Oppassen voor vrome algemeenheden

1976-05-21
  • Jaargang 20
  • nummer 21
De bijbel houdt ons de spiegel van Gods wet voor en wijst ons telkens als met de vinger arm, wat onze tekortkomingen, zonden en verkeerdheden zijn. Opdat we die zullen erkennen, belijden en nalaten: persoonlijke ongerechtigheden, familieveten, economische overtredingen, politieke dwaasbeden, kerkelijke misstanden.
Deze concreet aanwijsbare schulden moeten ons tot verootmoediging voor de Here brengen met de betuiging: Here, u straft ons met reden. U vernedert mij omdat ik zo hoogmoedig ben. U treft mij in mijn zaken omdat ik mij tot verkeerde praktijken heb laten verleiden.
Zoals de dichter van psalm 30 het eens uitsprak: 'In mijn onbezorgd had ik gedacht:ik zal nimmer wankelen. Maar toen ik in mijn overmoed roemde, hebt Gij uw aangezicht voor mij verborgen en mij met ernstige ziekte bezocht'.
Zeker, wij hebben allen zonder onderscheid de rampen en tegenspoeden van het leven duizendvoudig verdiend. Maar dan moet ook ieder in het licht van Gods Woord zijn eigen ongerechtigheden erkennen en als het nodig is, zich door Gods straffende hand laten kastijden.
Kerkmensen leunen vrij gemakkelijk soms, tot een algemene belijdenis van schuld komen. In hun gebieden willen ze nog wel erkennen 'alles verbeurd-bebbende-zondaars' te zijn. Maar het zich vernederen onder de kastijdende hand van God in het belijden van een bepaalde zonde, welke hen op een bescheiden wijs door anderen onder het oog gebracht werd, blijkt niet zelden grote moeite te kosten.
Als een Welmenende broeder ons in verband met een bepaalde afdwaling of misstap de vraag stelt: zou God de Here u misschien dáárom niet kunnen tegenkomen?
- dan schijnt de vrome algemeenheid 'duizendvoudig-verbeurd-hebbend' ons nog niet zo gemakkelijk af te gaan.
Ik moet daarbij denken aan de broeder, die bij een pastoraal bezoek uithaalde: 0 dominee, u moest eens weten hoe een slecht mens ik ben! Maar toen de dominee daarop bescheid gaf met de opmerking: Ja, dat heb ik van u ook wel eens gedacht, - terstond in het geweer kwam met een: u heeft toch niets tegen mij?
Iets uitspreken en beleven zijn twee!

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief