijzonder zijn waarneming van mei 1934. De oppervlakte van het meer was glad geweest en hij zag het monster op 250 yards afstand: "een zeer groot dier, met een kleine, taps roelopende kop op een zes voet lange, ook taps toelopende hals; waarachter een bult kwam, ongeveer 30 voet lang; het dier bleef enige tijd rustig liggen, tot er drie schepen in zicht kwamen, waarop het onderdook."
De volgende beschrijving dateert van juli 1934. Een ploeg van 20 mensen nam een maand lang van het morgenkrieken tot de avondschemering het Loch Ness zorgvuldig waar. Het resultaat was teleurstellend: er werden in totaal 5 foto's en een film opgenomen, maar de afstanden waren te groot of de foto's te vaag dm dat ze waarde hadden, Wel maakten ze de indruk van de "aanwezigheid van iets groots en dierlijks in het meer."
Het duurde 30 jaar voor er weer een wetenschappelijke expeditie voor hetzelfde doel werd uitgerust. Intussen gebeurde er echter meer.
Een Londense arts, dr R. K. Wilson, reed met een vriend langs Loch Ness en stopte 2 mijlen ten noorden van het dorpje Invermoriston, toen ze een wieling in het water ontdekten. Ze stapten uit en op 200 yards kwamen kop en nek van een onbekend dier boven water. Dr Wilson had een geleende platencamera in de wagen en haastte zich 4 foto's te maken.
Slechts een ervan slaagde: het is de eerste authentieke foto en wel uit 1934: achter een taps verlopende, lange nek, die in een kleine kop uitloopt, is een grote donkere vlek in het water te zien, die een massaal lichaam aanduidt. Hebt u de primitieve platencamera's nog meegemaakt?
Dan begrijpt u, hoe moeilijk het was daarmee snel een bruikbare plaat te schieten.
Tijdens de tweede wereldoorlog stond alle onderzoek stil. Alleen een Italiaanse krant vermeldde, tijdens een nieuwsloze periode, dat bij een bombardement op Loch Ness (!) het monster was opgeruimd. Maar na 1945 gingen de waarnemingscijfers met sprongen omhoog, Merkwaardig dat de deskundigen deze gegevens, evenals die over vliegende schotels, domweg loochenden: men gebruikte de these van gezichtsbedrog, of die van massasuggestie; dan wel men dacht aan grote zeehonden of een paar verdwaalde waswissen. Niettemin de waarnemers waren te talrijk en te zeker van hun zaak, dan dat het monster kon worden bijgezet in het graf van sinterklaas.
Na 1960 werd de studie van de Leviathan, het watermonster, met kracht aangepakt, De eerste foto's klopten immers met talloze mondelinge berichten? Bovendien werden foto's uit 1960 tien jaar later met hulp van een computer "gelezen"; werden met hulp van radar, sonar en strobecamera zaken vastgesteld, die voordien onbereikbaar waren, Sedert vorig jaar staat vast: dat de "leviathan" van Loch Ness een heuse diersoort is, waarvan wij nog maar weinig anders weten dan dat het groot, lang, sterk en schijnbaar uit de voorwereldlijke fauna overgebleven moet zijn. Met "voorwereldlijk" is bedoeld: verband houdend met en passend bij diersoorten van voor de laatste ijstijd. Interesseert het u? Dan gaan we er volgende week mee verder.