Jezus en de Samaritanen (3) - Waar zijn de negen anderen?

2005-04-08
  • Jaargang 49
  • nummer 7
Ontmoeting en gebed
Het gaat dit keer over melaatsheid, God loven en een 'vreemdeling' die ons daarin voorgaat. Misschien goed om eens na te gaan welke plaats het loven van God in je leven inneemt. Op wat voor manier heeft dat een plaats in je leven? Of beperkt zich dat alleen tot de samenkomsten op zondag of de bijbelkring? Hoe zou je dit meer vorm kunnen geven?

Bezinning vanuit de bijbel
• Lees Lukas 17:11-19. Nog steeds is Jezus vanuit het noorden met zijn discipelen op weg naar zijn verzoeningswerk in Jeruzalem. Nu mijdt Hij een mogelijk conflict , en trekt Hij langs de grensstrook van Galilea en Samaria. Hij trekt ten oosten van de Jordaan naar het zuiden.
Tien melaatsen komen Hem tegemoet: negen Joden en één Samaritaan. Ellende kan kennelijk verbroederen. Ken je zelf ook voorbeelden, dat deze 'wet' opgaat?
• In hun nood roepen deze tien tot Jezus. Het bijzondere in hun aanroep is, dat ze beseffen dat ze op medelijden en genade aangewezen zijn. Ze weten zich afhankelijk van God. Ook daarin zijn ze spiegel voor gezonde mensen. Je proeft het soms ook in ziekenhuizen. Zoals zij afhankelijk zijn van de zorg van anderen, zo zijn we allemaal afhankelijk van de Ander.
• Hoe reageert Jezus op hun verlangen? Wat geeft Hij hiermee impliciet aan? Bedenk hierbij dat een priester niet de mogelijkheid had om iemand te reinigen of te genezen. Zijn taak was alleen te constateren of de vloek weggenomen was.
• Het wonder was dat alle tien inderdaad naar de tempel in Jeruzalem gingen. Onderweg gebeurt een tweede wonder: allen worden gaandeweg gereinigd! En één keert terug naar Jezus: meer dan is de tempel is hier! En die ene was een Samaritaan. Een man opgevoed in een verkeerde traditie. Weer dringt zich de vraag op: zou die ene vandaag misschien een moslim kunnen zijn?

Slot
Het is in de evangeliën niet de eerste en de laatste keer, dat een 'vreemde' Gods volk voorgaat. Hoe komt het toch dat Gods eigen kinderen het zo vaak af laten weten?
Zing met elkaar gezang 71 uit het Liedboek voor de kerken, en zoek vervolgens allemaal een lied uit om God te loven. Vertel elkaar waarom je juist dit lied uitgekozen hebt.

Melaatsheid in de bijbel
Voor een goed begrip van wat melaatsheid in de bijbel betekent een paar opmerkingen:
1. Melaatsheid is niet zonder meer hetzelfde als lepra. De in Leviticus 13 en 14 beschreven symptomen houden het midden tussen huidziekte, eczeem en lepra. Vandaar 'huidvraat' in de NBV.
2. Een melaatse was niet primair ziek, maar onrein of vervloekt. Denk aan Mirjam, Gehazi en Uzzia, die rechtstreeks ingingen tegen de HERE en zijn dienaren. De HERE distantieerde zich hiervan door hen op een afstand te zetten. Het verbod om in de stad te komen was niet ingegeven door besmettingsgevaar, maar door ontzag voor de tucht van God onder zijn volk.
3. De melaatse moest bij het contact met andere mensen roepen: 'Onrein, onrein!' Dat functioneerde ook als een spiegel: mensen, zó staan wij er tegenover de HERE allemaal voor. De verticale werkelijkheid werd horizontaal zichtbaar.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief