Op de man af*
1975-02-28
- Jaargang 19
- nummer 9
Verbaast ook U er zich wel eens over, dat er zich in de wereld van nu zoveel problemen tegelijkertijd aandienen? - En dat zijn dan bovendien problemen, waar we een jaar of tien geleden nog nauwelijks benul van hadden.
vooral op het vlak van de economische problemen is het een indrukwekkende rij: denkt U maar aan de huidige economische wereld-crisis, aan de wereldinflatie en aan de nu al voorspelde wereldhongersnoden in de jaren tachtig, aan de oprakende grondstoffen- en energievoorraden, aan de toenemende bedreiging van het wereldlevensmilieu.
Juist die veelheid van problemen is het, die zo gemakkelijk moedeloos maakt, of je er toe brengt al die problemen eenvoudig te negeren, je schouders op te halen, en gewoon verder te gaan. Tenslotte, zo zeggen we dan, moeten de knappe koppen de oplossing maar zien te vinden, en de politici maar ze met elkaar proberen uit te voeren. Het zijn tenslotte hun problemen.
Juist vanuit de Bijbel gezien waag ik dat openlijk te betwisten.
Niet, omdat ik zou willen gaan betogen, dat we allemaal economische experts zouden moeten worden of ons onmiddellijk in de politiek zouden moeten storten. Daar gaat het .niet om.
'Vaar het mij vanmorgen wel om gaat, is dat wij allemaal, U en ik, zullen moeten beseffen dat ook zulke wereldproblemen niet buiten onze eigen persoonlijke toedoen om gaan, en dat ze evenmin omgaan buiten de boodschap van de Bijbel zelf. Anders gezegd: als wij denken zulke problemen te kunnen ontvluchten door ons met behulp van de Bijbel alleen om onze persoonlijke redding te bekommeren, dan doen we èn onszelf, èn de wereld, èn de Bijbel tekort. Onze manier van Bijbellezen is vaak te uitsluitend op onszelf betrokken en te weinig op de wereld waarin we leven.
Mag ik een paar voorbeelden geven? Wanneer in de Bijbel Paulus de woorden neerschrijft, dat zij die rijk willen worden, in vele strikken terecht zullen komen en het slachtoffer worden van hun eigen schadelijke begeerte, dan heeft dat niet alleen betekenis voor mensen afzonderlijk, maar ook voor volken, voor samenlevingen. Als de westerse samenleving alles op de kaart zet van het rijk willen worden, zal het daarvan ook de gevolgen moeten accepteren. Gevolgen die wijzen op ons vasthaken in strikken, zoals de strik van een niet aflatende druk om te consumeren en te begeren. Maar ook gevolgen die niet losstaan van de problemen die we nu om ons heen zien, b.v. in de wereldinflatie en dat van de vernietiging van ons milieu. En wanneer - om een tweede voorbeeld te geven - Jezus het in een van zijn gelijkenissen heeft over dienstknechten die elkaar beginnen te slaan, wanneer hun Heer niet zo spoedig terugkomt als ze dachten - dan heeft dat niet alleen met ons kleine persoonlijke leven, maar ook met het samenleven van volkeren te maken.
Of denkt U, dat Christus wanneer Hij als Heer terugkomt, dat het Hem onverschillig zou laten, wat wij als rijke westerse landen met onze mededienstknechten, de ontwikkelingslanden, hebben gedaan? Wanneer wij wèl hun grondstoffen willen weghalen, maar hen in tijden van voedselnood niet of nauwelijks te hulp willen komen, dan is dat het slaan van mededienaren van eenzelfde Heer. De economische problemen van vandaag en morgen zouden wel eens tekenen aan ONZE wand kunnen zijn; het HERE, HERE, kunnen vormen van de dagen ONZER jaren.
*) Een vijf-minuten-toespraak voor de NCRV-microfoon, 27 januari 1975.