UIT EEN BISDOM
1978-08-18
Sittard, 29 mei 1978- Jaargang 22
- nummer 30
Verkiezingen
Nooit heb ik het gevoel gehad in een bisdom te wonen, totdat ik voor enkele jaren in Limburg kwam te wonen.
Of een mens het wil of niet, je merkt het: je woont in een bisdom.
Het bisdom Roermond. Mijn vorige woonplaats (Langerak Z.H.) zal wel behoord hebben tot het bisdom Rotterdam, maar daar merkte je niets van. Hier is dat anders. Het is niet mogelijk hier te wonen zonder te weten dat de bisschop van de R.K.-kerkprovincie dr Gijsen is.
Gisteren was het zondag. Ik moest 's middags preken in Maastricht over zondag 24 van de oude Heidelberger.
Hier dierbaarder dan waar ook. In deze tijd kostbaarder dan ooit. Bij de voorbereiding van de preek had ik me weer eens verdiept in het geschil tussen Rome en Reformatie over de rechtvaardiging zonder de werken, door het geloof alleen, èn me herinnerd dat ook het tweede Vaticaans concilie was geopend door Johannes XXIII met alle vervloekingen van Trente. Alle, ondanks protestantse warhoofden, die nog van mening zijn dat er wat veranderd is sedert Vaticanum II en ondanks ook Rooms-Katholieke warhoofden, die zo graag denken dat er iets veranderd is en dan in de moeilijkheden komen als ze tegen een bisschop opbotsen die zegt 'nee, maar daar weet ik niets van'.
Nu op de zondag van de 24ste afdeling van de Heidelberger in de gemeente van Maastricht, cirkelde er boven Sittard een reclamevliegtuigje met de opwekking op het CDA te stemmen voor de nieuwe gemeenteraad van Sittard. Nu was ik dat al wel van plan. De PvdA heeft me nl. opgewekt op de progressieven (wat zou dat woord nu eigenlijk betekenen?) te stemmen. Ze zouden de meerderheid kunnen halen. Mijn afkeer van progressief gedram is wel zo groot, dat toen ik las dat de mogelijkheid er was voor een progressieve meerderheid, ik besloot te gaan stemmen en dan maar op de belangrijkste concurrent van de PvdA. De PvdA als minderheidsgroep in ons land is al walgelijk van de machtsarrogantie.
Wat zou dat wel een onverdraaglijke situatie worden als ze ooit de meerderheid zouden halen! Dus zonder enig enthousiasme en om een zuiver politieke overweging had ik besloten op het CDA te stemmen.
Maar: wat is het CDA nu eigenlijk?
En: moet ik nu gaan stemmen op een partij, waarvan een deel vóór zondag 23 en 24 is en een ander deel er helemaal tegen, als goede humanisten?
En moet ik nu gaan stemmen op een partij, die een aanslag pleegt op mijn rust op de zondagmiddag?
Voor de preek. En een aanslag op de rust van alle zieken en vermoeiden?
Maar ja, je woont in een bisdom en dat zet een stempel, ook op de straat.
De feesten worden graag gehouden op zaterdag en van zaterdag op zondag.
Het carnaval wordt gevierd. En denk dan maar niet dat het dan rustig is op zondag. De politiek is ook een soort carnaval. Het gemeenschappelijke is in ieder geval de factor lawaai.
Zal ik nog wel op het CDA stemmen?
AI mijn instincten gaan er tegen in.
Ook zondag 24 van de H. Catechismus.
Maar ja, de PvdA aan de macht laten? Dat gaat ook in tegen zondag 24 en nog een paar en dàn: kun je zo iets doen als je nog gesteld bent op een parlementaire democratie? Ja leven in een bisdom geeft zelfs bij gemeenteraadsverkiezingen zo zijn moeilijkheden.
In Langerak (Z.H.) was dat makkelijker.
Daar maakte men in ieder geval voor de gemeenteraadsverkiezingen geen propaganda op zondag.
Trouwens ook door de week nauwelijks en in ieder geval niet lawaaig.
Ik hield daar wel van. Vooral geen drukte.
Dr Gijsen
Het wonen in een bisdom was, niet zo lang geleden, te merken aan de verspreiding van een brochure geschreven door drie leden van de orde van de franciscanen: de paters Dieteren, Lohuis en Tesser. Het bericht van deze gebeurtenis was zelfs in ons eigenste ‘Opbouw’ te lezen.
Was voordat ik in Limburg kwam een franciscaan iemand uit een liedje van Sonneveld (u weet wel Wim) hier heb ik er werkelijk één onmoet. En drie richten zich nu tot alle inwoners van het bisdom Roermond. Daar hoor ik ook bij. De brochure is in heel Limburg verspreid in een oplage van 400.000 exemplaren en de NRC weet te berichten van een herdruk en van vertalingen in het Frans en Engels. Er is dus echt wel iets aan de hand in Limburgs dierbaar oord.
Er moet heel wat geld mee gemoeid zijn. Dat deed een andere franciscaan al verontruste vragen stellen over de herkomst van het kapitaal. En de NRC maakte ervan dat hij veronderstelde dat er duistere banden waren tussen de drie en ‘het’ kapitaal. Naar het bekende recept van het neomarxisme: ‘mensen, noem elkaar geen mietje, eenmaal weten we het allemaal / het is de schuld van het kapitaal’. Deze franciscaan is van een ander soort dan de drie van Roermond. En de minderbroeders gaan blijkbaar op een gelijke wijze met elkaar om als vele protestanten. Veel nieuws onder de zon is er niet.
De brochure is getiteld ‘waarheid over een moedig bisschop’ en is een apologie voor het werk en optreden van mgr Gijsen, de bisschop van Roermond.
De benoeming van Gijsen als bisschop van Roermond is van het begin aan een omstreden zaak geweest. En zijn optreden is niet minder omstreden. Er waren nogal wat tegenstanders zowel hier in het bisdom als in heel Nederland. Men voelde en voelt de benoeming van dr Gijsen tot bisschop als een afkeuring van het beleid, dat gevoerd was door kardinaal Alfrink, de aartsbisschop van Utrecht, en zijn medestanders. Die afkeuring zal er inderdaad wel ingezeten hebben.
Gijsen werd gewijd in Rome en Alfrink moest ontboden worden om daarbij te zijn. En hij ging. Want hij is rooms.
Het is nog niet zo lang geleden dat de paus, Paulus VI, tijdens een openbare audiëntie uitsprak dat bisschop Gijsen voor een herleving in het bisdom had gezorgd. En zo iets wordt in het verpolitiekte Rome natuurlijk wel met opzet in het openbaar gezegd.
Dat kunnen de andere bisschoppen van Nederland in hun zak steken.
Trouwens al eerder, tijdens het gezamenlijk bezoek van de Nedetlandse bisschoppen aan de bisschop van Rome, was de kritiek ook al wel duidelijk te horen. De huidige kardinaal heeft dat wel niet willen toegeven.
Blijkbaar een even slecht verliezer als de PvdA. Zo iets is een duidelijk menselijk verschijnsel. En of je nu Den Uyl heet en gereformeerd geweest of Willebrand heet en rooms bent, dat maakt blijkbaar geen verschil.
Nederlands misvormd katholicisme
Het bovenstaande grapje is niet van mij, maar van de drie paters franciscanen.
Een duidelijke herinnering aan de Nederlands Hervormde kerk. Niet zo erg fijnzinnig, maar wel heel duidelijk als typering, in hun mond, van de huidige toestand van de R.K.-kerkprovincie. Misvormd katholicisme. Dat kunnen de andere bisschoppen, met uitzondering van dr Simonis, in hun zak steken.
De aanleiding tot het schrijven van de brochure was een conflict over de missie en met name over dat wat wij zouden noemen de ‘hulpdiensten’. De hulp die in materieel opzicht naar de missievelden gaat. Er bestaat een bisschoppelijke vastenactie. De B.V.A. genoemd. Niet C.D.A., maar B.V.A. Ene pater Nelen wees de richtlijnen af van de bisschop van Roermond. Deze pater was de secretaris van het bisschoppelijke missiebureau. Hij werd ontslagen. Nogal voor de hand liggend, zeg je als eenvoudige toeschouwer. Want je bent Rooms of je bent het niet. Opstand tegen een bisschop dat kan natuurlijk niet. Zeker niet tegen een bisschop, die zo kennelijk de goedkeuring van de paus heeft. Pater Nelen stichtte een eigen missiebureau. En dan het meest gekke: de secretarissen voor de missie van de bisschoppen van Utrecht, Groningen, Haarlem, Breda en Den Bosch, lieten publiek weten dat zij besloten hadden “achter het werk van pater Nelen te staan.” De bisschop van Rotterdam deed blijkbaar anders.
Daarmee is het conflict geworden tot een conflict tussen bisschoppen onderling. Dit conflict is niet zo interessant wat betreft de machinaties eraan verbonden. Wel is voor ons belangwekkend dat het in dat conflict kennelijk om meer ging dan om een bepaalde actie. Volgens de schrijvers van de brochure gaat het over de plaats van het Evangelie in het ontwikkelingswerk. Pater Nelen met zijn collega’s zijn blijkbaar van mening dat ontwikkelingshulp ‘neutraal’ is. Waarin ze natuurlijk ongelijk hebben. De schrijvers van de brochure citeren uit de bisschoppenconferentie van Kenya in 1976. Daarin wordt geklaagd dat er voor alle mogelijke zaken wel steun te verkrijgen is, maar moeilijk voorhet directe werk van de Evangelieverbreiding.
De B.V.A. schoot al voor het conflict rond Limburg ernstig tekort door het verwaarlozen van de eerste taak.
Mgr Gijsen had in 1974 dan ook al geschreven "indien men sommige missiologen wil geloven, zou voortaan alle aandacht moeten gaan naar de ontwikkeling en zou de evangelisatie eerder een overblijfsel zijn van de koloniale regimes". Gezien de vele materialistische opvattingen in deze wereld is zo iets zeer waarschijnlijk.
Meer en meer gaat de gedachte leven dat, als de omstandigheden maar gunstig zijn, dan de mens ook verandert. De schuld van de zonde ligt in de maatschappij, als men sommige lieden zou willen geloven. Dat de Bijbel dat weerspreekt is heel duidelijk.
Dat de kerkgeschiedenis het óók weerspreekt is eveneens duidelijk.
De zaken, die aan de orde zijn tussen Mgr Gijsen en andere Roomskatholieken zijn dan ook geen zaken die ons niet raken. In feite worden we met dezelfde verschijnselen geconfronteerd.
Het conflict in Limburg was 'toevallig'.
Het had net zo goed over iets anders kunnen losbreken.
Media
De schrijvers klagen dat er een verkeerd beeld gegeven wordt van dr Gijsen in de media. Dit is iets moeilijker te beoordelen voor een buitenstaander.
De tegenstanders van Gijsen vinden 'pers, radio en televisie aan hun kant en ieder die zg. met zijn tijd wil meegaan'. Daar zit wel iets in. Je kunt je het weekblad "De Tijd" niet voorstellen als verdediger van mgr Gijsen. Een dagblad die dat zou willen doen, bestaat ook niet. En de KRO zal er ook wel niets voor voelen.
Wat dat betreft zal Gijsen wel in hetzelfde hoekje zitten als de protestantse orthodoxie. Wel zeer verwonderd sámen in dat hoekje te zitten. De protestantse orthodoxie heeft van Trouwen de NCRV ook niets te verwachten.
Maar protestanten, altijd iets voorlijker dan Rooms-Katholieken (dat noemen ze hier hollandse verwaandheid) hebben een eigen omroep en eigen bladen gesticht. Als mgr Gijsen inderdaad voor een réveil heeft gezorgd binnen het katholicisme, dan zou dat natuurlijk ook een manier zijn.
De paus
De paus kiest de kant van de bisschop van Roermond. Dat is onweersprekelijk.
Eigenlijk is het heel merkwaardig dat daarmee de zaak niet beslecht is. Want het kenmerk van een Roomskatholiek is toch wel dat hij zich wat gelegen laat aan de bisschop van Rome. Als men dat niet meer doet, zou het eerlijk zijn zichzelf ook niet meer Rooms-katholiek te noemen.
Want hoe dwaas de theologische fundering van het primaat van de bisschop van Rome ook is, het is wel een kenmerk van de R.K.-kerk. Om niet te zeggen: het enige kenmerk.
En als je zegt 'wat heb ik met Rome te maken', dan ben je een protestant.
Een geus zeggen ze hier vlak over de grens, in Belgisch Limburg, waar ze ook zingen van het bronsgroen eikenhout.
De tegenstanders van Gijsen zeggen dan wel dat Paulus VI een oud man is. Maar dat is bizonder kinderachtig.
Hij is oud. Maar Johannes XXIII was ook oud. En al ben je oud, daarom behoef je nog niet een dwaas te zijn.
Het is een veel gevolgde methode om zich aan de klem van de mening van mensen te onttrekken, als ze oud zijn.
Dan gebruik je hun oud zijn als argument. Maar het is wel een bewijs van gebrek aan argumenten om de leeftijd als argument hetzij pro, hetzij contra te gebruiken.
En laat ook niemand denken dat er verschil was tussen de vorige paus en de huidige, wat de principiële zaken betreft. Dat verschil is er niet.
Trouwens de protestantse euforie over Johannes XXIII heb ik evenmin kunnen begrijpen als de euforie over president Kennedy. Johannes XXIII was een vriend van von Papen. Nu, vrienden van von Papen, wat moet je daarvan denken? Ik houd niet van ze.
Deze paus bezocht de wereldraad van kerken in Genève en zei 'mijn naam is Petrus'. Niet erg tactvol, maar geheel in overeenstemming met de leer van de R.K.-kerk en met de mening van Johannes XXIII.
Heidelberg
Wie zich aan een ander spiegelt, spiegelt zich zacht. Laten we ons hoeden voor alle machtaanspraken in de kerk.
Goddank: de apostelen hebben geen opvolgers. Ze kunnen dat niet hebben.
Het eerste kenmerk van een apostel is wel dat hij door Jezus Christus Zelf, zonder tussenkomst van een ander, gekozen is. Gewone exegese brengt dat wel aan het licht.
Maar al hebben we geen apostolische stoel, we hebben wel het apostolische woord. Het apostolische woord leert ons de vrijspraak van de zondaar zonder de werken, alleen door het geloof. Zondag 23 van de H.C. Als Karl Barth aan het einde is van zijn behandeling van dit onderdeel van zijn dogmatiek, die afschuwelijk lange en dikke, dan drukt hij zeer terecht zondag 23 van de H. Catechismus af.
Dat zegt inderdaad voldoende.
In Maastricht staat het gebouw van de Waalse kerk, waar gepredikt wordt over de zondagen 23 en 24 van de H.C., tegenover een oude kerk van de Minderbroeders. De plaatsing is haast symbolisch. Want al is mijn indruk dat de drie minderbroeders gelijk hebben in hun verdediging van mgr Gijsen, ze hebben wel gelijk in hun ongelijk. En hun ongelijk is het oude geschil tussen Rome en de Reformatoren.
Korrespondentie over deze rubriek naar: A. W. Biersteker, Fazantenkamp 526, Maarssen (03465-65358)