Liefdesverklaring

2012-10-26
  • Jaargang 56
  • nummer 21
Ik heb nogal eens gemopperd op de kerk maar ondanks alles schrijf ik deze liefdesverklaring.
Ik ben dankbaar dat ik geboren ben in een christelijk gezin en dat mijn ouders mij de Heer voorleefden; dat ik gedoopt werd en belijdenis mocht doen; dat ik een teken kreeg en brood voor onderweg. Ik vind het zo waardevol dat mij duidelijk gemaakt werd wat het verbond met God inhoudt: dat God vóór je is en je toekomst zeker. Je vaart met een schip vol gelovigen naar je bestemming en niets kan je gebeuren als je maar veilig aan boord blijft en je toevertrouwt aan de Vader.
Ik heb veel van Gods Woord geleerd in de kerk.
Ik ben ook dankbaar omdat de kerk me vaak in verrukking bracht door de warme en geruststellende taal van God.
Dat ik overeind geholpen werd als ik haast niet op de been kon blijven.
Ik ben blij dat ik een schakeltje ben in een eindeloos lange keten van gelovigen die voor mij leefden en die na mij komen.
Wat een wonder, die kerk van alle eeuwen, wat een wonder dat Christus niet ophoudt zijn kerk te vergaderen.
Wat bijzonder ook dat ik dezelfde psalmen zing als velen, velen voor mij. Ik zing: ‘Geloofd zij God met diepst ontzag’ met wie weet hoeveel mensen voor mij.

Ik schreef een keer:

Toen ik uit de kerk kwam
liep ik met mijn hoofd in de wolken
lichtvoetig over de straten.
In woorden van vandaag
hoorde ik klanken van morgen.

Ik denk met warme gevoelens over de kerk omdat ik er zo veel goede vrienden vond en zo veel stimulansen kreeg.
Ook omdat de kerk me leerde geven: aandacht voor anderen, dichtbij en veraf. Ik dank de kerk die mij duidelijk maakte dat geld en bezit gaven van de Heer zijn waarvan je Hem terug mag geven.
En met nog veel meer ben ik blij.

Kees van Baardewijk is gepensioneerd godsdienstleraar en lid van de NGK van Apeldoorn.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief