Lijden zonder aanwijsbare oorzaak
1975-03-21
We zien het in het leven van Job.- Jaargang 19
- nummer 12
Job was een man oprecht en vroom, godvrezende en wijkende van het kwaad, Dit loffelijk getuigenis kan maar niet zonder meer van ieder kind van de HERE gegeven worden.
Toen hij in zijn leven zwaar bezocht en met een vreselijke ziekte geplaagd werd, kwam zijn vroomheid en godsvrucht ook daarin uit, dat hij een beroep kon doen op Gods alwetendheid.
Tegenover het kwasi-vrome spreken van zijn drie vrienden mocht hij volhouden dat hij oprecht voor de HERE had geleefd.
Aan die oprechtheid mocht hij blijven vasthouden, ondanks de pogingen van zijn vrienden om hem te overtuigen, dat zijn zware lijden toch een bepaalde óórzaak moest hebben.
God straft toch niet zo maar.
Maar Job kon naar waarheid betuigen (Job 31): Mijn hart is niet verlokt geweest tot een vrouw. Ik heb mijn personeel niet onrechtmatig behandeld. Ik heb het loon van mijn werklieden niet verkort. Ik heb goed gedaan aan armen en verdrukten. Ik heb nooddruftigen met voedsel en kleding geholpen. Ik heb niet op het geld vertrouwd. Ik ben niet verblijd geweest als het mijn vijand slecht ging. En nog zoveel meer.
Jobs lijden was in dit opzicht een lijden zonder oorzaak ..
Zo kan de vernedering, het lijden, de tegenspoed ook in ons leven komen.
Gezegend de mens die in dagen van druk met Job aan zijn oprechtheid mag vasthouden. En niet door zijn consciëntie wordt aangeklaagd, dat er in zijn leven een schadelijke weg was.
Gezegend de mens die met Job zeggen kan: 'Hij wege mij op een zuivere weegschaal, dan zal God mijn onschuld erkennen'.
Die mens mag getroost zijn door de wetenschap, dat er in het leven van Gods kinderen ook een lijden zonder oorzaak kan zijn. Een lijden om het geloof. Een lijden in gemeenschap met Christus. Een lijden als van Job.
Opdat Gods genade zich in ons leven verheerlijken mag tegenover de macht van de duisternis.