Israël en de Messiasverwachting
1978-10-13
Numeri – getallen- Jaargang 22
- nummer 38
Wie Israël heeft gezien, en daarmee de Israëli's, moet niet denken dat hij nu het hele joodse volk heeft ontmoet, hoe bont en veelkleurig deze bevolking ook is. Ter illustratie geef ik een bericht door van het Ned. Dagblad van 20 febr. 1978.
De kop luidt: "In de V.S. wonen meer Joden dan in Israël", waarna het volgende staat vermeld: "In de Verenigde Staten wonen 5.775.935 Joden. Deze bevolkingsgroep is groter dan in Israël, waar 3.059.000 Joden wonen.
De grootste concentratie van Joden heeft het gebied van New York, 1.998.000, gevolgd door Los Angeles met 450.000, Philadelphia J':;O.OOO,Chicago 253.000 en Miami '225.000.
Deze cijfers zijn gepubliceerd in een uitgave van het Amerikaanse Joodse jaarboek. Daarin staat verder dat de totale Joodse wereldbevolking vorig jaar met 115.000 personen is gegroeid tot naar schatting j 4.250.525. Daarvan woont 2Q procent in Europa. Naast de Verenigde Staten en Israël zijn de Sowjet-Unie (2.678.000), Frankrijk (650.000), Engeland (410.000), Canada (305.000) en Argentinië (300.000)de landen met de meeste Joden."
Kennismaking
Wie over die groep van bijna twee miljoen Joden in en rond New York iets wil lezen kan terecht bij Chaim Potok. Deze meesterschrijver heeft "van binnen uit", als insider, de leef- en denkwereld van de daar gevestigde Joden onnavolgbaar in roman-vorm geschilderd.
Zien veel schrijvers geen kans hun eersteling te evenaren, laat staan te overtreffen, Chaim Potok legt je vier hoeken voor, waarvan ik met geen mogelijkheid de rangorde zou kunnen aangeven als het gaat om kwaliteit en kunstenaarschap. Wel zou ik de volgorde, waarin ze m.i.
het beste kunnen worden gelezen, willen aangeven. Te weten: "The Chosen" (de verkorene), "The Promise"
(de belofte), "In the Beginning"
(in den beginne) en "My name is Asher Lev", waarvan helaas alleen de laatste in nederlandse
vertaling is verschenen, onder de titel "Mijn naam is Asher Lev" (bij uitgeverij Strengholt, Naarden).
De engelse edities zijn aanvankelijk als pocket verschenen in de Penguin-serie, maar zijn daarin niet allemaal meer verkrijgbaar.
Merendeels zijn ze nu ook verkrijgbaar (als pocket) in de reeks Fawcett Crest Books.
Schrift en traditie
Waardevol zijn deze boeken ook, omdat ze tegelijk een schat aan informatie verschaffen met betrekking tot het joodse religieuze denken en handelen. Onvermijdelijk worden daarbij een aantal "technische termen" betreffende de joodse liturgie en andere zaken genoemd, maar dat behoeft voor niemand een bezwaar te zijn: vroeg of laat worden ze allemaal omschreven, uitgelegd, vertaald.
Wie bedenkt, dat juist in joodsorthodoxe kringen de traditie alle eeuwen door onvoorstelbaar sterk is geweest, begrijpt dat deze boeken zijdelings nuttige hulpmiddelen zijn voor het zich inleven in en voor het verstaan van de denktrant van vroege en late "schriftgeleerden".
Zelfs de naam van Paulus' leermeester, Gamaliël, zult u erin tegenkomen. En het respect voor wat "de ouden" gezegd hebben is nog steeds ongemeen groot.
Datzelfde geldt uiteraard ook voor de thorah. Het zal niemand verbazen, dat men het probleem, zo u wilt het gevaar van de schriftkritiek kent en onderkent. Voor sommigen is zelfs tekstkritiek (verbetering van de bijbeltekst op grond van vergelijking van verschillende handschriften al heiligschennis: geen jota of tittel, zeg maar geen punt of komma mag worden veranderd.
Onze problemen zijn blijkbaar niet alleen ónze problemen.
Ze leven ook in de joodse religieuze wereld. En de strijd is er niet minder heftig: men schrikt er niet voor terug het middel van de ban te gebruiken, wanneer getwijfeld wordt aan iemands "orthodoxie". Eigenlijk zou je, volgens Buber, moeten spreken van orthopraxie. De verschillen betreffen niet zozeer de leer (- doxie) als wel de handel en wandel (- praxie). Naast de thorah kennen de Joden de halachah (lett. de wandel), het gewoonterecht vooral m.b.t. de tien geboden, de offerdienst en de religieuze gebruiken.
Het enorme complex van de halachah heeft gelijk gezag als de thorah (vgl. de verhouding tussen Schrift en traditie in de R.K. kerk).
Het verschil tussen een orthodoxe en een liberale Jood, hoorde ik dr H. v. Praag uitleggen, is dat de laatste een vrijere opvatting heeft inzake het nakomen van allerhande religieuze gebruiken en symbolen.
Stichting van de staat
Interessant - en meer dan dat is het te lezen, dat in sommige ultra-orthodoxe kringen een hevig verzet bestond tegen de stichting van de joodse staat Israël. Het noemen alleen al van de Zionistische beweging was niet minder dan een vloek, een blasphemie, een godslasterlijke profanisering van de beloften van "the Master of the Universe" , de Heer van het Heelal.
Een staat waarin Jeruzalem niet echt de heilige stad is, een staat waarin niet ieder nauwgezet volgens de Thorah leeft is een caricatuur van Gods beloften en een verloochening van het bloed der tallozen die met hun lijf en leven de thorah hebben verdedigd.
Voorzover ik weet, is deze houding gewijzigd sinds de staat Israël een feit is geworden. Anderzijds laat zich gemakkelijk begrijpen, waarom de betrekkelijk kleine ultra-orthodoxe kringen in Israël zo'n grote invloed hebben. Om een voorbeeld te noemen: de sabbath wordt in Israël gevierd (vieren in de nietversleten betekenis van het woord).
Maar dat betekent wel, dat al het openbaar vervoer op sabbath stilligt en niet eerder weer op gang komt dan nadat aan de avondhemel vijf sterren zichtbaar zijn. Vijf: er mag geen spoor van twijfel zijn dat de avond is gevallen en daarmee de nieuwe dag is aangebroken.
Daar zal, met name in Jeruzalem, niemand de hand mee lichten.
Traditie en geschiedsbeschouwing
Een en ander hangt nauw samen met Israëls messiaanse verwachting.
Je zou kunnen zeggen: het joodse bestaan is één schreeuw om de komst van de Messias. Al het lijden, alle ellende alle eeuwen door is alleen draaglijk in het licht van de verwachte komst. Dr H. van Praag vestigde er de aandacht op dat het joodse volkslied niet voor niets heet hatikvah (de hoop). Weliswaar stamt het uit een tijd waarin de stichting van de staat nog de hoop van velen was. Maar het is veelzeggend, dat desondanks dit lied hèt volkslied bij uitstek blijft.
Israël blijft zich uitstrekken naar de toekomst.
Daarmee is tevens gezegd (opnieuw citeer ik dr H. v. Praag), dat het joodse denken over de geschiedenis niet syclisch (een gevangen zijn in een eeuwig durende cirkelgang van gebeurtenissen) is, i.t.t. de oosterse geschiedbeschouwing in het algemeen.
Men is zich terdege bewust van een toekomst waar naartoe wordt geleefd.
Omgekeerd is er ook een sterke band met het verleden. Niet voor niets kennen zovelen hun geslachtsregister en niet voor niets nemen geslachtsregisters in de thorah zo'n belangrijke plaats in. Er is een sterke verbondenheid met het voorgeslacht. Ook dat is een facet van leven in het verbond.
Mee daarom heeft men zo'n groot respect voor "de ouden" en voor "wat door de ouden gezegd is": de traditie. Ieder is een schakel in de keten van het verleden naar de toekomst, men weet zich opgenomen in de geschiedenis. Waarom is het vermoorden van een jood het vermoorden van de mensheid? Omdat niet alleen die jood, maar tevens zijn niet te tellen nakroost wordt omgebracht, luidt het veelzeggende antwoord ...
Messias, olie of nog iets anders?
Israël rekt zich naar de komst van de Messias. Zijn liturgie geeft daar op ontroerende wijze vorm aan.
Maar die verwachting vind je ook terug in een heel alledaagse entourage.
Toen Jeruzalems burgemeester (blijkens een t.v.-uitzending begin van dit jaar) een vergunning verleende tot het bouwen van een huis voor een reeds lang gestorven jood (deze had testamentair bepaald, dat hij een huis in Jeruzalem wilde bezitten tot de Messias zou zijn gekomen), verzuchtte de burgervader: ... moge de Messias spoedig komen, dan kan hij gelijk mijn problemen overnemen en oplossen!
Je zult ook maar bestuurder zijn van een stad waarin tenminste drie religies tegenover elkaar staan in een menselijkerwijs onoplosbaar conflict!
Soms krijg je zelfs 't idee, dat het vinden van olie in de woestijn even belangrijk is als de komst van de Messias. Olie of de Messias 't is wat cru gezegd en 't lijkt profaan.
Maar 't gaat in beide gevallen om de levenskansen van de Jood ...
Voor sommigen is trouwens het hele dilemma fout. De Messias moet niet nog komen. Nee, Israël zelf - als volk - is de Messias, is de eeuwen door de lijdende knecht des HEREN. Maar daarover graag een volgende keer.