Het boek Daniël
1975-06-27
Eigenliefde- Jaargang 19
- nummer 26
De bron waaruit altijd weer de bittere stroom van de haat en de bedreiging opwelt is de eigenliefde. Daniëls collega's kunnen het niet verkroppen, dat hij geplaatst zal worden boven allen. Niet alleen hun eerzucht, maar ook hun financieel belang zal daarin hebben meegesproken. Drie mannen zijn aangesteld, aan wie de honderd en twintig stadhouders rekenschap moeten geven "opdat de koning geen schade zou lijden". Wegen tot zelfverrijking zijn voor hooggeplaatsten licht. te vinden. Darius heeft het goed begrepen: er is strenge controle nodig. Maar als de hoofdinspecteurs een oogje dicht.
doen en zelf ook wat extra's in de wacht kunnen slepen, dan zijn de getroffen maatregelen toch niet waterdicht. Alleen maar, met een man als Daniël zullen ze het nooit op een akkoordje kunnen gooien. Dus moet hij weg, hoe dan ook.
Ook bij de koning is het de eigenliefde, die hem in de strik gevangen doet worden. Een voorstel, dat een maand lang zijn koningschap zal uitstijgen boven alle mensen en godenmacht streelt zó sterk zijn gevoel van eigenwaarde, dat hij maar al te graag een onherroepelijk bevel doet uitgaan: Dertig dagen lang mag tot geen god of mens een verzoek worden gericht, behalve tot mij, koning Darius; ieder die dit bevel ongehoorzaam is, wie hij ook zij, zal in de leeuwenkuil worden geworpen. Het is bij alle verandering tenslotte toch altijd weer hetzelfde. Zo hebben later de' overpriesters en oudsten van Israël een plan beraamd om Jezus door list in handen te krijgen en te doden (Matth. 26 : 4). Hun eigenliefde dreef hen.
Anders zullen de Romeinen komen 'en ons zowel onze plaats als ons volk ontnemen. En zo heeft Pilatus, hoe zeer hij zijn best deed om Jezus vrij te laten, hem tenslotte "voor de leeuwen geworpen", omdat hij anders des keizers vriend niet zou zijn (Joh. 19 : 12).
De eigenliefde is de bron van het kwaad. Maar tevens de oorzaak van de ondergang.
Darius zoekt de eer van mensen; hij alleen verheven en alle anderen smekelingen bij hem alleen. Maar nauwelijks is het bevel uitgegaan of de koning blijkt onontwarbaar verstrikt in zijn eigen garen. Al wil hij nog zo graag Daniël redden, zijn eigen eerzucht heeft hem tot een machteloze gevangene van zijn eigen woorden gemaakt. En heel zijn koningsmacht is niet groot genoeg om het net te scheuren, waarin hij zichzelf heeft laten vallen.
De onveranderlijke wet, dat een koninklijk besluit niet te herroepen is, moest dienen om de koningsmacht onaantastbaar te maken, maar maakt de wereldheerser tot een hulpeloze.
De listige tegenstanders van Daniël hebben maar kort van hun triomf kunnen genieten, niet langer dan een enkele nacht. Toen zijn ze, met hun kinderen en vrouwen voor de leeuwen gegooid. Een harde straf, naar het oude vergeldingsrecht, zoals het ook in Israël gold.
Een rechtvaardig oordeel van God, die bloed te drinken geeft aan hen, die het bloed der heiligen en der profeten vergieten. De overpriesters en de oudsten zochten de handhaving van hun plaats en van hun volk. Maar plaats èn volk zijn verloren gegaan, juist omdat hun eigenliefde zich openbaarde in haat tegen Hem, die in hun plannen niet paste.
Hoe het Pilatus is vergaan vermeldt de bijbel niet en andere betrouwbare gegevens ontbreken.
Maar dat hij zijn leven niet als vriend van de keizer heeft beëindigd, is wel zeker.
Eigenliefde leidt tot de dood. Alleen in liefde tot God en tot de naaste is het leven te vinden.