Een boek over het zendingswerk van de Chr. Geref. Kerken

1976-03-12
  • Jaargang 20
  • nummer 11

Sinds 1961 wordt er door de Chr. Geref. Kerken zendingswerk verricht in Venda-land in Zuid-Afrika.
In dat jaar vertrokken het echtpaar Helms als zendingsartsen en ds Floor als miss. predikant naar dit zendingsterrein, dat men overnam van de Geref. Kerk van Zuid-Afrika (de zgn. "Düpperkerk"), Er was daar toen al sinds 1928 zending bedreven en met het zendingsziekenhuis was men in 1940 van start gegaan.
De Chr. Geref. Lectuurstichting publiceerde nu de uitgave "Zending in Venda-land", een boek van 136 pagina's, samengesteld door een aantal Chr. Geref. brs. en zrs. die persoonlijk bij dit zendingswerk betrokken zijn.
Prof. dr Floor die na een aantal jaren als zendeling in Venda-land gewerkt te hebben docent werd aan de 'Theol. School te Harnmans; kraal, leverde een tweetal opstellen.
Het eerste gaat over de verhouding tussen zendingsfront en thuisfront, waarbij er terecht sterke nadruk op gelegd wordt, dat het meeleven met het zendingswerk niet alleen een zaak van kerkeraden en deputaten moet zijn, maar juist ook en vooral van de gemeenten. Zijn tweede bijdrage in deze bundel geeft informatie over de gang van zaken aan de Theol. School te Hammanskraal.
Deze Theol, School gaat uit van de Geref. Kerk in Zuid-Afrika. Het is een school van de blanke kerken ten behoeve van de jonge kerken op het zendingsveld, die bestuurd wordt door blanke curatoren.
Ik herinner me, dat tijdens een synode-vergadering in Kwa Mashu in de zestiger jaren een Bantoe-predikant het verzoek lanceerde in het curatorium van Hammanskraal ook een of meer Bantoes op te nemen. Een verzoek dat me toen alleszins redelijk in de oren klonk. Ik herinner me nog goed de schrikreactie van enkele ter vergadering aanwezige blanke adviseurs, die zich haastten te verklaren dat zoiets natuurlijk niet mogelijk was. Blijkbaar is die schrik nog steeds niet overwonnen.
Het curatorium bestaat nog geheel uit blanken Wel is er inmiddels een adviescollege gevormd, bestaande uit een kleurling-predikant en verschillende Bantoe-predikanten, dat samen met de curatoren vergadert over zaken die speciaal de studenten en hun belangen raken. Het deed me goed te lezen, dat sinds kort de Bantoe-studenten van Hammanskraal zich aan de blanke Geref. Universiteit van Potchefstroom kunnen laten inschrijven om daar hun theologische graden te halen.
Dr J. A. de Rooy, die jarenlang zendeling van de Dopperkerken was, maar die in 1966 als miss. predikant in dienst trad van de Chr. Geref. Kerk van Hoogeveen en die sinds 1973 beschikbaar is gesteld voor de vertaling van de bijlbel in de Venda-taal, leverde een drietal bijdragen aan deze bundel. De eerste bevat een gedegen en ter zake kundig overzicht van de religieuze denkwereld die het hele leven van de Venda beheerst en doortrekt en waarmee die prediking van het evangelie permanent geconfronteerd wordt.
Zijn tweede artikel handelt over de betekenis en de functie van de bijbelschool (waar o.m. helpers worden opgeleid) in het zendingswerk met het oog op de gemeente, opbouw. Zijn derde artikel geeft een interessante uiteenzetting over het belang van en de problemen bij het ver talen van de bijbel in de Venda-taal, Ds M. Rebel die sinds 1962 in Venda-land als zendeling werkzaam is, geeft in zijn artikel een boeiend beeld van het dagelijkse werk van een zendeling en van de problemen waarmee hij te maken krijgt oor een deel zijn dat problemen die samenhangen met het feit, dat het zendingswerk hier vastgekoppeld is aan een kerkelijke machinerie die vrucht is van een westerse ontwikkeling en traditie (Vgl. p. 52, 53, 55). Het zijn juist deze problemen die naar mij-n ervaring zeer frustrerend kunnen werken, omdat mogelijkheden die de Schrift geeft, erdoor worden geblokkeerd en zo de ontplooiing van het zendingswerk wordt al geremd en belemmerd.
Het feit b.v. dat helpers geen doop en avondmaal mogen bedienen omdat ze in de kerkorde niet voorkomen (p. 55), leidt ertoe da.t de predikant, c.q. zendeling, een soort "handelsreiziger in sacramenten"
wordt, waardoor onbedoeld voet gegeven wordt aan een magische opvatting van doop en avondmaal, die men in de prediking juist probeert tegen te gaan!
Overigens wordt het hoog tijd dat ook in Nederland deze klerikale praktijk waarin nog een heel stuk roomse zuurdesem nawerkt, eens op de Schriftuurlijke helling komt.
Het artikel van dokter Helms geeft een overzicht van het medische werk in het ziekenhuis te Siloam, U vindt daarin niet alleen kerkelijke gegevens (elke dag worden 20-30 patiënten opgenomen en bezoeken 120-130 patiënten het spreekuur b.v.), maar het geeft u ook een indruk van de traditionele en religieuze weerstanden waartegen gevochten moet worden.
Verder bevat het boek nog een aantal andere artikelen, zoals: het werk onder de vrouwen; het kind in Venda-land; jeugdwerk; en: hoe leeft een Hollands zendeldngsgezin in Venda-land", waardoor het beeld van het zendingswerk gecompleteerd wordt.
Het laatste artikel "Zending en Toekomst" (p. 131-136) van dr P. G. Geertsema vind ik minder bevredigend.
Dat zal wel samenhangen met het onderwerp. Wie daarover iets zeggen wil, moet wel in algemeenheden blijven steken.
Overigens frappeerde het mij, dat in dit artikel een veel rooskleuriger tekening gegeven wordt van de functionering van de kerkelijke vergaderingen dan door ds Rebel.
Volgens ds Rebel is de invoering van de K.O. met zijn meerdere vergaderingen etc. zeer prematuur geweest en kunnen de Venda-kerken daar (nog) niet mee werken, "behalve misschien een paar uitblinkers onder de eigen predikanten, die daarmee het toneel gaan beheersen" (p. 62). Hij ziet dat duidelijk als een negatieve factor. Dr Geertsema daarentegen waardeert dit als een positieve zaak die bijzondere vermelding verdient (p. 134). Ik geloof dat ds Rebel hier juist taxeert, En wanneer dr Geertsemia vermeldt dat de blanke zendelingen geen zitting hebben in de moderamina van de "zwarte" kerkelijke vergaderingen doch slechts adviseren, is dat formeel wel juist gesteld.
In de praktijk komt het er echter op neer, dat deze adviseurs in alle belangrijke zaken de koers bepalen. Daarom geeft dat woordje "slechts" - hoewel formeel juist - toch een verkeerde indruk.
Al met al vind ik de bundel "Zending in Venda land" zeer aanbevelingswaardige lectuur ook voor onze kring. Onze zendelingen in Zuid-Afrika werken weliswaar niet onder de Venda's. maar de problematiek waarmee zij te maken krijgen, is dezelfde. Wie daar iets van proeven wil om des te beter met het zendingswerk te kunnen meeleven en ervoor te kunnen bidden, kan. in dit boek terecht, Het enige wat ik er pijnlijk in gemist heb, is een bijdrage van een Venda-predikant of helper.
Die had m.i. in een bundel als deze niet mogen ontbreken.
Ook miste ik in het lijstje van data op p. 11 de vermelding van de uitzending van ds Affourtit als miss. predikant van Leiden naar Venda-land, dn dit boek, dat in december 1975 verscheen, had dat nog wel vermeld kunnen worden, dacht ik.


Zending in Venda-land
Uitgave van de Chr. Geref. Lectuurstichting.
Ds H. Janssen in samenwerking met Deputaten voor de Zending van de Chr. Geref. Kerken in Nederland.
Prijs f 17,50; porto-kosten f 3,25.
Bestellingen door overschrijving van f 20,75 op postrekening 514322 t.n.v. het Ds. H.Janssenfonds te Rotterdam.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief