Gerechtvaardigd uit de geschiedenis
1983-09-30
Onder bovenstaande titel schreef ds H. J. v. d. Kwast te Heerde enkele interessante artikelen in het "Kerkblad voor Nederlands Gereformeerde Kerken in de provincies Gelderland en Overijssel". In het artikel van 19 augustus jl. schrijft ds v. d. Kwast het volgende ter afsluiting: - Jaargang 27
- nummer 36
“Wanneer in Chr. Geref. kring gewezen wordt op het conflict in de Geref. Kerken ten tijde van de vrijmaking, ter verdediging van het niet meegaan in de vereniging van 1892, is daarmee niet 'bewezen', dat de datere Chr. Gereformeerden terecht zijn achtergebleven, Bewezen is, dat in die dagen de Gereformeerde Kerken de eenheid van allen, die voor Gods Woord willen buigen en de drie formulieren onderschrijven, niet konden bewaren en via schorsingen en afzettingen tot een keus dwongen. Hetzelfde geldt van alle kritiek, die in de Vrijgemaakte kerken op onze gemeente wordt uitgeoefend. Er is daarbij kritiek die kant noch wal raakt. Maar ook als terecht de vinger wordt gelegd bij zaken, die onder ons niet behoren voor te komen, dan zegt dit nog niets over het al dan niet juist handelen in de jaren 1967[68. Je zou haast zeggen: Wanneer het bij ons dan zó erg is, wanneer de schapen en lammeren in zó groot gevaar zijn, dan zal de ware kerk van de grote en goede Herder zich in grote ontferming moeten buigen over allen, die verloren dreigen te gaan. Om het nu eens heel kras te zeggen: Al waren wij het beu geworden; al waren we Mohammedanen geworden, dit zou geen rechtvaardiging zijn voor zaken als: het afzetten van een dienaar van het Woord, die samengesproken heeft met vertegenwoordigers van een andere kerk; het optreden als rechters in eigen zaak; het onverhoord oordelen en buitensluiten van dienaren van het evangelie en andere kwalijke zaken.
Het wordt tijd, dat we ophouden met het beroep op ontwikkelingen achteraf, die ons in het gelijk stellen, want het is een ijdel bedrijf. Zo lang we allemaal gelijk hebben blijven we in de schuldige verdeeldheid. Kerk zijn betekent verantwoordelijkheid voor elkaar dragen.
Als we eens zouden komen tot de belijdenis, dat we samen onnut zijn geworden en samen uit de moeiten moeten komen zou er al iets gewonnen zijn.”
Het is goed, dat de pastor uit Heerde deze dingen memoreert. Van bepaalde zijde wordt alles in het werk gesteld om zoveel mogelijk de kwalijke daden uit het recente verleden te vergeten. Een chr. gereformeerde collega zei eens tegen mij: "Laten de "binnenverbanders" maar niet zo'n groot woord hebben! Wat ze de "synodalen" verwijten, hebben ze nu zèlf gedaan!". Ik voeg er vrijmoedig aan toe, dat de meeste schorsingen en afzettingen in de kerkgeschiedenis waardeloos zijn geweest. De mensen, die er in eerste instantie voor verantwoordelijk waren, hebben de consequenties daarvan later zo ontstellend afgezwakt, dat geen sterveling de hele zaak meer geloofwaardig vindt. Maar intussen blijven zeer vele schorsingen gehandhaafd en laat men dienaren van het WOOl1dmet dat vonnis het graf ingaan. Is dit een traumatische reactie? Gelukkig niet! Maar ik kan het niet velen, dat de ernst van kerkelijke daden, in de Naam des HEREN verricht, later wordt verdoezeld, omdat het niet meer in iemands kraam te pas komt.