Kansen en grenzen van de pluraliteit

1983-10-14
  • Jaargang 27
  • nummer 38
Het vorige artikel handelde over pluralisme in de kerk. Wij zien vandaag niet meer één uniforme kerk) maar een veelvoud van gemeenten) groepen en gemeenschappen) die onderling zeer verschillen. Er is voor elk wat wils. Veelkleurigheid. Veelsoortige ontwikkeling. Verwant aan een moderne samenleving) waarvan sociologen zeggen dat ze gekenmerkt wordt door pluraliteit.. dat is: verlies van eenheid en groei van veel uiteenlopende belangen- en interessegroepen.

Gevaren
Natuurlijk: zo'n ontwikkeling biedt gevaren te over. Denk maar aan het gevaar van hobbyisme (naar eigen begeerten tal van leraren bijeen zoeken (2 Tim. 4: 3) of individualisme - je begint gewoon op jezelf (alsof de Geest bij u pas voor het eerst begonnen is... (1 Cor. 14: 36) partijschappen: de neiging om je te isoleren van alle andere christenen die in accent of traditie van je verschillen. ("lik ben van Paulus, en ik van Apollos" 1 Cor. 1 : 10-17).
Gevaren a:Is deze zijn vandaag groter dan vroeger. Daarom moet vandaag vooral gelden: dat liefde en trouw u niet verlaten! Bindt ze om uw hals, schrijf ze op de tafel van uw hart (Spr. 3 : 3).
Toch zou ik een ontwikkeling als deze niet alleen in het dreigende donker van allerlei gevaren willen zien, maar ook de mogelijkheden en kansen die ons hier geboden worden wálien aangeven. Zeker: als het N.T. ons zou leren dat de kerk van Christus één uniforme organisatie moest zijn, met plaatselijke afdelingen die aan strenge voorschriften gebonden zijn, dàn kan er voor pluraliteit geen ruimte zijn. Wij zagen echter de vorige keer al dat de Schrift ons dit niet leert. Integendeel, wij zien in het N.T. hoe de kerk naar baar wezen pluraai is. Zie maar hoe verschillend de ene gemeente is van de andere (Openb. 2 en 3). Efeze t.o. Corinthe. Er zijn ook van de aanvang af grote spanningen geweest in accentverschillen in de kerk - denk maar aan Jacobus en Paulus, of Antiochlië t.o. Jeruzalem (Hand. 15 en Gal. 1). De ene verkondiger van het evangelie sprak over Jezus als de Heer (Kurios) , de ander noemde Hem de Zoon, of sprak over Hem als de "Ik-ben" (Marcus, Paulus, Johannes) Iedere achtergrond verschilde en dus ook de vorm van de verkondiging, traditie en liturgie.
Waren er dan geen grenzen? Ja zeker: als er mensen waren die het middelaarschap van de Here Jezus aantastten, dan was Paulus onverbiddelijk (Gal. 1) of als er anderen opstonden, die ontkenden dat de Zoon van God in het vlees verschenen was (1 Joh 2) dan was een grens bereikt. Wie niet belijdt dat Jezus Christus in het vlees gekomen is is niet uit God (1 Joh. 4). Ook de ontkenning van toekomstige opstanding als echt en reëel feit wordt door Paulus in 1 Cor. 15 als dwaalleer afgewezen. Zo zijn er meer grenzen aanwijsbaar. Want al is de kerk veelvormig in haar optreden en verschijningsvormen, toch is en blijft ze één in haar Heer en Zijn Woord. Waar twee of drie in Zijn naam bijeen zijn - daar is de Here zelf door Zijn Woord en Geest present. Dat is haar eenheid.

Kansen
Om de bezinning vanuit de bijbel te bevorderen is het goed om eerst de mogelijkheden aan te geven die een niet uniforme maar plurale ontwikkeling van de kerk ons biedt.

1. Het leidt tot een veel grotere ontplooiing van de gaven van iedere enkeling. Niemand heeft alle gaven, geen enkele kerk heeft de volle waarheid in pacht, in geen enkele plaatselijke gemeente vinden wij allen kleuren van het heilmaar in de veelkleurigheid van gemeenschappen en plaatselijke kerken waar ieder de leiding van Gods Geest volgt, komen hiér andere Geestesgaven naar voren dan dáár, beluister je in deze gemeente weer iets wat je ginds niet hoort en komen naast de ambten ook de gaven beter tot hun recht.
Het komt er juist dan op aan om "samen met àlle heiligen te vatten hoe groot en breed, hoe hoog en diep de liefde van Christus is" (Ef. 3). Hoe meer ruimte er komt voor veelkleurige ontwikkeling en dus persoonlijke inzet en wellicht verschil tussen de gemeenten, des te beter, maar ook des te meer heb je elkaar nodig en moeten er in onze tijd tegelijk ook overal dwarsverbindingen groeien.


2. In een samenleving die gekenmerkt wordt door pluraliteit kan alleen een kerk die zelf ook op verschillende niveaus en in een veelheid van vormen werkt vruchtbaar zijn. Dat betekent dat de één zich richt tot arbeiders en dat een andere gemeenschap meer actief is als studentengemeente. Tegenover zakenlieden zeg je iets anders dan aan pubers. Een kerk die zich vastlegt op één sociale laag of we alleen present is in een bepaalde sector van de samenleving mist haar roeping om Christus te verkondigen en te vertegenwoordigen in alle sectoren van de samenleving. Pluraliteit biedt hiervoor méér kansen dan uniformiteit.

3. Pluraliteit bevrijdt de gemeente uit de enge banden van provincialisme of nationalisme. Zicht op veelvormigheid doet ons inzien hoe Christus in Afrika - of Nieuw-Guinea andere gemeenten doet groeien dan hier in Nederland. Wie wel eens één van de samenkomsten heeft bijgewoond in een kerk in de Derde Wereld weet hoe anders dat is - en tegelijk hoe bemoedigend te ontdekken dat Christus méér is. Christus is méér dan de Dordtse Leerregels en calvinistische psalmen - hoezeer ik deze ook liefheb (de laatste méér dan de eerste).

4. Ook historische banden worden door de groei van een pluraIe kerk sterker gerelativeerd. De traditie is als zodanig niet heilig. Als er vanuit een levend geloof in Christus en vanuit Zijn Woord andere liederen gezongen en nieuwe mensen bereikt worden enz., dan doorbreekt dat verstarring en dode vormen.

Grenzen
Pluralisme is voor de kerk een dodelijk gevaar zodra het een aantal grenzen overschrijdt. Het is belangrijk om te proberen ook die grenzen wat nader aan te geven.

1. Het eerste gevaar van grensoverschrijding is al genoemd. Partijschappen en individualisme. Als een groep of gemeente zich afsluit van andere medechristenen, niet meer gelooft in het 'samen met alle heiligen' - eigen herwonnen of gewonnen inricht verabsoluteert en daarmee anderen uitsluit, dan versplintert de kerk in fragmenten, in plaats van zich te ontvouwen en uit te groeien in tal van verschillende vormen, die allen één zijn in het éne Hoofd. Dit gevaar is actueel bij vele evangelischen.

2. Vandaag is het vooral belangrijk ook inhoudelijke grenzen aan te wijzen. In het verlengde van de grenzen die het N.T zelf aangeeft als het gaat om de inhoud van het evangelie. Niet alles wat onder de naam van kerk of christendom verschijnt is het ook echt. Waar het unieke van Jezus' middelaarschap wordt ontkend (en Jezus er één wordt in een rij van bevrijders we onze geschiedenis kent) is het evangelie ontkracht. (Gal. 1). Als de historiciteit van Gods heilsdaden wordt ontkend, is een grens overschreden.
(1 Cor. 15). Als de Schrift wordt gelezen niet als het Woord van God wat het is (1 Thess. 2: 13) maar als door mensen bedachte verhalen (2 Petr. 1 : 16) is de gemeenschap opgebroken.
Rond de visie op de Schrift en op de persoon van Christus vallen vandaag de beslissingen.
Die moeten er ook vallen. Niet alles wat uit de kerk voortkomt is uit God. Het Woord Van God moet hier ook inhoudelijk schiften. Met de oude belijdenisgeschriften kom je in onze tijd niet helemaal uit - zij zullen in onze tijd opnieuw moeten worden toegespitst tegenover mystiek aan de ene en politiek aan de andere kant. Dit 2e punt geldt met name voor de oecumenischen.

3. Hier hangt een derde punt mee samen en dat is dat het juist· vandaag aankomt op de belijden!is van de continuïteit van het ene geloof in Jezus Christus naar Zijn Woord. Die in de praktijk die continuïteit verbreekt door geheel opnieuw te beginnen moet weten wat hij doet. Is dat uit God? Wie die continuïteit verbreekt door in de bestaande kerken een ander geloof in te dragen is geen deel meer van een plurale kerk, maar splijtzwam of kankergezwel. Vandaar dat wij beducht moeten zijn voor het herinterpreteren of omduiden van woorden en leerstellingen uit de traditie. Er is een theologie die op die wijze de continuïteit van het geloof verbreekt - wals in de theologieën van P. Tillich en D. Sölle. e.a.

Slotsom
Tegenover de onzekerheden die een plurale ontwikkeling van de kerk vandaag meer dan vroeger met zich mee brengt is het vandaag des te belangrijker om dat éne geloof dat wij belijden samen met heel ons voorgeslacht helder te verwoorden en op onze tijd gericht samen te vatten en in praktijk te brengen. Met de nadruk op de uniekheid van Jezus Christus als onze Verlosser en op de betrouwbaarheid van de Schrift. Tegenover partijschappen en individualisme is het van belang om aan alle dwarsverbindingen voorrang te geven en het eigen hart te beproeven. (1 Cor. 14: 36). Vooral echter is van belang de mogelijkheden tot een veelkleurige ontwikkeling van de kerk in onze tijd als een uitdaging te zien. Laten er maar veel kringen en gebedsgroepen, nieuwe gemeenten en gezamenlijke activiteiten mogen komen, om zo de 20e eeuwse mens tot een 20e eeuw mens te worden. Kortom: pluralisme neen. Pluraliteit: ja.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief