Problemen rondom de V.U.
1976-06-18
Wie in de voorbije weken de kranten goed gelezen heeft, is er van op de hoogte dat er om en in die Vrije Universiteit heel wat te doen is geweest en nog is.- Jaargang 20
- nummer 25
Een paar weken geleden vergaderde de Universiteitsraad - dat is de instantie die het bestuur over de gehele Universiteit uitoefent.
In deze raad zijn behalve vertegenwoordigers van de wetenschappelijke staf - professoren, lectoren enz. - ook studenten opgenomen.
Deze laatsten worden "Op democratische wijze" uit en door de studenten gekozen.
Op de genoemde vergadering kwam een belangrijke kwestie aan de orde. De universiteitsraad behandelde nl. de vraag Of de kandidaatbestuurders met de doelstelling van de V.U. moesten instemmen of niet.
Velen zal deze vraag vreemd in de oren klinken.
Ze zullen zeggen: Is dat een vraag?
Spreekt het niet van zelf dat, als je bestuurslid van een of andere vereniging, organisatie, stichting wordt, je met de doelstelling daarvan instemt, ja, dat zelfs van harte doet?
kIs je met de doelstelling daarvan niet instemt kun je toch immers geen lid. van het bestuur daar-van zijn? Ja, is het dan zelfs niet zo dat je dan, als eerlijk man, daarvan geen bestuurslid wilt zijn? Hoe kan men nu leiding geven aan het werk van een instituut, dat wij zeggen: er met alle kracht aan werken dat het door dat instituut beoogde doel ook metterdaad wordt bereikt, als men het met die doelstelling niet eens is, er niet ten volle achter staat?
Inderdaad: het spreekt van zelf dat een bestuurslid van een instituut, in casu de Vrije Universiteit, voor honderd procent achter de doelstelling daarvan staat, ja, die ook als een van harte aanvaard ideaal voor alle eigen werken aan dat instituut heeft aanvaard. En het spreekt ook vanzelf dat zo'n instituut een dergelijke instemming van de kandidaatbestuurders niet alleen màg, maar ook moet eisen.
Maar deze elementaire waarheden worden niet door allen die aan de V.U. werken erkend en aanvaard.
Volgens de berichten die ik daarover in de pers las werd op de genoemde vergadering van de Universiteitsraad een "nota" van een "werkgroep" behandeld waarin over de "doelstelling" van de V.U. en de instemming daarmee door kandidaat-bestuursleden voor de Universiteitsraad werd gesproken, De situatie was namelijk zo: De doelstelling van de Vrije Universiteit duidt als volgt: "De universiteit stelt zich ten doel al haar arbeid in gehoorzaamheid aan het evangelie van Jezus Christus te richten op het dienen van God en de wereld."
Nu waren er evenwel personen, gegadigden voor de universiteitsraad, die deze doelstelling, opgevat naar de eenvoudige duidelijke zin daarvan, niet konden aanvaarden. Men heeft toen niet gezegd: dan kunt u, zoals van zelf spreekt ook geen bestuurder daarvan zijn.
Men heeft toen, zoals men dat tegenwoordig graag zegt, naar een "alternatief' gezocht om de weg naar het lidmaatschap van de bestuursraad toch ook voor déze mensen vrij te maken. En dat alternatief heeft men gevenden in een verklaring die men de "danwelverklaring" heeft genoemd. Die verklaring maakt het voor kandidaat-bestuurders mogelijk niet met de genoemde doelstelling in te stemmen. Zij kunnen volstaan met de verklaring van de doelstelling op de hoogte te zijn en "naar de geest ervan" als bestuurslid te zullen handelen, Wat dat "naar de geest ervan" in dit geval voor concrete betekenis heeft wordt enerzijds duidelijk als men zich realiseert dat deze alternatieve verklaring gegeven wordt door mensen die de officiële doelstelling niet kunnen en dus ook niet wilden ondertekenen! En, anderzijds, dat men met die formulering "naar de geest ervan" letterlijk alles kan bedoelen, B.v. dat Jezus een grote Jood is geweest met verheven idealen, of dat "het christendom" grote humanitaire waarden vertegenwoordigt, of dat Jezus een socialist is, of zich zonder meer achter de verdrukten in de wereld plaatst, of dat hij een revolutie van bestaande verhoudingen en structuren predikt enz.
De universiteitsraad besloot nu met 17 tegen 16 stemmen de "dan-wel-verklaring" voor goed te handhaven!
De zaak is hiermede evenwel, zoals ik las, nog niet af. Voor de uitvoering van dit besluit van de universiteitsraad moet namelijk het reglement van de universiteit worden gewijzigd.
En dat kan alleen gebeuren met toestemming van het bestuur van de vereniging waarvan de universiteit uitgaat.
De vraag is nu: wat zal dit bestuur doen?
De V.U. worstelt evenwel met nog een ander probleem, Namelijk dat van die infiltratie van kommunisten in het universitaire leven.
Het is duidelijk geworden dat kommunistische studenten een enorme invloed uitoefenen in het leven van de universiteit.
Dat hoeft niemand te verwonderen. Als in een of ander- organisatie, welke ook, kommunisten indringen, dan is het zonder meer hun opdracht met alle mogelijke middelen daarin invloed te oefenen om ten slotte de macht in handen te krijgen. Dit is het abc van de kommunistische strategie en taktiek.
Er zijn onder die 12000 studenten van de V.U. volgens een artikel in Elseviers-Magazine niet meer dan 135 die als actieve C.P.N.-leden worden beschouwd, Maar deze zijn dan ook ongelofelijk akctief!
De "Studentenraad van de V.U." (de SRVU) die zeventig procent van de V.U.-studenten vertegenwoordigt heeft een bestuur van negen leden. Daarvan zijn er maar liefst zes kommunist! Sinds de invoering van de "Wet Universitaire Bestuurshervorming", als gevolg waarvan die Studentenraad werd gevormd, fungeerden daarin successief vier voorzitters. Deze spelen nu allevier een vooraanstaande rol in het C.P.N.-district Amsterdam.
Het zijn Karell Drexhage, Victor Rutgers, Jeroen Saris, Frans Beekers.
Via de Progressieve Kiesvereniging (PKV) is deze Studentenraad van de V.U. met acht zetels in de bovengenoemde Universiteitsraad vertegenwoordigd, zes ervan worden bezet door kommunisten!
De Raad voor Studentenaangelegenheden heeft voorts een studentenfractie van zeven leden, daarvan zijn er Vlier kommunist!
Volgens Elseviers-Magazine organiseerden drie kaderleden van de Studentenraad op 29 november van het vorige jaar in het combinatlegebouw van de Uilenstede (behorend aan de V.U.) een openbare discussieavond met als spreker Marcus Bakker. Dank zij de medewerking van leden van de Studentenraad van de V.U. hield de C.P.N., district Amsterdam, een openbare vergadering in het gebouw aan de Prins Hendriklaan. Voor deze bijeenkomst was niet de vereiste toestemming van het College van Bestuur gevraagd.
Men kan alleen maar grote bewondering hebben voor de ongelofelijk knappe strategie, tactiek en energie van zon klein groepje kommunisten die het hun mogelijk heeft gemaakt een zo exorbitante invloed binnen de V.U. te veroveren.
Maar tegelijk krijgt men een gevoel van onbehagen - om geen scherper woord te gebruiken - voor de indolente massa die zich zo door kommunisten laten manipuleren. Men spreekt in de gereformeerde wereld in verband met allerlei "linkse" activiteiten vaak van de "zwijgende meerderheid", Het was misschien beter te spreken van de "onverschillige meerderheid"!
Moet in deze gang van zaken het gevolg worden gezien van het ontbreken van het alles beheersende in het leven van een christen, dat in huis en op de middelbare scholen niet (meer) wordt gekend en geleerd?
Onder het bekende, afgesleten en hypocriete voorwendsel van een strijd te voeren voor de realisatie van de democratie in de V.U., voeren die kommunisten ook daar hun strijd om de macht. Maar als er ooit "een moord op het woord" gepleegd is dan is dat wel geschied in het kommunistische gebruik van het woord "democratie". De bekende socialist Sohurnpeter schreef eens dat de "volksdemocratie" van het kommunisme een grotere poppenkast is dan ooit onder kapitalistisch bewind is geweest!
Die kommunistische democratie is in een staat niet een dictatuur van het proletariaat maar voluit de keiharde dictatuur over het proletariaat.
En in de partij is het de dictatuur van een élite!
Op de communisten is een bekend woord van Veuillot van toepassing - hij was een fanatieke rooms-katholiek - dit woord namelijk: Zolang wij in de minderheid zijn eisen wij vrijheid op grond van UW beginselen, maar zodra wij in de meerderheid zijn onthouden wij u die op grond van ONZE beginselen.
Het moet voor iedere onbevangen beoordelaar duidelijk zijn dat het werken overeenkomstig de doelstelling om de V.U. en het kommunist, zijn elkaar radikaal en rotaal uitsluiten.
In de C.P.N.-Statuten leest men de zins nee die in de statuten van, alle kommunistische partijen te vinden is, nl. dat "Godsdienstige overtuiging of Iidmaatschap van een kerk geen beletsel zijn voor het lidmaatschap van de Partij". Maar deze uitspraak wordt volkomen uitgehold, ja, zinloos gemaakt door wat daar onmiddellijk op volgt, dit namelijk: "De Partij staat de leden echter niet toe propaganda, welke tegen haar ideologische grondslagen is gericht, te maken." Want volgens Marx en Lenin is de beschouwing dat elke religie een "opium van het volk" is de hoeksteen (Eckpfeiler) van het marxisme!
En wat de democratie in de partij betreft: dat is het "democratisch centralisme". Het wordt zo geformuleerd: "Nadat door de betrokken instanties de discussie is gesloten en de besluiten zijn genomen, moeten zij onvoorwaardelijk (!!) door de leden van die Partij worden uitgevoerd. Ook door hen die het er niet mee eens zijn". Wie die uitgestippelde partijlijn niet volgt wordt geëxcommuniseerd.
Intussen hebben meer dan 200 a1lgestudeerden van de V.U., meer dan 300 leden van die wetenschappelijke staf en een 2000 studenten zich uitgesproken vóór de toelating van communisten in de bestuursinstanties van de V.U.
Toen ik dat alles gelezen had dacht ik aan een bekend woord van Lenin, dit: "Eerst zullen we Oost-Europa zien te krijgen, dan de massa's van, Azië en ten slotte zullen we de Verenigde Staten insluiten, die het laatste bastion van het kapitalisme zullen vormen.
We zullen er niet voor hoeven te vechten, want het zal ons als een overrijpe vrucht in handen vallen. We moeten ons verzekeren van de medewerking van onderwijzers, leraren in de scholen en aan de universiteiten, van luchthartige predikanten, pacifisten en wereldhervormers om zo een bepaalde geestesgesteldheid in de gedachtengang van de kapitalistische jeugd op te roepen, die hen er voor altijd van zal weerhouden deel te nemen aan een bloedig conflict met de zaak van het kommunisme."
De kommunistische studenten aan de V.U. handelen trouw naar dit woord van Lenin.
En blijkbaar met veel succes!
De cijfers liegen er niet om!