De Christ. Geref. Kerken en Wij
1983-10-14
In het nummer van 30 september heb ik al verteld dat op 7 september jl. ds G. Mul en ondergetekende zich meldden op de synode van de Christ. Geref. Kerken, die in Rotterdam gehouden wordt. Daar werden we hartelijk en gastvrij ontvangen. Toen het rapport van deputaten voor samenspreking met onze kerken aan de orde kwam mochten we zelfs achter de moderamentafel plaats nemen. In deze "vooraanzitting" konden we alles goed in ons opnemen.- Jaargang 27
- nummer 38
Op onze landelijke vergadering heeft een afgevaardigde van de Christ, Geref. Kerken ons toegesproken, nadat de zaken van de samenwerking waren besproken en een besluit was genomen. In Rotterdam ging het anders; daar werd ons het woord verleend voordat onze zaak in behandeling kwam. Het overviel mij wat dat ik aanstonds achter de microfoon kwam.
Het was niet mogelijk in te gaan op de discussie, want die moest nog plaatsvinden.
Nu had men ons tevoren het rapport van deputaten en dat van de oommissie die de bespreking op de synode voorbereidde toegezonden, zodat we enigszins op de hoogte waren van wat komen zou. Naar mijn herinnering heb ik ongeveer het volgende gezegd.
Allen zijn we er van overtuigd dat het 'n blijde dag zou zijn, wanneer de Dhr. Geref., de Vrijgemaakte en de Ned. Gerei. kerken elkaar zouden vinden in een eenheid van kerkelijk samenleven. Het zou duidelijkheid geven en een zegen voor land en volk zijn.
Gezien het vele dat deze kerken gemeen hebben en gehoord de opdracht van onze Heiland en Koning zou het ook mogelijk moeten zijn. Helaas weten we ook dat hier niets te forceren valt, omdat kerken, ook al hebben ze dezelfde belijdenis en kerkregering, niet zo maar aan elkaar te plakken zijn. Maar het blijft een droevige zaak.
Wanneer ons in de prediking wordt gezegd dat we allen in zonde verloren zijn, buigen we ootmoedig het hoofd, maar wordt de zonde concreet aangewezen dan verandert de zaak en zijn we meestal niet thuis. Jets dergelijks valt te beleven wanneer het om kerkelijke eenheid gaat: ieder is er voor, maar komt het op verwerkelijking aan, dan opperen we allerlei bezwaren.
Mijn leermeester wijlen ds S.G. de Graaf heb ik eens horen zeggen dat wie de eenheid van de kerk zoekt, zal ontdekken dat Christus een kruis draagt.
Zijn we bereid dit kruis op te nemen en offers te brengen voor de goede zaak van de door de Meester geboden eenheid? Vervolgens heb ik gememoreerd hoe op onze landelijke vergadering steeds de verhouding tot de Christ. Geref. Kerken in het oog is gehouden en speciale aandacht gevestigd op het feit dat ongeveer dertig studenten uit onze kerken hun opleiding in Apeldoorn ontvangen, hetgeen de broeders toch wel enige hoop voor de toekomst mag geven wat de prediking in onze kerken betreft.
De discussie ter synode nam die dag ruim vijf uur in beslag en toen was men nog niet tot besluitvorming gekomen. De landelijke pers heeft tamelijk uitvoerig aandacht gegeven aan deze bespreking, Grote krantenkoppen als: Eenheid met Nederl. gereformeerden stagneert; Christ. gereformeerden zetten samenwerking op laag pitje (Trouw); Verdeeldheid over eenheid op Christ. geref. synode; Pessimisme over relatie tot Nederl. gerej. kerken (Ned. Dagblad); Chr. Gerei. Synode niet klaar met verhouding tot Ned. Geref. (Reform. DagbI.) hebben bij velen de indruk gewekt dat het met de samenwerking maar droef gesteld is.
Nu neemt men in de pers graag wat opvallende uitspraken over en zo kan er een vertekend beeld ontstaan. Inmiddels is uit volgende verslagen over de synode duidelijk geworden dat men in deze kerken, die altijd zo goed de onderlinge eenheid konden bewaren te maken krijgt met wat in "Trouw" genoemd is: "de blijkbaar zeer broze eenheid in de Christ. Geref. kerken, die de komst van een gezangenbundel niet zou overleven." Nu hebben alle kerken in deze tijd van geestelijke crisis te maken met het levensgevoel van onze dagen en de vragen die uit een erg gecompliceerde samenleving opkomen.
In een levende kerk zal altijd verschil van inzicht blijven en wie zal dit euvel duiden.
Wanneer wij als Neder/. gereformeerden met de Christ. gereformeerden samen op weg gaan betekent dit dat we solidair moeten zijn, bereid om elkaars lasten te dragen.
In de Christ. Geref. kerken bestaat een vereniging: Bewaar het Pand. Deze vereniging belegt ontmoetingsdagen, lees ik in de Wekker en loopt het gevaar dat men en front vormt in de kerken.
In deze kringen leeft bezorgdheid over ontwikkelingen in het kerkelijk leven en dat is een zeker recht, maar het is niet recht wanneer in die bezorgdheid onze kerken het ontgelden moeten.
Een intern-kerkelijke problematiek wordt dan als bezwaar ingebracht tegen de samenwerking en dat is niet billijk. Wanneer er aanmerkingen worden gemaakt op onze kerken over zaken die men ook in eigen huis vindt denk je dit alles aanhorende zo nu en dan: medicijnmeester genees uzelve, Laat niemand nu denken dat er alleen negatief gesproken is. Dit demonstreerde zich treffend bij de behandeling van de brief van onze landelijke vergadering, die we intussen hebben gepubliceerd. In het rapport van de commissie van de synode stond over deze brief o.a. te lezen: "In deze brief valt op de hoopvolle toon, vooral uitkomend in het bijgevoegde "perspectief". Uw commissie is van oordeel dat deze brief meer optimistisch dan realistisch is een optimisme waar gelet op de ervaringen op dit ogenblik weinig grond voor is".
Tegen deze zinsnede in het rapport werd door meerdere afgevaardigden, soms zeer bewogen, geprotesteerd. Men hoorde in die brief het broederhart spreken en nam afstand van de koele constatering in het rapport. Een merkwaardige situatie: de kille zakelijkheid nu bij de Christ. Geref. en een warme bewogenheid bij ons. ('t kan verkeren).
Voor wie de indruk mocht hebben dat er alleen maar negatief over de toenadering is gesproken, kunnen ds v. d. Brink, dr Mul en ondergetekende getuigen dat door deputaten en onderscheiden leden van de synode de zaak van harte en kundig is bepleit.
Wij hadden het niet beter gedaan. Niet te ontkennen valt dat er nog al wat - meest oude - bezwaren tegen ons kerkelijk leven waren en dat we wat de besluitvorming betreft niet vooruit zijn gegaan. In een volgend artikel hoop ik op die bezwaren terug te komen.
De broeders in Rotterdam wensen we veel wijsheid van de Geest des Heren toe.